Na de wereldoorlog, de revolutie en de burgeroorlog verkeert Rusland in de jaren 1930 in een crisis. 

© Russian Archives, Library of Congress

Stalins dodenkanaal kostte 50.000 Goelag-gevangenen het leven

Eén mensenleven per 4,5 meter. Dat is de trieste balans na voltooiing van het 227 kilometer lange Witte Zeekanaal dat Stalin in slechts 20 maanden liet graven. Met dit kanaal wilde hij het Westen laten zien waartoe de Sovjet-Unie in staat was.

4 juli 2018 door Therese Boisen Haas

De bewaker wijst dreigend met de loop van zijn Mosin-Nagant naar de verkleumde gevangenen die langzaam door het bevroren berkenbos sjokken.

‘Doorlopen!’ maant hij hen. Het is november 1931, en tienduizenden gevangenen zijn per goederentrein naar deze plek gedeporteerd: Medvezjegorsk in Karelië in het noordwesten van de Sovjet-Unie. 

Onder begeleiding van enkele bewakers van de geheime politie OGPU lopen de colonnes verder naar het dorp Povenets. Hier moeten ze op bevel van Stalin beginnen met de aanleg van een 227 kilometer lang kanaal door het onbewoonde Karelië, tussen de Witte Zee en het Onegameer.

Na 32 kilometer lopen bereiken de dwangarbeiders – een samenraapsel van criminelen, landbouwers, politieke dissidenten en getalenteerde ingenieurs – eindelijk Povenets. 

Aangezien er geen enkele voorbereiding is getroffen voor hun komst, moeten de verkleumde, hongerige gevangenen zelf gaten in de bevroren grond graven om in te slapen.

Met de bouw van het kanaal gaat een 300 jaar oude Russische wens in vervulling: een waterweg van de Witte Zee via het Onegameer naar de Finse Golf, die de 5000 kilometer lange vaartocht om het Scandinavisch Schiereiland heen overbodig maakt.

In de 18e eeuw was Archangelsk aan de Witte Zee de plaats waar de oorlogsschepen van Rusland werden gebouwd. Peter de Grote wilde vanaf hier toegang tot de Oostzee om de Zweden te bestrijden.

Geologisch onderzoek wees echter uit dat de bodem in Karelië bijna geheel uit graniet bestaat. 

En hoewel het gebied rijk was aan meren die een natuurlijk deel van de waterweg konden vormen, bestond het 227 kilometer lange traject tussen de Witte Zee en het Onegameer nog steeds voor meer dan 40 kilometer uit rotsbodem. 

De tsaar concludeerde dat het project economisch onhaalbaar was.

De werkkampen voor het Witte Zeekanaal werden steeds van verse arbeidskrachten voorzien. De zwaksten bezweken al snel.

© Tomasz Kizny

Kanaal is een prestigeproject

In 1930 zijn de tijden echter veranderd voor het rijk. Stalin, de communistische dictator van het land, is vastbesloten de achtergebleven Sovjet-Unie te moderniseren. 

Hij versterkt het leger via een omvangrijke industrialisering en door collectivisatie van de landbouw. 

Omdat een oorlog met de kapitalistische landen onafwendbaar lijkt, hoeft Stalin niet lang te zoeken naar militair-strategische argumenten voor het kanaal: daarmee kan de Sovjet-Unie snel vaartuigen en materieel tussen de Oostzee en de Witte Zee vervoeren. 

En aangezien dit achter de landsgrenzen gebeurt, blijft het ook nog eens verborgen voor de vijand. 

Het kanaal biedt de Sovjet-Unie op die manier de mogelijkheid om de grootste van haar in totaal vier vloten op te bouwen: de Noordelijke Vloot.

Er worden geologen naar het gebied gestuurd om vooronderzoek te doen, terwijl de economen van de staat het kostenplaatje berekenen. De geraamde kosten blijken nog altijd torenhoog te zijn, en behalve voor de export van hout zal het kanaal geen duidelijke economische voordelen opleveren.

Stalin wil met het technische hoogstandje echter niet alleen het Westen onder de neus wrijven waartoe de Sovjet-Unie in staat is, maar ook bewijzen dat het communisme superieur is aan het vroegere rijk van de tsaar. 

Wat het oude systeem niet voor elkaar kreeg, daar zal de sovjetstaat van Stalin nu wel in slagen.

Het project stuit echter op scepsis van het Politbureau, het belangrijkste machtsorgaan van de Sovjet-Unie. Twee leden wagen het om te beweren dat de economie te instabiel is. 

Woedend schrijft Stalin aan zijn regeringsleider Vjatsjeslav Molotov: ‘Ik heb gehoord dat kameraad Rykov en kameraad Kviring de aanleg willen tegenhouden. Ik wil dat ze worden gedegradeerd en berispt!’

Gevangenen werken voor nop

Stalin veegt alle bezwaren van tafel, en niemand durft hem te wijzen op zijn tekortschietende kennis op het gebied van technische en militaire zaken.

Voor de uitwerking van zijn plannen heeft Stalin de hulp ingeroepen van Genrich Jagoda, de leider van de OGPU. 

Op diens advies besluit de dictator het moeilijkste deel van het kanaal geheel door dwangarbeiders te laten bouwen. Dat lost niet alleen de financiële kwestie op, maar past ook bij de nieuwe ideologische filosofie perekovka.

Dit woord, dat ‘omsmeden’ betekent, beschrijft de idee van Stalins regime dat de ‘slechte elementen’ van de staat moeten worden heropgevoed. 

In het groeiende aantal Goelagkampen krijgen deze slechte elementen – criminelen, rijken en politieke dissidenten – een nieuwe kans door met zwaar, fysiek werk bij te dragen aan de opbouw van de nieuwe, moderne sovjetsamenleving. 

Een Goelaggevangene die zich nuttig maakt, zal zelfrespect en een gevoel van saamhorigheid verwerven, en kan na een aantal jaren in het kamp met de juiste sovjetmentaliteit terugkeren in de maatschappij – als hij het overleeft. 

Stalin en Jagoda besluiten ook dat er geen buitenlandse expertise en bouwmaterieel mogen worden gebruikt. Dat heeft niet alleen te maken met trots, maar ook met de geslonken staatskas.

Goede ingenieurs worden opgepakt

Jagoda, die net als de meeste van zijn collega’s een eenvoudig man is met alleen lagere school, beseft wel dat het project het niet zonder deskundige hulp kan stellen. 

Daarom begint de OGPU stelselmatig de beste ingenieurs van het land te arresteren. De mannen worden beschuldigd van contrarevolutionaire samenzweringen en het ondermijnen van de sovjetstaat.

In de vroege zomer van 1930 zijn 120 ingenieurs, onder wie de jonge Orest Vjazemski, gearresteerd en bijeengebracht in een bijgebouw van het hoofdkwartier van de geheime politie in Moskou, waar ze de opdracht krijgen het enorme kanaal te ontwerpen. 

Er is hun gratie beloofd als het project in 20 maanden wordt voltooid, en ze zijn er dan ook op gebrand hun vakkennis te laten zien. 

Dag en nacht werken ze door om de klus te klaren, in het besef dat het kanaal vrijwel zonder materieel als kranen, bulldozers en graafmachines moet worden gebouwd.

De talentvolle, ambitieuze Vjazemski werkt drie maanden aan de berekening van dammen en sluisdeuren, waarna hij samen met de andere ingenieurs naar de bouwplaats wordt gedeporteerd.

De rotsbodem werd met de hand en met een minimum aan springstof verwijderd.

© Ria/Polfoto

Kanaal is al snel verouderd

De planning van het traject tussen het Onegameer en de Witte Zee begint in juli 1931. 

184 van de in totaal 227 kilometer gaat door opgedamde meren en rivieren, maar tussen de vele waterlopen ligt nog 43 kilometer die met de hand moet worden uitgegraven. 

De 128 dammen, sluizen en dijken moeten worden gebouwd met het materiaal dat voorhanden is: hout, steen en turf. 

Er is een kleine hoeveelheid springstof en cement beschikbaar, maar staal moeten de dwangarbeiders zelf produceren. Ook gereedschap ontbreekt, dat worden ze geacht zelf te maken van de materialen die ze in hun omgeving vinden.

Om de deadline van 20 maanden te halen, wordt de diepte van het kanaal beperkt tot vier meter. Dat is voor de vloot van de jaren 1930 geen probleem, en desnoods kan een bemanning de geschutstorens eraf halen en de munitie tijdelijk lossen om het vaartuig lichter te maken. 

De tijdsbesparing bij de bouw van het kanaal weegt ruimschoots tegen die extra moeite op. Bovendien richten de militaire ambities van Stalin zich nog niet op een oceaanwaardige vloot.

De geringe diepte blijkt al snel een kortzichtige oplossing. 

Als later in de IJszee bij Moermansk de zware Noordelijke Vloot wordt opgebouwd, worden de torpedobootjagers en onderzeeërs veel groter dan die uit de tijd tussen de Eerste en Tweede Wereldoorlog – te groot voor Stalins kanaal, dat vrijwel alleen nog door lokaal verkeer met platte pramen wordt gebruikt.

Gevangenen moeten alles zelf doen

Het mag dan schorten aan materiaal, arbeidskrachten zijn er in overvloed. Als gevolg van de verplichte collectivisatie van de landbouw in diezelfde periode worden er in de jaren 1930 tot 1933 namelijk twee miljoen boeren gearresteerd en naar werkkampen her en der in Rusland gestuurd.

De OGPU heeft tijdens het transport de warme kleding van de gevangenen in beslag genomen, en de voedselvoorziening is vanaf dag één ontoereikend. 

Vjazemski en zijn collega’s negeren de slechte omstandigheden echter – door de belofte van gratie zetten ze zich met hart en ziel in om het project tot een goed einde te brengen.

De constante aanvoer van nieuwe gevangenen zorgt voor chaos in het kamp. Om structuur aan te brengen, roept Jagoda de hulp van het naburige kamp op de Solovetski-eilanden in.

De man die orde moet scheppen is Naftali Frenkel, een intelligente, wrede ex-gevangene, die binnen een paar jaar OGPU-commandant is geworden. 

Hij is het brein achter de genadeloze, maar effectieve dwangarbeid van de Goelagkampen, en krijgt in november 1931 de verantwoordelijkheid voor het dagelijkse werk aan het kanaal. 

Zijn eenvoudige idee bestaat erin de gevangenen alles zelf te laten doen: barakken, badkamers, veldhospitalen en keukens bouwen.

Frenkel besluit dat het kanaal niet van de ene naar de andere kant zal worden aangelegd, maar dat de gevangenen over het hele traject tegelijk aan de slag gaan. 

Er zijn daarom meerdere kampen nodig langs het kanaal, en bij elk nieuw kamp is het hetzelfde verhaal: wanneer de gevangenen aankomen, zijn er nog geen barakken gebouwd en is de voedselvoorziening nog niet georganiseerd. Telkens komen duizenden gevangenen om in de ijzige Karelische kou.

Wie hard werkt, krijgt beter eten

De kanaalkampen krijgen samen de naam Belbaltlag – een samentrekking van de Russische woorden voor Witte Zee, Oostzee en kamp.

Hoewel het werk in volle gang is, heerst er in de administratiebarak in Medvezjegorsk voortdurend paniek. 

OGPU-officier Semjon Firin en zijn mannen beseffen maar al te goed dat hun leven en carrière afhangen van het halen van de deadline, en met het huidige tempo lukt dat niet. 

Om dat op te schroeven, haalt Frenkel de zogeheten socialistische competitie van stal. Die houdt in dat de arbeiders keihard met elkaar concurreren om beter te presteren dan de vastgestelde productienorm.

Daarnaast voert de kampleiding de udarnik-cultuur in. Udarniki – superarbeiders – worden beloond met nieuwe werkkleding en beter eten dan de andere gevangenen. In de eetzaal zitten ze aan aparte tafels onder een spandoek met het opschrift ‘Het beste eten voor de beste arbeiders’. 

Hun minder effectieve collega’s moeten onder een spandoek zitten met de tekst ‘Slechter eten voor werkweigeraars, klaplopers en nietsnutten’. 

Een van de arbeiders herinnerde zich later nog dat hij een keer warme pastei kreeg toen zijn ploeg de norm had overtroffen. Voor arbeiders die dat niet redden, bestond het dagrantsoen uit slechts 500 à 600 gram brood.

Maar de grootste wortel die Frenkel de arbeiders voorhoudt is toch wel strafvermindering: voor elke drie dagen dat een gevangene de productienorm haalt, gaat er één dag van zijn straf af.

Halverwege 1931 telt Belbaltlag ruim 100.000 gevangenen, en in de vele kampen langs het traject wordt het voedseltekort een ernstig probleem. 

Veel gevangenen komen om van de honger, en als de winter aanbreekt schiet het sterftecijfer nog verder de lucht in. Jagoda schrijft aan Stalin en Molotov dat de voedselvoorziening bij lange na niet volstaat.

Maar van hen is geen hulp te verwachten, want de collectivisatie van de landbouw heeft geleid tot een nationale hongersnoodramp, waardoor in de jaren 1930 miljoenen Russen zullen sterven. 

De Goelagarbeiders aan het Witte Zeekanaal zullen het dus moeten stellen met minder eten dan ooit.

De gevangenen stonden langs de kade toen Stalin langsvoer bij zijn eerste tocht over het kanaal. 

© USSRLife

Klaar de klus – of sterf

Ingenieur Vjazemski wordt overgeplaatst naar de brigade die werkt aan het lastige traject tussen het Onegameer en het Vygoserameer. Hij moet dit gedeelte gaan leiden, omdat de vorige ingenieur in ongenade is gevallen bij de OGPU. 

Vjazemski heeft al snel door dat zijn voorganger zeer bekwaam was, maar de deadlines niet haalde. Hij wil de taak eigenlijk niet op zich nemen, maar krijgt te verstaan dat een weigering wordt beschouwd als een vluchtpoging en wordt bestraft met de dood.

Het Matkozjnja-traject bestaat uit natuurlijke waterwegen, waardoor er niet hoeft te worden gegraven. Wel kampt het project met een groot niveauverschil en sterke stroomversnellingen. Het water moet worden opgedamd om dit op te lossen. 

De dam zal echter een enorme waterdruk creëren, en bovendien zijn er geavanceerde dubbele sluizen nodig om schepen door een traject met 14 meter hoogteverschil te leiden.

Vjazemski heeft weliswaar ervaring met irrigatiekanalen, maar niet met kanalen voor scheepvaart. Hij moet een aantal onbeproefde oplossingen kiezen, die mensenlevens kunnen kosten als het misgaat. 

Met name zijn 150 meter brede stenen dam, bekleed met hout en gedicht met mos, is nogal onorthodox – maar blijkt bestand tegen de waterdruk. Vjazemski kan opgelucht ademhalen, en net als veel anderen is hij achteraf trots dat hij aan het project meewerkte.

Begin 1933 komt er bericht van Moskou dat het kanaal op 1 mei 1933 klaar moet zijn. Maar het project ligt absoluut niet op schema.

Volgens de arbeidsprotocollen is dat wel het geval, maar in werkelijkheid is het een heel ander verhaal. Er is namelijk in hoge mate gesjoemeld met de cijfers als gevolg van de onderlinge concurrentie om eten, kleding en strafvermindering.

Op dat moment hebben de arbeiders het moeilijkste deel van het traject nog voor de boeg: het hooggelegen verloop dat het noordelijke met het zuidelijke deel van het kanaal moet verbinden.

Om de gigantische achterstand in te halen, stelt Jagoda de zogeheten 100-dagen-storm in: ruim drie maanden waarin de gevangenen in ploegendienst 24 uur per dag moeten werken.

Het aantal gevangenen dat bezwijkt onder de druk, stijgt tot ongekende hoogte. Als het einde van het project in zicht is, ligt het dodental op 50.000.

In de wanhopige race tegen de klok wordt de geplande diepte van vier meter op enkele plekken teruggebracht tot 3,65 meter.

Dit gesjoemel zorgt ervoor dat het kanaal van nog minder belang is, want er hoeft slechts één plek te ondiep te zijn of heel het 227 kilometer lange kanaal is onbruikbaar voor vloottransport. 

Stalins vaartocht over het kanaal werd vereeuwigd. Jagoda stond er ook bij, maar hij viel in ongenade en is weggeretoucheerd.

© Dimitri Nalbandian

Stalin is niet blij met het resultaat

Een maand na de deadline is het kanaal klaar om te worden getest. Gespannen kijken de ingenieurs en arbeiders toe hoe de watermassa door de met de hand gebouwde sluizen, dammen en dijken van hout en mos stroomt. 

Over het geheel genomen houdt de constructie stand. Nog voor de laatste delen van het kanaal zijn voltooid, worden de eerste oorlogsschepen erdoorheen gestuurd op een speciale missie: drie onderzeeërs, torpedoboten en korvetten varen van de Oostzee naar Moermansk om de Noordelijke Vloot te vormen. Op 20 juni 1933 is het project officieel ten einde.

Een maand later mogen de ingenieurs en de arbeiders die het project hebben overleefd toekijken als Stalin aankomt om het nieuwe kanaal te bezichtigen.

Samen met Vorosjilov en Kirov van het Politbureau en Jagoda zal hij in een paar dagen over het kanaal varen en de hydrotechnische constructies bekijken van de enorme nieuwe waterweg die in sneltreinvaart en voor een habbekrats is gebouwd.

Stalin blijkt echter allerminst onder de indruk van het werk waarvoor ongeveer 130.000 gevangenen zich 20 maanden lang in het zweet hebben gewerkt.

‘Bepaald groot is het niet,’ merkt de sovjetleider laconiek op.

Op 2 augustus 1933 wordt het kanaal officieel geopend. Het krijgt de erenaam Stalin. 

De grootste kranten van het land schrijven artikelen over het succes van het ‘omsmeden’ van verstokte criminelen, die door de aanleg van het kanaal het socialistische licht hebben gezien. 

Bij Medvezjegorsk ligt nu een stadje, waar de arbeiders een hotel hebben gebouwd met een luxe penthouse voor de Sovjetdictator.

Stalin zal er echter nooit logeren. Hij verlaat de feestelijkheden nog dezelfde avond. Geen dag langer wil hij besteden aan dat teleurstellend kleine kanaal.

Lees ook

Anne Appelbaum: Gulag – A History, Doubleday, 2004. Cynthia A. Ruders: Making History for Stalin, University Press of Florida, 1998. Konstantin Gnetnjev: Belomorkanal – Vremena i sudbyj, Kronos Bibliotek, 2008.

Bekijk ook ...