Het huzarenuniform is een Hongaarse volksdracht, met veel versieringen.

Wat is een huzaar?

Wat onderscheidt een huzaar van andere cavaleristen? En waarom ziet hij er zo bont uit?

Huzaren komen uit Hongarije

De huzaren ontstonden in het 15e-eeuwse Hongarije in antwoord op de snelle, lichtbewapende ruiters van het Ottomaanse Rijk. Kleine eenheden bewaakten de zuidgrens en streden tegen vijanden op plundertocht.

Toen Hongarije eind 17e eeuw bij Oostenrijk werd ingelijfd, werd de huzaar een deel van de West-Europese militaire traditie. Ze vochten met het Oostenrijkse leger tegen Duitsland, Italië en de Nederlanden, en vielen altijd op door hun Hongaarse kleding. De huzaren droegen een jas die met borduursels was versierd, hadden een felgekleurde band om hun middel en vochten net als de Turken met een kromzwaard.

Een huzaar bewoog gemakkelijk

De Hongaarse ruiters stonden ook bekend om hun vaardigheid als verkenners. Hun kleine, lichtvoetige paarden waren weliswaar niet geschikt voor grote cavaleriegevechten op het slagveld, maar wel voor verkennende patrouilles en in de strijd tegen kleine eenheden. Hier waren ze de vijand op zijn zware strijdros de baas.

Huzaren: helden op sokken?

In de 18e eeuw vochten in de meeste Europese legers huzaren mee, en stonden ze bekend als opscheppers, gokkers en casanova’s die voor niemand bang waren.

"Een huzaar die de 30 haalt, is een held op sokken," beweerde Antoine Lasalle, de huzarengeneraal van Napoleon. Zelf sneuvelde hij op 34-jarige leeftijd bij de Slag bij Wagram in 1809.

In Nederland worden soldaten die horen bij het legeronderdeel cavalerie huzaren genoemd.

Bekijk ook ...