El Alamein: Monty daagt Rommel uit in de woestijn

De Britse Woestijnratten staan tussen de Duitsers en de Arabische olievelden. In oktober 1942 raken 1600 tanks slaags in Egypte. De Slag bij El Alamein is beslissend voor de hele oorlog in Noord-Afrika.

De Britse Woestijnratten staan tussen de Duitsers en de Arabische olievelden. In oktober 1942 raken 1600 tanks slaags in Egypte. De Slag bij El Alamein is beslissend voor de hele oorlog in Noord-Afrika.

Het was stil in de woestijn. En koud. De nachtelijke hemel was helder en het zachte maanlicht kleurde het vlakke landschap staalgrijs.

328.000 soldaten en bijna 1600 tanks stonden tegenover elkaar. Ze hielden zich schuil in loopgraven aan weerszijden van het 60 kilometer lange front.

Tussen de twee legers lag een breed mijnenveld. Er stonden geen burgers of gebouwen in de weg. Het was leger tegen leger, zoals veldheren ooit conflicten beslisten op een afgesproken tijd en plaats. Allen wachtten op het moment dat de stilte storm zou worden.

Oorlog tot dusver een Duits succes

Al twee jaar lang golfde de woestijnoorlog heen en weer. Hitler wilde Caïro op de Britten veroveren om vanuit het Nijldal de oliereserves op het Arabisch Schiereiland te kunnen bereiken.

Bovendien was het Suezkanaal bij Egypte de poort naar de Indische Oceaan en de rijkdommen van het Oosten. Het was de Führer bijna gelukt. De Duitse veldmaarschalk Erwin Rommel was al helemaal tot El Alamein in Egypte gekomen – slechts 240 kilometer van Caïro.

Rommels veldtocht was begonnen in de Italiaanse kolonie Libië. De sluwe veldheer had met een klein leger in de woestijn enkele zeges behaald op de Britten, die hem ‘woestijnvos’ noemden, en zichzelf ‘woestijnratten’.

VIDEO: De Duitsers rukken op door Afrika

Maar de tocht verliep zo snel dat de voorraden hen niet konden bijhouden. Brandstof, wapens en munitie gingen per schip van Italië naar Tripoli in Libië en moesten per vrachtwagen verder door de woestijn. Toen Rommel El Alamein bereikte, was de bevoorradingslijn 2000 kilometer lang en erg kwetsbaar.

Britse jagers vielen de vrachtwagens aan, terwijl vrachtschepen in de Middellandse Zee tot zinken werden gebracht door onderzeeërs en oorlogsschepen.

Rommel moest de opmars nu wel stoppen. Hij besloot zich te verschansen achter een breed mijnenveld en beval de infanterie om zich in te graven in loopgraven. De Britten mochten niet weer de kans krijgen om toe te slaan.

Churchill stuurde de juiste man

De Britse premier Winston Churchill stond op dat moment onder zware druk. Politici en militairen in binnen- en buitenland betwijfelden of het Britse leger überhaupt een slag kon winnen. Nu had hij eindelijk de kans om zijn bondgenoten hoop te geven.

Tot dan toe was de woestijnoorlog op Rommels voorwaarden verlopen. De premier stuurde daarom de onbekende maar veelbelovende luitenant-generaal Bernard Montgomery naar Afrika. Dat leek hem de juiste man om de defensie van de woestijnvos te breken.

Twee mijnenruimers

De Britse mijnenruimers moesten opschieten. De tanks konden pas oprukken als ze klaar waren met hun werk.

© imperial war museum

De geallieerde overmacht

445.000 Duitse mijnen lagen er tussen de legers van Rommel en Montgomery. Maar nog nooit eerder werd een Europese troepenmacht zo goed gesteund door artillerie als de Britse. Ook had het leger bijna drie keer zo veel tanks als de Duitsers en Italianen samen en bijna twee keer zo veel mankracht. Montgomery stond er goed voor.

Montgomery maakte korte metten met de alom heersende gedachte dat tanks vóór de infanterie moesten oprukken. Hij wilde dat de artillerie eerst de vijandelijke kanonnen zou vernielen en dat daarna de infanterie zich een weg zou banen door het mijnenveld. Dan pas zouden de pantsertroepen als laatste moeten oprukken om de vijand in een rechtstreekse confrontatie te verjagen.

De Britse luitenant-generaal vond het een goed teken dat Rommel zich niet op het slagveld bevond. De laatste twee jaar woestijnoorlog hadden zo veel van Rommels gezondheid geëist dat hij nu even op ziekteverlof was in Oostenrijk. Generaal Ritter von Thoma nam zijn plaats in bij El Alamein.

Duitsers bloedden uit hun oren

Met angst en beven wachtten de troepen in de nachtelijke woestijn en op 23 oktober om 21.10 uur was het zover: 800 Britse kanonnen verbraken op een en hetzelfde moment de stilte. Het kanonvuur verlichtte de duisternis en de schoten waren 120 kilometer verderop in Alexandrië te horen.

Montgomery had de artillerie bevolen zich op één gedeelte van de vijandelijke stellingen tegelijk te concentreren in plaats van de granaten evenredig te spreiden. Hij vergeleek het met een brandslang die op de vijand werd gezet in plaats van een buitje dat zacht neerdaalde.

VIDEO: De artillerie verlicht de woestijnnacht

De granaten sloegen in op de Duitse en Italiaanse artilleriestellingen. Het eerste bombardement, dat wel 40 minuten duurde, vernietigde honderden kanonnen.

Voor elke granaat die door de Duits-Italiaanse stellingen werd afgevuurd, kregen ze er gemiddeld 20 terug. Talloze Duitse en Italiaanse artilleristen werden gedood, terwijl anderen door de hevige knallen doof werden en uit hun oren bloedden.

Daarna richtten de Britse kanonnen zich op de Duits-Italiaanse infanterie aan de andere kant van het mijnenveld. De loopgraven, het prikkeldraad en de mijnenvelden werden weggevaagd.

Soldaten en explosie

De Britse artillerie maakt de weg vrij voor de infanteristen. In tien dagen vuren de kanonnen ruim een miljoen granaten af.

© Polfoto/Topfoto

Het frontliniebombardement duurde vijf minuten. De genietroepen gingen voorop – bewapend met metaaldetectoren – en de infanterie volgde hen.

‘Het vergt moed om rechtop te staan met een metaaldetector, terwijl de anderen voorovergebogen rennen of plat op hun buik liggen om de kogels te ontwijken’, zei een Britse officier ooit.

Zodra een detector uitsloeg, hurkte een infanterist neer en stak hij zijn bajonet in de grond. Als de punt op een mijn stuitte, legde hij deze bloot en maakte hem onschadelijk.

Terwijl de soldaten zich moeizaam door het mijnenveld worstelden, vlogen de kogels uit Duitse machinegeweren en tanks over het slagveld. Het geluid van kogels die soldaten raakten, kwam uit alle richtingen. De mannen vielen schreeuwend in het zand, terwijl hun kameraden het offensief voortzetten.

Duizenden mannen en honderden tanks rukten in het donker langzaam op door de mijnvrije corridors.

Britse Churchill-tanks rukken op door de 15 meter brede corridors die de infanterie heeft vrijgemaakt in de Duitse mijnenvelden.

© Alloverpress/Getty Images

Infanteristen droegen stormlampen op hun rug, zodat de soldaten achter hen de weg konden vinden terwijl het licht voor de vijand onzichtbaar bleef. Of ze trokken lange repen witte stof achter zich aan om de aanvalsgangen, die eerst maar 15 meter breed waren, te markeren.

De eerste problemen dienden zich al snel aan. In de gangen ontstonden opstoppingen en verwarring. Een aantal tanks moest stoppen en door de gang terugkeren.

Andere reden verkeerd en eindigden in het mijnenveld. Complete eenheden soldaten raakten verdwaald in de duisternis, die nog ondoordringbaarder werd door het zand dat de zware rupsbanden opwierpen.

Volg de slag stap voor stap:

Duitsers werden misleid

Montgomery wilde door het noordelijke deel van het mijnenveld breken en vervolgens het grootste deel van zijn troepen door de ontstane bres sturen.

Om de vijand te misleiden, viel hij de Duitse pantsertroepen in het zuiden bij de Qattara-depressie aan. Tegelijkertijd voerden Australische soldaten aan de noordkust ook een schijnaanval uit. De tactiek werkte.

De Duitsers en Italianen wisten nog niet waar de hoofdaanval vandaan kwam en waren gedwongen hun troepen langs het gehele front te verspreiden. Ondertussen werkten de Britten door in het mijnenveld.

In de vroege ochtend van 24 oktober was een aantal Britse pelotons door het mijnenveld getrokken en aangekomen bij de voorste vijandelijke stellingen. Op slechts een paar plekken lukte het hun om de loopgraven in te nemen, de meeste Britten moesten zich ingraven om bij zonsopgang geen wandelende schietschijven te zijn. Achter hen heerste nog chaos in de gangen door het mijnenveld.

© Imperial War Museum & Scanpix

Meest iconische oorlogsfoto’s zijn vals

Oorlogsverslaggevers in Noord-Afrika sneuvelden vaak door vijandelijke kogels. Geënsceneerde foto’s boden uitkomst.

De Noord-Afrikaanse woestijn was het enige front waar de Britten van 1940 tot 1942 vochten. De Australische en Britse pers berichtte er daarom uitgebreid over.

Het wemelde in de woestijn van de journalisten en persfotografen, en in de strijd om een goed verhaal en mooie foto’s sneuvelde menige journalist door Duitse kogels of artillerievuur.

Daarom gingen de Britse fotograaf Len Chetwin en anderen gevechten in scène zetten. De redacties in Londen waren enthousiast over de spectaculaire ‘reportagefoto’s’ en gebruikten ze geregeld in de kranten.

In de loop van de ochtend nam de hitte toe en de stofwolken die tanks en explosies opwierpen belemmerden het zicht.

Door het helse kabaal van motoren, machinegeweren en granaten was het onmogelijk elkaar te verstaan. Geallieerde soldaten en tanks raakten het spoor bijster.

Ondanks de chaos was het duidelijk welke kant de slag op ging: de Duitsers werden door de geallieerden onder druk gezet.

Als laatste redmiddel voor het in problemen verkerende leger stuurde Hitler de ervaren, maar moegestreden Rommel weer terug naar de woestijn.

De veldmaarschalk kwam in de avond van 25 oktober op het slagveld aan, maar moest constateren dat er weinig hoop was.

Geen tijd voor krijgsgevangenen

Op 26 oktober vielen Britse tanks de Italiaanse loopgraven achter de mijnen aan.

Britse eenheden hadden het bevel gekregen geen krijgsgevangenen te maken. Dat kostte tijd en het offensief mocht geen vertraging oplopen, ook al werden alle oorlogsregels overtreden.

‘De eerste loopgraven die we troffen zaten vol met Italiaanse bastards. Snel rekenden we met ze af. We reden langs de stellingen, wierpen handgranaten naar hun hoofd en riepen: “Eieren als ontbijt!” Toen reden we over de loopgraven heen, zodat die instortten. Een snelle begrafenis, dat gaven we die kerels’, aldus een Britse tanksoldaat.

Nu besefte Rommel pas waar de Britten wilden doorbreken. Duitse en Italiaanse tanks zetten de tegenaanval in bij de strategisch belangrijke heuvelrug Kidney Ridge, waar de gevechten heen en weer golfden.

‘De omstandigheden zijn buitengewoon slecht. Ik hoop dat we het redden.’ Erwin Rommel in een brief aan zijn vrouw

Aan het einde van de dag was het aantal Italiaanse tanks gereduceerd van 41 tot nul. De tankbemanning raakte meermaals opgesloten en verbrandde doordat de nooduitgangen niet meer open wilden of werden geblokkeerd door het zand.

De soldaten buiten konden hen horen gillen. Velen riepen om hun moeder. ‘Sommige tanks bleven rijden, zelfs al waren ze geraakt en stonden ze in brand. De bemanning was stervende, of dood. De tanks leken op zelfrijdende brandstapels, doordat de voet van een dode nog steeds het gaspedaal indrukte’, schreef een Britse officier.

Op 27 oktober doorbraken enkele Britse Crusader-tanks ’s morgens vroeg de Duitse linies.

© Imperial War Museum

Langzaam baanden de Britten zich een weg door de verdedigingslinie. Op de avond van 28 oktober schreef Erwin Rommel aan zijn vrouw Lucie: ‘Er wordt zwaar gevochten. Niemand kan zich voorstellen hoezeer ik onder druk sta. Weer staat alles op het spel. De omstandigheden zijn buitengewoon slecht. Ik hoop dat we het redden.’

Grote doorbraak wordt duur betaald

Veldmaarschalk Rommel begon door zijn materieel heen te raken. De kanonnen, tanks, troepen en olie die hij verloor, konden niet meer worden vervangen. Zijn leger werd met het uur zwakker.

Op 2 november om 11.00 uur bracht Montgomery de genadeklap toe. Zeker 94 Britse tanks en 400 infanteristen wisten door de verdedigingslinie te breken.

Maar de prijs was hoog. Slechts 19 tanks en 170 uitgeputte soldaten haalden de top van de heuvelrug Tell al-Aqaqir, vanaf waar ze konden berichten over Rommels manoeuvres.

Montgomery en symbool van woestijnrat

Montgomery stond erom bekend dat hij nogal opschepte over zijn eigen kunnen. Dat leidde tot een aanvaring met Churchill.

© polfoto/topfoto

Woestijnrat was Eisenhowers rivaal

Montgomery was Churchills grootste troef. Na het succes in Afrika moest hij toegeven dat de bevelhebber van de VS meer invloed had.

Bernard Montgomery werd in 1887 geboren als bisschopszoon in Londen. In 1908 studeerde hij af aan de Sandhurst Military Academy. Hij diende een paar jaar in India voor hij naar de loopgraven in Frankrijk ging. In 1914 raakte hij zwaargewond door een schot in zijn borst.

Twee jaar later ging hij terug naar het front en aan het einde van de oorlog in 1918 leidde hij de generale staf. Generaal-majoor Montgomery kreeg in 1938 de leiding over de Britse troepen in Palestina, en in juli 1942 op bevel van premier Churchill over het Achtste Leger in de woestijn van Libië.

In december 1943 kreeg hij bij de aanstaande invasie op het Europese vasteland het commando over alle Britse grondtroepen. Maar dat vond de ambitieuze veldheer niet genoeg.

Hij wilde opperbevelhebber zijn van de Britse én Amerikaanse troepen. Dat lukte niet. De VS wilden hun eigen man – generaal Eisenhower – en Churchill haalde bakzeil.

Toen Montgomery Eisenhowers strategische capaciteiten op een persconferentie in twijfel trok, wilde Churchill hem ontslaan. Toch werd hij tot leider van de bezettingsmacht in Europa benoemd.

Rommel stuurde 60 tanks op weg om het gat te dichten, maar de paar Britse soldaten kregen steun van kanonnen en vliegtuigen. Bij zonsondergang hadden de Duitsers nog maar 30 tanks.

De veldmaarschalk had nu geen hoop meer. Hij schreef weer aan zijn vrouw: ‘Er komen zware dagen aan. De doden mogen van geluk spreken, voor hen is het voorbij. Ons lot ligt in Gods handen. Ik zeg jou en ons zoontje vaarwel.’

De Duitse veldmaarschalk besefte dat het gat een ware dijkdoorbraak zou veroorzaken en dat de geallieerden zijn leger zouden overspoelen.

Om de resten van zijn leger te redden gaf hij bevel tot terugtrekking. Duizenden Duitsers en Italianen vluchtten naar Fuka, een stad 100 kilometer ten westen van El Alamein.

‘Dit is niet het einde. Het is zelfs niet het begin van het einde. Maar het is wellicht wel het einde van het begin.’ Winston Churchill na de zege bij El Alamein

Op de terugtocht verwoestten de Duitsers de achtergebleven voorraden. De klap en rook van ruim 12.000 ton munitie gaven de goudgele woestijn een apocalyptische aanblik.

Montgomery volgde het leger van Rommel behoedzaam in plaats van de confrontatie aan te gaan. Hij durfde niet te riskeren dat hij de kostbare en belangrijke overwinning uit handen gaf door een frontaal treffen met Rommel, die de laatste twee jaar steeds had laten zien dat hij sluw genoeg was om de Britten via de flanken te ontwijken.

Voor het eerst sinds het uitbreken van de oorlog twee jaar daarvoor hadden Britse soldaten eindelijk een belangrijke zege geboekt.

© Imperial War Museum

In de loop van het daaropvolgende jaar was Rommel steeds op de terugtocht. De laatste Duits-Italiaanse troepen in Afrika vochten wanhopig tegen de Britten in Tunesië. 140.000 Italianen en 100.000 Duitsers gaven zich op 13 mei 1943 over.

Rommel was toen alweer teruggevlogen naar Europa, waar Hitler hem een nieuwe belangrijke taak toevertrouwde: Duitsland voorbereiden op de geallieerde aanval die op het Europese vasteland werd verwacht.

De Britten vingen de woestijnvos niet, maar het Duits-Italiaanse avontuur in Noord-Afrika was voorbij. Het lukte het Derde Rijk nooit de oliereserves op het Arabisch Schiereiland te bereiken.

Churchill schreef in zijn memoires: ‘Vóór El Alamein hadden we nooit een overwinning behaald. Daarna leden we nooit meer een nederlaag.’

Rommel drinkt water

Erwin Rommel was lang een van Hitlers grootste helden, maar hij stierf in ongenade.

© Ullstein bild

Woestijnvos moest zelfmoord plegen

Hitler was een groot bewonderaar van Erwin Rommel. Maar eind 1944 stelde de Führer de veldmaarschalk een ultimatum: neem gif of sterf eerloos.

Rommel werd in 1891 geboren in Heidenheim, 110 kilometer van München. Als kind wilde hij ingenieur worden, maar zijn vader drong aan op een militaire carrière.

In 1910 ging hij het leger in, en hij was luitenant toen de Eerste Wereldoorlog begon. Zijn leiderstalent bezorgde hem een IJzeren Kruis en de kapiteinsrang.

In 1937 schreef hij een boek over infanterietactiek. Hitler was zo geïmponeerd dat hij Rommel benoemde tot generaal van de 7e Pantserdivisie, die in mei 1940 Frankrijk binnenviel.

Een jaar later gaf Hitler hem het bevel over het ‘Deutsches Afrikakorps’, dat Caïro en het Nijldal moest innemen. In juni 1942 werd hij bevorderd tot veldmaarschalk.

Weer terug in Europa waarschuwde Rommel Hitler in 1944 dat Duitsland verloren was en raadde hem aan te capituleren. Hoofd van de generale staf Ludwig Beck vroeg Rommel met een aanslag op de Führer mee te doen.

Maar Rommel wilde Hitler voor het gerecht dagen. Dit kwam Hitler ter ore en hij stelde Rommel op 14 oktober voor de keuze: pleeg zelfmoord en je krijgt een staatsbegrafenis, of je wordt aangeklaagd voor hoogverraad. Hij koos zelfmoord. Officieel stierf Rommel aan een beroerte.