Claus Lunau
Pearl Habor, lead

Vast onder zee: Zeelui van Pearl Harbor vochten tegen verdrinkingsdood

De Amerikaan Stephen Young komt met een heel stel landgenoten vast te zitten in het omgeslagen slagschip USS Oklahoma tijdens de Japanse aanval op Pearl Harbor. Het water stijgt, en de zuurstof begint op te raken.

De Amerikaanse zeelui op de slagschepen in Pearl Harbor genieten op 7 december 1941 van het ochtendzonnetje. De meesten dragen alleen een overhemd en een korte broek: het belooft een rustige zondag te worden bij de paradijselijke stranden van Hawaï.

Maar om 7.55 uur wordt de idylle verstoord door het geluid van 183 Japanse vliegtuigen.

‘Iedereen naar zijn positie!’ klinkt het over de luidsprekers.

Slechts een enkele Amerikaan slaagt daarin voordat de Japanse bommen en torpedo’s beginnen neer te dalen op de haven, waar zes grote slagschepen op een rij liggen.

Water en vlammen schieten de lucht in als de USS Arizona en USS West Virginia als eerste getroffen worden, en binnen een minuut is de hele haven een inferno van vuur, zwarte rook en rondvliegend metaal.

Op de USS Oklahoma spoedt onderofficier Stephen Young zich door de kronkelige gangen van het achterschip als een torpedo inslaat in de zijkant. Hij struikelt, maar heeft zo veel snelheid dat hij overeind weet te blijven.

Young is bij het buskruit in kanontoren 4 wanneer de stalen kolos geraakt wordt door nog eens twee torpedo’s, nu dichter bij Young.

Het licht valt uit, en in het hele schip kraken balken en schotten vervaarlijk, waarna ze doorbuigen en breken.

‘Naar het granaatdepot, daar is het veilig. Ons 356mm-kanon is toch niet bruikbaar als luchtafweergeschut,’ roept de bevelhebber van de kanontoren, eerste luitenant Herbert Rommel.

De bemanning gaat op de tast verder naar onderen in het schip, waar de extra bepantsering beter beschermt tegen bommen en torpedo’s.

Maar op deze decemberochtend is niemand in Pearl Harbor veilig. Meer dan 2000 zeelui komen om, en de nachtmerrie is nog lang niet afgelopen als de laatste bom is gevallen.

Honderden mensen zitten namelijk vast in de gezonken schepen. Voor hen begint een strijd op leven en dood.

USS Steve Bower

Stephen Young zat nog maar een jaar bij de marine toen Pearl Harbor werd aangevallen.

© Official U.S. Navy Photo

Water stroomt naar binnen

Het ziet er niet best uit voor de 1354 zeelui op de Oklahoma. De eerste drie torpedo’s hebben het 25 jaar oude slagschip weliswaar niet doorboord, maar het kan niet veel meer hebben.

Als Japanse vliegtuigen om iets na acht uur meer torpedo’s op het schip afvuren, raakt de stalen romp op meerdere plaatsen beschadigd en stroomt het water naar binnen. Binnen een paar minuten begint het 178 meter lange vaartuig slagzij te maken.

In het granaatdepot twee dekken onder het hoofddek kan Stephen Young niet bevatten wat er gebeurt. De 19-jarige knul uit Massachusetts is nog maar een jaar op zee en moet nog keukendiensten draaien naast zijn werk in kanontoren 4, waar hij zware zakken buskruit naar het kanondek moet hijsen.

Tot nu toe waren de oorlog in Europa en het conflict met Japan erg ver weg voor Young, maar nu bevindt hij zich plotseling in een slagschip dat water maakt, terwijl overal explosies klinken.

Pearl Harbor luchtaanval
© Claus Lunau

Bloedbad in Pearl Harbor

In twee golven vallen 351 Japanse vliegtuigen de marinebasis Pearl Harbor in Hawaï aan. De Amerikanen ontdekken de aanvallers pas als ze er al zijn. Daarom krijgt vooral de eerste golf vrij spel. In totaal komen 2403 zeelui om het leven.

Slagschepen

De slagschepen aan de oostkant van Ford Island worden gebombardeerd en getorpedeerd, waaronder de Oklahoma.

Vliegbases

De vliegbases Ford Island en Hickam, waar de vliegtuigen vleugel aan vleugel staan, worden weggevaagd.

Andere schepen

De andere schepen worden gebombardeerd: drie destroyers zinken en drie kruisers raken beschadigd.

Met de minuut helt de Oklahoma verder over. De mannen in het granaatdepot hebben moeite om op hun benen te blijven staan, want de vloer is vet van de olie en de hydraulische vloeistof van het kanon.

Alles wat niet stevig vastzit, valt op de grond. De granaten zitten in statieven, maar eerste luitenant Rommel is bang dat de 635 kilo zware projectielen loskomen.

‘Verlaat de ruimte maar, die granaten beginnen straks over het dek te glijden en wij worden geplet als we hier blijven,’ zegt Rommel, die zelf omhoog klimt in de toren om te kijken wat er gaande is in de haven.

Young gaat achter sergeant Bob Roberts aan, eerst door een luik en vervolgens via een ladder naar de buskruitopslag onder het granaatdepot. Hij moet steeds oppassen dat hij niet tegen Roberts op botst.

Gelukkig gaat de noodverlichting af en toe aan en kunnen de mannen wat zien. In het zwakke schijnsel kijkt Young rond in de buskruitopslag.

‘Ik zag de gezichten van mijn kameraden – geschrokken, angstig, vol ongeloof. Dat van mij zag er vast ook zo uit,’ schreef Young vele jaren later.

Schip slaat om

Terwijl Young tussen het buskruit zit, wordt de Oklahoma opnieuw getroffen door torpedo’s. Het geluid van explosies en scheurend metaal en de doodskreten van de mannen klinken door het hele schip.

Het water gutst door schachten, patrijspoorten en luiken naar binnen, en de masten komen steeds dichter bij de zeespiegel. Ook in de buskruitopslag sijpelt het water naar binnen.

‘We gaan dood! Ik wil niet dood!’ roept Roberts, waarna hij zijn zenuwen weer onder bedwang krijgt.

Als de ‘Okie’, zoals de bemanning het schip liefkozend noemt, 45 graden slagzij maakt, klampen de mannen zich vast om niet in het water terecht te komen.

‘De levenden, de stervenden en de doden dreven door elkaar heen.’ Stephen Young, bemanningslid van de USS Oklahoma, 1941

Een van de mannen verliest zijn houvast en glijdt over het gladde dek. Hij raakt een hijsinstallatie en valt verderop in het water.

‘Zijn geschreeuw stopte plotseling,’ schreef Young jaren later.

Ook uit het granaatdepot boven hen, waar andere zeelui hun toevlucht hebben gezocht, klinken gruwelijke geluiden. Young hoort hoe de zware granaten loskomen en alle kanten op gaan. Het geschreeuw gaat door merg en been.

Ook Young en zijn kameraden zijn niet veilig. De helft van de ruimte staat inmiddels onder water, en de mannen slaan als een bezetene op het luik van het granaatdepot om weg te komen.

‘Maak verdomme die deur open!’ roept iemand wanhopig. Maar er is geen beweging in te krijgen.

Negen torpedo’s werden Oklahoma fataal

Negen torpedo’s raken de linkerkant van de USS Oklahoma. In slechts 12 minuten slaat het ijzeren monster om, waarbij honderden mannen verdrinken. Slechts een enkeling ontspringt de dans.

© Claus Lunau

7.56 uur: De eerste treffers

Tussen 07.56 en 07.59 uur slaan drie torpedo’s in aan de bakboordzijde van de Oklahoma, zo’n 6 meter onder de waterspiegel. De torpedobescherming is vernietigd, maar de romp is nog intact.

© Claus Lunau

8.00 uur: Schip maakt slagzij

Binnen enkele minuten wordt de Oklahoma door nog vijf torpedo’s geraakt. Die slaan gaten in de romp, omdat het schip nu onbeschermd is. Het water stroomt naar binnen en de ‘Okie’ begint naar bakboord over te hellen.

© Claus Lunau

8.06 uur: Torpedo slaat hoog in

Om 8.06 uur helt de Oklahoma al zo ver over dat de negende torpedo bij de bovenste dekken inslaat. De bakboordzijde zit nu zo vol gaten dat het water naar binnen gutst.

© Claus Lunau

8.08 uur: ‘Okie’ slaat om

12 minuten na de eerste klap heeft de ‘Okie’ zoveel water gemaakt dat het schip volledig omslaat. De masten en dekconstructies rusten op de zeebodem onder een hoek van circa 30 graden.

Dan gaat de noodverlichting weer uit en klinkt er een oorverdovend gekraak wanneer de masten en kanonnen het water raken.

Young vliegt alle kanten op, alsof hij in een wasmachine zit:

‘De levenden, de stervenden en de doden dreven door elkaar heen.’

Uiteindelijk boren de geknakte masten zich in de modderige zeebodem op 12 meter diepte. Slechts een deel van de romp van de ‘Okie’ ligt nog boven water.

In het binnenste van het schip zitten honderden zeelui vast onder water.

USS Oklahoma, overlevenden op romp

Naast de 15 man van Youngs groep werden er nog 17 zeelui gered uit de USS Oklahoma. Hier staan overlevenden op de romp van het omgeslagen slagschip.

© Keystone-France/Getty Images

Young wacht op de dood

Als het weer stil is geworden, voelen Young en zijn kameraden in de buskruitopslag onder kanontoren 4 dat het schip op z’n kop ligt.

Gelukkig komt het water in de ruimte maar tot hun middel.

Een van de bemanningsleden heeft een noodlantaarn gevonden. Regelmatig valt de lichtbundel op een dode kameraad die in het donkere water drijft.

Dan laat de man het licht over de deuropening naar het granaatdepot schijnen. Omdat het schip is omgeslagen, staat de doorgang naar die ruimte niet meer onder water, en dat is goed nieuws. De deur lijkt bovendien losgekomen te zijn.

Een voor een kruipen de overlevenden het depot binnen, waar het water slechts tot hun knieën komt. Young gaat naast zijn beste vriend zitten, de krullenbol Wimpy Hinsperger.

Ook Bob Roberts en Youngs kameraad Mike Savarese, die even oud is als hij, hebben het gehaald. Er zitten in totaal 15 man in het depot.

‘We zitten vast,’ zegt Young.

Hij krijgt geen antwoord. De mannen zijn in gedachten verzonken en beseffen stuk voor stuk dat de kans niet groot is dat ze hier levend uitkomen.

Als ze na een tijdje toch een paar woorden wisselen, bijt dekofficier Howard Aldridge, een roodharige Texaan, hun meteen toe:

‘Hou je mond, jullie verbruiken de zuurstof.’

Zeelui wisten te ontsnappen

Verdrinking, verstikking, rookvergiftiging: er waren veel manieren om te sterven in Pearl Harbor. En degenen die de gebeurtenissen van 7 december 1941 konden navertellen, hadden vaak veel geluk.

icoon, man op touw over water
© Shutterstock

19-jarige kroop weg via touw

Op de USS Arizona redde de zwaar verbrande Donald Stratton het vege lijf door via een touw van het brandende slagschip naar het naburige schip Vestal te klimmen. Door de brandwonden raakte hij de huid van zijn beide armen kwijt tijdens de klim.

icoon, vlammenzee
© Shutterstock

Zeeman hield adem in onder vlammenzee

Stuart Hedley sprong van het dek van de USS West Virginia op het moment dat er een Japanse torpedo insloeg. Op zee dreef brandende olie, dus hij moest zijn adem inhouden en onder de vlammenzee door zwemmen tot hij land bereikte.

icoon, schroef
© Shutterstock

Bemanningslid vloog door de lucht

Vito Colonna werd 15 meter de lucht in geslingerd toen een bom de USS Arizona raakte. Het voelde alsof hij op beton landde toen hij het water raakte. Samen met een paar andere gelukkigen klampte de ziekenbroeder zich vast aan de losgeslagen schroef van de Arizona.

icoon, hand uit zee
© Shutterstock

21-jarige zwom omhoog door buis

De 21-jarige Adone Calderone zat vast in de krochten van de USS West Virginia toen het water binnenstroomde. Hij zwom via een ventilatieschacht naar boven en had de moed al opgegeven toen hij op het laatste moment het oppervlak bereikte.

icoon, torpedo
© Shutterstock

Kameraden redden torenschutter

De 18-jarige Everett Hyland ontsnapte op wonderbaarlijke wijze aan de dood nadat een bom was ingeslagen bij zijn geschutspost op de USS Pennsylvania. Zijn kameraden sleepten hem weg, maar herkenden hem niet omdat zijn hele lijf verbrand was en het vlees van zijn ledematen tot op de botten was weggescheurd.

Young sluit bizarre weddenschap

Terwijl de minuten en uren wegtikken op de Oklahoma, heeft de laatste Japanse bommenwerper het luchtruim boven Pearl Harbor verlaten.

In een uur en een kwartier hebben de Japanners de Pacifische vloot van de U.S. Navy weggevaagd. Wat rest is een haven vol rookwolken en gezonken schepen.

Young en zijn kameraden weten nog niet hoe groot de ramp op de marinebasis is, maar beseffen dat ze zelf weinig kans maken.

Rond 11.00 uur is de pas 17-jarige Clarence Mullaley het wachten op redding zat. De magere tiener wil proberen het schip uit te zwemmen.

‘Het is nogal ver,’ merkt Aldridge droogjes op voordat Mullaley een diepe ademteug neemt en door een open luik in de bodem van de ruimte verdwijnt.

Het is pikkedonker in de diepte, maar als Mullaley terugkomt, zegt hij dat hij helemaal tot het hoofddek denkt te zijn gekomen, niet ver van de zeebodem.

Als dat klopt, zou hij echter nog 10 à 15 meter over het dek moeten afleggen, en dan is het nog 10 tot 12 meter naar het oppervlak.

‘Deze keer probeer ik het helemaal te halen,‘ verkondigt Mullaley, waarna hij weer verdwijnt.

Young en de 13 anderen vragen zich de komende uren af of hun kameraad boven water is uitgekomen of ergens in de ‘Okie’ is verdronken.

‘Het kan me niet meer schelen. Ik probeer het gewoon, en ik kan niet eens zwemmen!’ Dan Weissman in de USS Oklahoma, 1941

Het water stijgt langzaam, en de zuurstof begint op te raken. Sommige mannen nemen zich voor om naar buiten te zwemmen voordat het te laat is.

Young weet het niet zeker. Het helpt niet dat een van de anderen twee keer een poging waagt, maar telkens moet terugkeren.

Daarom stelt Young een morbide weddenschap voor aan de man naast hem:

‘Wimpy, als we het niet halen, wed ik om een dollar dat we stikken voor we verdrinken.’

‘Top! Ik denk dat we eerst verdrinken,’ antwoordt zijn vriend.

Roberts haalt het

Het optimisme verdwijnt langzaam uit het granaatdepot. Aldridge slaat onophoudelijk met een tang tegen de ijzeren wand: hij seint ‘SOS’.

Drie snelle slagen. Drie langzame. Dan weer drie keer snel. Maar niemand lijkt het noodsignaal te horen.

De mannen zitten vooral in het donker om de batterij van de noodlantaarn te sparen. Alleen als iemand een poging doet om in het water te duiken, gaat hij even aan.

Youngs goede vriend Mike Savarese probeert het drie keer, maar hij kan zijn adem niet lang genoeg inhouden en komt steeds terug. Dan meldt de stevig gebouwde Dan Weissman dat hij een poging gaat wagen:

‘Het kan me niet meer schelen. Ik probeer het gewoon, en ik kan niet eens zwemmen!’

Weissman komt niet terug. Iedereen weet zeker dat hij is verdronken, maar toch wil ook Bob Roberts het proberen. De onderofficier hoopt dat hij zijn adem 2 minuten kan inhouden, en na een diepe ademteug duikt hij in het mengsel van water en olie.

Om op weg omlaag niet te veel energie te verbruiken, trekt Roberts zichzelf vooral met zijn armen omlaag aan de handgrepen tussen de luiken.

USS Oklahoma, ontsnapping uit schip
© Claus Lunau

Zeelui zwemmen ‘Okie’ uit

Op verschillende plaatsen in de Oklahoma zitten bemanningsleden vast. In de opslagruimte onder geschutskoepel 4 zitten 15 man opgesloten. Drie van hen zwemmen het donkere schip uit en halen het.

Het donker in

De mannen moeten in het donker duiken en luiken van de ene ruimte naar de andere zien te vinden voor ze het dek op de zeebodem bereiken.

Over het dek

Als de zeelui het schip uit zijn, moeten ze nog 10 tot 15 meter over het dek om onder het slagschip vandaan te komen.

Naar het licht

Vanaf de reling is het nog 10 à 12 meter naar het oppervlak. Na zo’n 2 minuten onder water kunnen de mannen eindelijk ademhalen.

Hij daalt zo langzaam af dat hij al bijna de moed opgeeft. Maar dan ontdekt hij dat hij het laatste luik is gepasseerd en zich onder het dek bevindt. De ‘Okie’ ligt als een dode walvis boven hem.

Roberts ploetert door het water, maar hij wordt tegen het schip gedrukt en het kost hem veel kracht om los te komen van het dek.

Roberts voelt dat hij bijna buiten westen raakt als hij uiteindelijk onder het schip vandaan komt. Hij spartelt wild met zijn benen en snakt wanhopig naar adem.

Dan schiet zijn hoofd uit het water en kan hij eindelijk zijn longen volzuigen.

‘Oh, boy!’ weet hij uit te brengen als een motorboot hem oppikt.

Op het hospitaalschip treft Roberts Mullaley en Weissman, die het allebei gered blijken te hebben.

Alle drie hebben ze dezelfde boodschap voor de reddingsploegen: hun kameraden zitten vast in de Oklahoma en zijn bijna door hun zuurstof heen.

Stemmen uit de diepte

In het schip hebben Young en de anderen geen idee dat Mullaley, Weissman en Roberts hun zwemtocht hebben overleefd.

In de loop van de middag is er zo weinig zuurstof over dat niemand de kracht kan opbrengen om te gaan zwemmen. De mannen gebruiken hun laatste energie voor het openen van een deur naar een ander depot, dat ‘Lucky Bag’ wordt genoemd.

Uiteindelijk slagen ze daarin, en ze merken meteen dat er in de andere ruimte wat meer zuurstof is. Er zijn ook matrassen om op te liggen.

Sommigen vallen meteen uitgeput in slaap, maar ze zijn in één klap klaarwakker als ze een stem horen uit een aanpalende ruimte.

‘Is daar iemand?’

‘Ja! Ja! Wie is daar?’ vraagt Young.

‘We zitten vast in radioruimte 4.’

‘Wij zitten in Lucky Bag,’ zegt Young met zijn oor tegen de wand.

De uren verstrijken terwijl de mannen elkaar door de wand heen moed inspreken.

Maar de zuurstof raakt weer op, en als ze bijna een etmaal in de diepte zitten, bereiden ze zich voor op het naderende einde.

Plotseling klinkt het geluid van geklop op metaal.

‘Ze proberen ons eruit te krijgen!’ roepen de buren.

‘Zeg dat we hier zitten!’ schreeuwt Young.

Louis Costin, Clifford Olds en Ronald Endicott in de kroeg

Clifford Olds (r) in een bar een dag vóór de Japanse aanval op Pearl Harbor.

© West Virginia & Regional History Center

Drie man wachtten 16 dagen vergeefs

Het wachten is ondraaglijk voor de mannen in Lucky Bag, vooral als ze horen dat de reddingsploeg hun buren bevrijdt.

‘Kom op, hier zitten we, ga aan het boren!’ roept Young.

‘Rustig maar, we krijgen jullie er wel uit,’ antwoorden de reddingswerkers, die al de hele nacht van 8 december bezig zijn alle dekken van de Oklahoma te bereiken.

Ze boren een gaatje naar Lucky Bag, maar als ze de boor eruit trekken, ontsnapt er veel lucht. Young en zijn kameraden snakken naar adem.

Ondertussen begint het water te stijgen vanwege de verminderde luchtdruk in de ruimte.

‘Opschieten! Brand ons eruit! Het water stijgt!’

‘Dat kan niet, dan stikken jullie.’

‘Maar we verdrinken als jullie het niet doen!’

De ingesloten zeelui zijn op van de angst. De redders zijn vlakbij, maar misschien zullen ze alsnog verdrinken.

Young ziet daglicht

De redders bewerken het staal met een boorhamer, terwijl de zeelui het water buiten de deur proberen te houden door matrassen in de deuropening te stapelen.

Het water komt nu tot hun navel. De reddingsploeg maakt drie gaten in het staal, waarna ze het kunnen buigen om een gat voor de mannen te maken. Het water blijft stijgen, en de zeelui staan nu recht onder de plek waar de redders werken.

‘Kijk uit jongens, we gebruiken een sloophamer,’ waarschuwen ze.

Het geluid van de hamer die tegen de wand slaat is oorverdovend, maar het staal geeft mee en de mannen kunnen zich naar buiten persen.

‘Schiet op, Mike,’ zegt Young tegen Savarese, die als eerste naar buiten kruipt.

Young zit vlak achter hem. Het water gutst met hem mee door de nauwe opening.

Pearl Habor, monument

Er ligt nu een drijvend monument voor de slachtoffers van de USS Arizona boven het wrak, dat zich nog op de zeebodem bevindt.

© Getty Images

Als hij in de radioruimte staat, ziet hij daglicht door alle gaten die de redders in de wanden van het schip hebben gemaakt.

Op 8 december om 11.00 uur staat hij op de bodem van de ‘Okie’.

‘Ik was eruit! Vrij! In leven!’

Een voor een komen zijn kameraden ook naar buiten – op het nippertje gered na 27 uur in de diepte.

Als Young Wimpy Hinsperger ziet, kan hij een brede grijns niet onderdrukken:

‘Hou die dollar maar als souvenir, Wimp. Gelukkig hebben we geen van beiden die weddenschap gewonnen.’