In maart 1943 vermoedde de Stavka, het hoofdkwartier van de Sovjettroepen, al dat de Duitsers Koersk wilden innemen. Stalin zette 300.000 arbeiders aan het werk om een vernuftig defensiesysteem te bouwen van mijnenvelden, antitankgreppels, loopgraven en strategische uitkijkposten, waar de Sovjetsoldaten in een hinderlaag konden gaan liggen.

Tankslag om Koersk was de grootste in de geschiedenis

In een laatste stuiptrekking aan het Oostfront beveelt Hitler in 1943 zijn troepen om de stad Koersk in te nemen. Maar het Rode Leger staat de Duitsers op te wachten. Duizenden tanks vechten ten zuiden van de stad een enorme veldslag uit.

25 september 2019 door Jeppe Nybye

Langzaam doet de soldaat Pavel Krylov zijn ogen open. Iemand probeert hem wakker te porren.

‘Opstaan,’ luidt het bevel in de nauwe loopgraaf van het Rode Leger bij het dorp Prochorovka, ongeveer 100 kilometer ten zuiden van de grote stad Koersk in Rusland. Na meer dan een week van zware gevechten tegen de Duitsers is de 20-jarige Krylov aan het eind van zijn Latijn, maar ook deze dag, 12 juli 1943, zal hij vanaf het ochtendgloren op het slagveld doorbrengen.

‘Nog een uur tot de aanval. Eet!’ roept de onbekende commandant. 

Krylov zal zich deze dag altijd blijven herinneren als de zwaarste van zijn hele leven. Over een paar uur zal de grootste tankslag uit de geschiedenis de graanvelden van het gebied veranderen in een met bloed doordrenkt maanlandschap. 

Hitler stuurde 2928 tanks en pantserhouwitsers naar het Oostfront om de stad Koersk in te nemen. Het was het grootste Duitse tankoffensief in het oosten. 

© Ullstein Bild

Vijand in de tang genomen

Ruim een week geleden, op 4 juli 1943, heeft de Duitse commandant aan het Oostfront het bevel gegeven voor een grootscheeps zomeroffensief, waarmee Duitsland na de verpletterende nederlaag bij Stalingrad een half jaar eerder het initiatief in het oosten wil herwinnen. 

 De belangrijkste strateeg van het Derde Rijk, Erich von Manstein, heeft operatie Zitadelle uitgedacht, waarbij de Russen bij het vooruitgeschoven front bij Koersk in de tang genomen moeten worden. 

Zo willen de Duitsers de Russen de pas afsnijden, de frontlinie verkorten en de afgepeigerde Duitse troepen wat rust geven. De succesvolle strategie van de blitzkrieg wordt weer uit de kast gehaald: de vijand moet met een snelle verrassingsaanval overrompeld worden.

Maar aan de andere kant van het front is de ongeslagen generaal Georgi Zjoekov dankzij de hulp van een geheim agent in de vijandelijke gelederen al maanden op de hoogte van de Duitse plannen. 

Hij heeft dan ook een warm onthaal voorbereid voor de Duitsers: met behulp van zes verdedigingslinies zal het Rode Leger de aanvallers zo veel mogelijk uitputten, en daarbij zal het de gevreesde Duitse tanks uitschakelen. Laat de Duitsers maar komen. Voor elke gedode Russische soldaat zullen er vijf nieuwe in de plaats komen. 

Zjoekov beseft dat het Rode Leger veel soldaten en materieel zal verliezen met deze strategie, maar in tegenstelling tot de vijand kan de Sovjet-Unie snel van haar verliezen herstellen. Voor de nazi’s is het daarentegen erop of eronder.

Duitsers breken door verdediging

Onder aanvoering van generaal Walter Model en kolonel-generaal Hermann Hoth weten de Duitsers al op 5 juli in het noorden en het zuiden door de verdediging te breken. 

Maar hoewel Hoth en zijn soldaten vanuit het zuiden 25 kilometer in de richting van Koersk oprukken, maakt de leiding van het Rode Leger zich geen zorgen. 

De Wehrmacht heeft weliswaar de drie eerste, zwaarst versterkte linies achter zich gelaten, maar er zijn er nog drie over, en nu zal luitenant-generaal Pavel Rotmistrov bij Prochorovka de Duitse opmars stuiten.

‘Elke officier en soldaat moet het belang van deze aanval beseffen. De zege bij Koersk zal een baken voor de wereld zijn.’ Adolf Hitler vlak voor de Slag om Koersk.

© Ullstein Bild

Luftwaffe verrast Russen

Na zeven dagen van zware gevechten rijdt Rotmistrov op een ochtend door Prochorovka. Het is 12 juli 1943, en het is nog stil op het slagveld. De luitenant-generaal houdt halt bij de stellingen van het 29e Tankkorps ten zuiden van het dorp, die op een heuvel tussen de fruitbomen staan.

Hier heeft Rotmistrov een perfect uitzicht over het slagveld, waar de rivier de Psel als een slang door de graanvelden kronkelt. Met zijn verrekijker aanschouwt hij zijn eigen troepen en richt dan zijn blik op de vijand. Een kleine 600 tanks van drie SS-divisies staan tegenover hem. Zelf heeft hij er meer dan 900 tot zijn beschikking.

De mannen van de luitenant-generaal staan te trappelen. Maar net als het 6.00 uur is en hij op het punt staat het bevel tot de geplande verrassingsaanval te geven, duikt er een zwerm Duitse jachtvliegtuigen op aan de bewolkte hemel. In hun kielzog volgen bommenwerpers: de Duitsers zijn hem te snel af geweest. 

De onheilspellende stilte maakt plaats voor een oorverdovend kabaal als de bommen op de Russische troepen neerdalen. Rotmistrov ziet dat de Duitse tanks beginnen te rijden en koers zetten richting zijn stellingen.

In de loopgraaf van de Russische soldaat Pavel Krylov, die deze ochtend zo bruusk gewekt werd, maken de mannen zich op om de vijand te bestormen. 

Uit zijn ooghoek ziet Krylov plotseling een van de Duitse duikbommenwerpers – een Stuka – die korte tijd later zijn dodelijke lading laat vallen. Krylov hoort een waarschuwingskreet en ziet dan hoe de grond voor hem de lucht in wordt geblazen. 

Het lijkt wel alsof een reus het hele slagveld door elkaar aan het schudden is. Vanuit de verte hoort de versufte Krylov een bevel: de Russische soldaten moeten standhouden. Als hij weer een beetje bijgekomen is, kijkt hij naar de vijandelijke linies, en tot zijn schrik ziet hij een rij tanks als een vloedgolf op zich afkomen.

Rotmistrovs plan om als eerste toe te slaan is in duigen gevallen. De luitenant-generaal kan nu alleen maar blij zijn dat de Duitse tanks regelrecht de regen van granaten en raketten in rijden die het begin van zijn verrassingsaanval in had moeten luiden. 

Maar de tanks – met de gevreesde Tiger 1 voorop – verspreiden zich. Hun rupsbanden ploegen de gele graanvelden om, die al snel in een wolk van stof en rook zijn gehuld. Om 6.30 uur houdt het Russische bombardement zoals gepland op, en Rotmistrov geeft eindelijk het bevel tot de aanval.

‘Staal! Staal! Staal!’ roept hij, en de Russische tanks komen in beweging. Langzaam maar zeker komt de vaart erin en denderen ze op de vijand af. 

Rotmistrov heeft zijn tankbestuurders opgedragen om te rijden alsof hun leven ervan afhangt, en dat is ook zo: anders worden ze nog voordat ze aan vechten toekomen al opgeblazen door de 88mm-kanonnen van de Duitse tanks.  

Paarsgrijze rook kondigt aanval aan

Het is inmiddels kwart voor zeven. Aan de andere kant van het front probeert de SS Hauptsturmführer Rudolf von Ribbentrop vanuit zijn Panzer IV-tank het overzicht te bewaren. 

Hij is de zoon van de minister van Buitenlandse Zaken van nazi-Duitsland en heeft eerder al naam gemaakt bij de strijd tegen het Rode Leger in Finland, al is hij nog maar 22. Voor hem, achter een heuvelrug, ziet hij wolken van uitlaatgas. Langs de hele breedte van de heuvel stijgt deze paarsgrijze rook op, wat maar één ding kan betekenen: de Russische tanks zijn in aantocht, en het zijn er veel.

Von Ribbentrop draagt via de radio zijn compagnie op om de helling op te rijden, en eenmaal boven krijgt hij de eerste Russische T-34-tank in het oog, die een groep Duitse infanteristen op een heuvel zo’n 200 meter verderop af probeert te snijden. De ervaren mannen van Von Ribbentrop weten wat hun te doen staat. 

Ze stoppen hun tank, de commandant wijst een doelwit aan, en de schutter vuurt een granaat af op de bewuste Russische tank. Dit duurt maar een paar seconden, en in een mum van tijd weet de compagnie van Von Ribbentrop een aantal vijandelijke tanks uit te schakelen. De bemanningen voeren een wanhopig gevecht tegen de vuurzee die hen aan alle kanten omringt.

Von Ribbentrop kijkt om zich heen, en is met stomheid geslagen. Eerst ziet hij 15 tanks, dan 30, en dan zijn het er 50. Uiteindelijk raakt hij de tel kwijt. Infanteristen klampen zich vast aan de handvatten die aan de flanken van alle Russische T-34’s gemonteerd zijn.

Snel vuurt Von Ribbentrops tank een granaat af op een T-34 op slechts 50 meter afstand. Een tel later staat het Russische pantservoertuig in lichterlaaie, en de bemanning maakt zich uit de voeten. Plotseling hoort de SS’er een luide explosie. 

De Duitse tank vlak naast hem is geraakt, en de vlammen slaan eruit. Von Ribbentrop ziet hoe een goede vriend van hem het vege lijf weet te redden, maar richt dan zijn aandacht weer op de oprukkende Russen. De vloedgolf van Russische tanks lijkt onstuitbaar. De ene na de andere komt de heuvel af gerold. 

Zes op de 10 Duitse tanks aan het Oostfront werden ingezet bij operatie Zitadelle om Koersk in te nemen. Hier de slag bij Prochorovka, het keerpunt van het offensief.

© AKG Images

Granaten doorboren tanks

Vanaf zijn commandopost observeert Pavel Rotmistrov gespannen zijn tanks, die met een hoge snelheid de Duitse formaties binnendenderen. 

De zware pantservoertuigen draaien om elkaar heen als in een dodendans. Geen van beide partijen heeft de tijd om zijn tanks in een gunstige aanvalspositie op te stellen. Granaten doorboren van korte afstand de bepantsering alsof de tanks pakjes boter zijn. 

Rotmistrov kan aanvallers en verdedigers niet meer van elkaar onderscheiden. Het enige wat hij goed kan zien door zijn verrekijker zijn de brandende pantservoertuigen, die als fakkels de verkoolde vlakte verlichten.

De soldaat Pavel Krylov is blij dat zijn eenheid zich al op de aanval aan het voorbereiden was toen de Duitsers aan hun offensief begonnen. Als de Wehrmacht ook maar een uur eerder had
aangevallen, dan waren hij en zijn kameraden ten dode opgeschreven geweest.

Toch weten de Duitsers Krylovs eenheid meer dan 400 meter terug te dringen. Ondertussen raakt het slagveld bezaaid met dode soldaten.

Tanks raken door munitie heen

Volgens Von Ribbentrop is het slechts een kwestie van tijd voor zijn beruchte tanks de Russische T-34’s uitgeschakeld zullen hebben. Plotseling hoort hij een wanhoopskreet vanuit zijn eigen tank: ‘De pantserdoorborende granaten zijn op!’ 

Dit betekent dat de Panzer IV-tank moet stoppen, zodat de schutter, radio-operator en bestuurder de lader van nieuwe munitie kunnen voorzien. Von Ribbentrop weet donders goed dat hij zijn eigen doodvonnis tekent als hij de tank laat stoppen, en hij beveelt de bestuurder dan ook om de tank naar de voet van een heuvel te rijden, zodat ze beschut zijn. 

Maar voordat ze daar  aankomen, duikt er 30 meter aan hun rechterkant een T-34 op, die zijn kanontoren op de Duitse tank richt. 

Von Ribbentrop kijkt recht in de loop, maar zijn eigen tank is nog niet klaar om te vuren, want de lader heeft nog maar net nieuwe pantserdoorborende granaten gekregen en is nog bezig met laden.

‘Geef gas, nu!’ brult Von Ribbentrop. De tank komt meteen op gang en rijdt rakelings langs de vijand heen. De bestuurder weet om de vijandelijke tank heen te manoeuvreren en erachter te komen. 

Er zit nog maar 10 meter tussen de twee bakbeesten, en de Duitsers kunnen dan ook haast niet missen. De schutter vuurt, en de granaat komt in de kanontoren van de vijand terecht, die drie meter de lucht in vliegt.

Hoewel Von Ribbentrops compagnie veel Russische tanks uitschakelt, blijven ze maar komen.

Het voertuig van de Hauptsturmführer zelf staat midden in de onophoudelijke stroom, maar hij heeft een voordeel: anders dan die van het Rode Leger zijn de tanks van de Wehrmacht voorzien van radio. Door de andere tanks op te roepen kan hij misschien voorkomen dat hij voor een vijand aangezien wordt.

‘Alle eenheden! Niet schieten!’ roept hij over de radio. Geen antwoord.

Hij bevindt zich niet meer op een slagveld, maar op een kerkhof voor tanks. Alles staat in brand, en niemand kan iets zien door de rook. Er hangt een ondraaglijke stank in de lucht. De T-34’s van de Russen schieten op elkaar.

Von Ribbentrop keert om

Pavel Krylov rent een heuvel op. Om hem heen liggen dode lichamen en kermende gewonden. Russische eenheden iets verder naar achteren geven wat ondersteunend vuur, maar het blijft Duitse granaten regenen. 

Pas rond 13.00 uur begint de Russische artillerie de Duitsers, die zich op een strategisch gelegen heuveltop bevinden, onder vuur te nemen. T-34’s rijden de helling op, en weten die uiteindelijk in te nemen.

Aan Duitse zijde hoort Rudolf von Ribbentrop opnieuw de onheilspellende boodschap: ‘De pantserdoorborende granaten zijn op!’ 

De Duitsers zijn nu helemaal door dit type munitie heen. Von Ribbentrop beveelt zijn tank dan ook om achter de Russische infanteristen aan te gaan, die nu overal opdoemen. Plotseling hoort de Hauptsturmführer een luide knal en een schreeuw.

‘Mijn oog! Mijn oog!’ roept de boordschutter. Een granaat is precies op zijn kijkgat ingeslagen. De bepantsering is gelukkig niet doorboord, maar de periscoop kreeg zo’n klap dat de schutter omvergeworpen werd.

Zonder schutter kan de Panzer IV-tank van Von Ribbentrop niets meer uitrichten, maar hij heeft toch maar mooi 14 Russische tanks weten uit te schakelen. Hij laat honderden kapotgeschoten tanks achter op het slagveld als hij zich terugtrekt.

‘De Russen hebben sinds 1941 veel geleerd. Het zijn geen simpele boeren meer. Wij hebben ze de oorlogskunst bijgebracht.’ De Duitse generaal Hermann Hoth meteen na de tankslag bij Koersk.

© Ullstein Bild

Stalin is woest over verloren tanks

Het regent dat het giet als de duisternis invalt op het slagveld bij Prochorovka. In de verte hoort Pavel Rotmistrov nog wat knallen, maar nu maakt hij zich veel meer zorgen over de uitbrander die hij via de veldtelefoon van Sovjetleider Jozef Stalin krijgt.

‘Wat heb je met je grootse tankleger gedaan?’ wil Stalin weten. De vraag hakt er stevig in bij Rotmistrov, die als de dood is voor de toorn van de Sovjetleider. 

En Stalin heeft niet eens de hele waarheid te horen gekregen: binnen één dag zijn 650 Russische tanks in rook opgegaan, terwijl de Duitsers er in dit deel van het front maar 17 zijn kwijtgeraakt. Rotmistrov beseft dat hij de volgende dag met zijn gehavende tankleger niet weer in de aanval kan gaan en laat zijn mannen zich ingraven.

Duitsers zitten vast

Bliksemflitsen verlichten de nachtelijke hemel, en het gerommel van de donder mengt zich met dat van de granaten in de verte. Ondanks de kritiek van Stalin is Rotmistrov blij met het onweer, want de volgende ochtend, 13 juli, is het slagveld één grote modderpoel, waardoor de Duitse tanks nauwelijks vaart kunnen maken. 

De Russische artillerie bestookt de Duitsers met granaten, en al snel rijden de eerste Duitse tanks zich met kapotgeschoten rupsbanden vast, terwijl andere rechtstreeks de mijnenvelden in rijden. De infanterie rukt nog op – tot de Stalinorgels beginnen te vuren.

Bovendien verneemt Rotmistrov tot zijn genoegen dat de geallieerde landing op Sicilië, die op 10 juli begon, geslaagd is. Meer dan 160.000 soldaten zijn nu aan land gegaan en hebben een bruggenhoofd geslagen voor de aanstaande invasie van het Italiaanse vasteland. De tankcommandant kijkt er dan ook niet van op als de Duitsers later die dag operatie Zitadelle beëindigen.

Het Rode Leger heeft zware verliezen geleden, maar die waren ingecalculeerd als prijs voor de overwinning. Hoewel de Sovjets drie keer zo veel mannen, zes keer zo veel tanks en bijna drie keer zo veel vliegtuigen zijn kwijtgeraakt als de Duitsers, hebben ze gezegevierd bij Prochorovka. Duitsland kan een zege aan het Oostfront nu wel vergeten. 

Lees ook

Lloyd Clark: Kursk – the Greatest Battle, Headline Review, 2011. Mark Healy: Kursk 1943 – The Tide Turns in the East, Osprey, 1992. Steven H. Newton: Kursk – The German View, Da Capo Press, 2002. Steven J. Zaloga: T-34/76 Medium Tank, 1941-45, Osprey, 1994 Tom Jentz & Hillary Doyle: Tiger I Heavy Tank, 1942-45, Osprey, 1993.

Bekijk ook ...