Wetenschap op het verkeerde spoor

Magnetisme dat alles kan genezen, oneindige hoeveelheden energie in kraanwater en een zwangere vrouw die konijnen baart. Meerdere malen hebben fraudeurs de wetenschappelijke wereld een poets weten te bakken.

Magnetisme dat alles kan genezen, oneindige hoeveelheden energie in kraanwater en een zwangere vrouw die konijnen baart. Meerdere malen hebben fraudeurs de wetenschappelijke wereld een poets weten te bakken.

Josse/Bridgeman Images

1. Vrouw baarde 17 konijnen

In 1726 kreeg de verloskundige John Howard de verrassing van zijn leven toen zijn patiënt Mary Toft in een paar dagen negen dode konijnen baarde.

Er werden andere artsen bijgeroepen, en in hun aanwezigheid nam het aantal doodgeboren konijnen toe tot 17.

De Engelse koning stelde een onderzoek in naar de vrouw die dode konijnen had gebaard.

© The Stapleton Collection/Bridgeman Images

Het verhaal verspreidde zich als een lopend vuurtje, maar het bleek toch geen medische sensatie:

Mary Toft onthulde na een tijdje dat ze in de hoop op roem en een koninklijk pensioen de konijnen zelf in haar lichaam had gestopt.

Abonnees van The New York Sun lazen tot hun verrassing dat de maan krioelde van het leven.

© Library of Congress

2. Gele maanmensen verkopen kranten

Op 25 augustus 1835 meldde journalist Richard Adams Locke in de krant The New York Sun dat de Britse astronoom John Herschel leven op de maan had gevonden. Door zijn telescoop had Herschel staartloze bevers gezien die in hutten leefden en vuur kenden.

Drie dagen later vestigde de krant een oplagerecord van 19.360 exemplaren met een verhaal over vleermuisachtige mensen met een gele huid.

Christenen waren zich al aan het afvragen hoe ze het woord van God naar dit vleermuisvolk konden brengen, maar toen gaf Locke toe dat hij alles uit zijn duim had gezogen.

Het was een poging de afname van het aantal lezers een halt toe te roepen. En dat lukte: de krant bestond tot 1950, maar Locke was zijn baan kwijt.

Patiënten van Mesmer kregen soms hevige aanvallen tijdens zijn behandelingen.

© Josse/Bridgeman Images

3. Magnetisme hielp tegen alles

De Oostenrijkse arts Franz Mesmer stelde in 1774 dat gezondheid sterk samenhangt met een bepaald magnetisch veld. Mensen die te weinig van dit ‘dierlijke magnetisme’ hebben, worden ziek.

Gelukkig had Mesmer zelf een overvloed aan dierlijk magnetisme, waardoor hij naar eigen zeggen geneeskrachtige gaven had. Door urenlang de arm van een patiënt aan te raken, kon hij deze in een trance brengen, wat volgens hem bijzonder gezond was.

Mesmer voerde massa-healings uit met een groot houten vat met water. Elke patiënt hield een metalen stang vast.

© Archives Charmet/Bridgeman Images

Mesmer verhuisde in 1778 naar Parijs, en al na twee jaar was dierlijk magnetisme zo populair dat hij geen tijd meer had voor individuele consulten. Hij genas grote groepen mensen tegelijk.

Zij moesten een metalen stang in een vat met water vasthouden, dan werden ze van allerlei kwalen verlost: van galstenen tot blindheid.

Ook koningin Marie Antoinette was in de ban van Mesmer, maar wetenschappers in dienst van Lodewijk XVI ontmaskerden de ‘arts’, die op de vlucht sloeg.

© Daderot

4. Zeemeermin was half aap en half vis

In 1842 zagen verblufte New Yorkers de uitgedroogde resten van een zeemeermin. Dat beweerde althans de Brit dr. J. Griffin, die het wezen uit Fiji had meegenomen.

De zeemeermin belandde in een museum en was 20 jaar lang de grootste attractie van de VS – tot bekend werd dat Griffin een Amerikaan was en voor circusoprichter P.T. Barnum werkte.

Uit onderzoek bleek dat de zeemeermin in elkaar geknutseld was uit de romp van een aap en de staart van een vis.

Kammerer beschuldigde zijn assistent van fraude bij het onderzoek.

© Bettmann/Getty Images

4. Natte seks gaf zwarte vlekken

De Oostenrijkse bioloog Paul Kammerer wilde dolgraag bewijzen dat verkregen eigenschappen als een gespierd lijf erfelijk zijn. Hij beweerde dat hij een pad die normaal op het land paarde in het water had laten paren, en dat daarbij zwarte vlekjes waren ontstaan voor meer grip.

Volgens Kammerer werden die overgeërfd. Maar een andere wetenschapper ontdekte dat de vlekjes uit ingespoten inkt bestonden.

Kammerer was in diskrediet gebracht en pleegde zelfmoord.

© Panther Media GmbH/Imageselect

5. Hemelse plaatjes op stenen

Zo’n 300 jaar geleden kreeg de Duitse professor Johann Beringer bezoek van een paar jongens die stenen hadden gevonden met bijzondere afdrukken: kometen met een staart, de zon met een gezicht en de Hebreeuwse letters JHVH, Jehova.

Beringer wist zeker dat God de maker was en schreef een lijvig boekwerk. Maar vlak voor publicatie bekenden zijn collega’s dat het een grap was.

Beringer weigerde dat te geloven, maar stak zich diep in de schulden om de hele oplage van zijn boek op te kopen.

De Tasaday woonden naar verluidt in grotten en konden als de besten in bomen klimmen.

© Bettmann/Getty Images

6. Steentijdmensen met spijkerbroeken

Diep in het regenwoud op het eiland Mindanao in de Filipijnen deed politicus Manuel Elizalde in 1971 een fantastische ontdekking: de Tasaday-stam, die nog nooit contact met de buitenwereld had gehad.

De 26 stamleden werden beschreven als de primitiefste mensen ter wereld: ze woonden in grotten, gebruikten simpele stenen werktuigen en droegen kleren van bladeren.

De Tasaday deden niet aan jacht of landbouw, maar aten wat ze in het regenwoud konden verzamelen. Ze hadden geen woord voor ‘wapen’, ‘oorlog’ of ‘vijand’.

Het verhaal van het primitieve paradijs ging de wereld over, en de Tasaday waren te zien in een documentaire uit 1972. Datzelfde jaar kwamen tal van beroemdheden, onder wie piloot Charles Lindbergh, op bezoek bij de stamleden, maar één groep werd de toegang geweigerd: onafhankelijke onderzoekers.

Manuel Elizalde (midden) sprak via een tolk met de Tasaday.

© Bettmann/Getty Images

Na de val van dictator Marcos in 1986 werd het gebied toegankelijk en vonden twee journalisten de Tasaday-grotten in het regenwoud. Ze waren verlaten, maar na een tijdje zoeken ontdekte het tweetal de ‘holbewoners’.

Ze leefden in huisjes in een dorp en droegen T-shirts en spijkerbroeken. Het bleek al snel dat Elizalde hen had betaald om een rol te spelen. Later werd er een groot onderzoek ingesteld om de zaak tot op de bodem uit te zoeken.

De onderzoekers concludeerden dat de Tasaday wel een geïsoleerde stam waren, maar dat Elizalde hen veel primitiever had neergezet dan ze waren om aandacht te krijgen.

Martin Fleishmann (l) zei energie in een glas water te hebben gemaakt.

© Margot Ingoldsby/AP/Ritzau Scanpi

7. Koude fusie was nepnieuws

Op 23 maart 1989 werd het energieprobleem van de wereld definitief opgelost.

Chemici Stanley Pons en Martin Fleisch­mann maakten bekend dat ze ‘koude kernfusie’ hadden uitgevoerd bij kamertemperatuur en met gewoon gereedschap.

De ontdekking werd ‘de grootste sinds het vuur’ genoemd, maar omdat de twee onderzoekers noch anderen de proef wisten te herhalen, bleek het al snel gebakken lucht.

Pons en Fleischmann werden voortaan met de nek aangekeken.

De psychograaf werd verhuurd aan winkelcentra en bioscopen.

© Imago History Collection/Imageselect

8. Toestel kon persoonlijkheid aflezen

De creatieve uitvinder Henry C. Lavery en zijn collega, de zakenman Frank P. White, presenteerden in 1931 hun psychograaf: een toestel dat de persoonlijkheid van mensen kon aflezen.

De psychograaf was een product van de frenologie, die stelde dat door het meten van de schedel de mentale vermogens en persoonlijkheid van de eigenaar konden worden vastgesteld.

Het apparaat mat de schedel op 32 plaatsen, die elk voor een eigenschap stonden; zo zat zelfrespect op de kruin. De eigenschappen werden ingedeeld op een schaal van ‘afwezig’ naar ‘zeer gevorderd’.

In de jaren 1930 was allang bekend dat frenologie onzin is, maar het toestel sloeg aan en de twee uitvinders verdienden er een vermogen mee.

Fujimura ging diep door het stof toen hij als bedrieger was ontmaskerd.

© AFP/Ritzau Scanpix

9. Archeoloog was door de duivel bezeten

Zijn bijnaam was ‘de Handen van God’: Shinichi Fujimura had een haast bovennatuurlijk talent om archeologische schatten te vinden. Hij begon als amateur, maar was al snel een befaamd expert.

Zijn eerste grote vondst deed Fujimura in 1981, toen hij stenen werktuigen van 40.000 jaar oud vond: de oudste ooit in Japan. Daarna nam hij deel aan allerlei opgravingen in het hele land. Waar hij zijn schep ook in de grond stak, overal kwam iets bijzonders tevoorschijn.

Het toppunt van zijn roem bereikte Fujimura op 22 oktober 2000, toen hij bekendmaakte dat hij en zijn team ruim 600.000 jaar oude resten van huizen en werktuigen hadden gevonden. De oudste nederzetting ter wereld was binnen de kortste keren wereldnieuws.

Een paar dagen later stonden er echter drie foto’s op de voorpagina van de krant Mainichi Shimbun waarop Fujimura te zien was terwijl hij enkele werktuigen begroef die hij later zou opgraven.

Fujimura gaf toe dat hij fraude had gepleegd, maar alleen deze keer. Uit nader onderzoek bleek echter dat hij bij 159 van de 178 opgravingen waar hij bij betrokken was de boel had opgelicht.

‘Ik werd verleid door de duivel’ was het excuus van de Handen van God.