Mannelijke collega’s keken op hen neer. Maar Stalin gebruikte ze voor reclame.

© Polfoto/RIA Novosti & Mary Evans

Nazi’s vreesden Stalins vliegende nachtheksen

Stalin is wanhopig. De nazi’s staan niet ver van Moskou, en hij heeft in een aanval van paranoia een groot deel van zijn gevechtspiloten ontslagen. Daarom probeert hij iets nieuws: vrouwelijke piloten, de nachtheksen.

22 juni 2018 door Natasja Broström

Marina Raskova haalt nog eens diep adem en drukt de deurkruk omlaag. Ze loopt door en staat oog in oog met de leider van de Sovjet-Unie, Jozef Stalin. 

Raskova legt hem uit dat zij en vele andere vrouwen heel graag gevechtspiloot willen worden in dienst van het vaderland.

‘Ziet u, de vrouwen gaan toch wel naar het front. Ze nemen de zaken in
eigen hand, en het zou erger zijn als ze een vliegtuig zouden stelen om er te komen’, zegt Raskova. Ze verwijst naar twee onervaren vrouwen die eerder zijn neergestort met een gestolen vliegtuig.

Stalin zucht. Sinds nazi-Duitsland vijf maanden eerder de Sovjet-Unie binnenviel, loopt Raskova de deur plat bij de Sovjetleiding. Het Ministerie van Defensie en de partijtop komen maar niet van de 29-jarige vrouw af. 

Ze is bekend als moedig langeafstandsvlieger en heeft vele records op haar naam. Brutaal heeft ze zich door de bureaucratie geworsteld en is ze bij Stalin zelf uitgekomen. 

Na enige aarzeling besluit hij haar te steunen, maar hij geeft haar wel mee: ‘De komende generaties zullen ons het verlies van meisjes niet licht vergeven.’

Tienduizenden melden zich aan

Een paar dagen later, op 8 oktober 1941, vaardigt Stalin Bevel 0099 uit, dat toestemming geeft voor de oprichting van Vlieggroep 122, die uitsluitend uit vrouwelijke piloten zal bestaan.

De oproep aan vrouwen wordt via Radio Moskou, vliegclubs, technische universiteiten en de jongerenorganisatie Komsomol verspreid. 

Raskova heeft 300 vrijwilligers nodig, maar de postzakken blijven binnenstromen, terwijl tienduizenden zich via plaatselijke wervingsbureaus aanmelden. 

2000 sollicitanten met technische of praktische ervaring worden uitgenodigd. Een van hen is de 17-jarige Nadja Popova, die al een jaar bij een amateurclub heeft gevlogen. 

Tijdens het gesprek test de kersverse majoor Raskova haar op alle mogelijke manieren uit: 

‘Je komt misschien niet om, maar je kan zo ernstig verbrand raken dat je eigen moeder je niet meer herkent. Je kunt blind worden of een arm of been verliezen. Weet je echt zeker dat je dat wilt?’

Nadja knikt resoluut, waarop Raskova haar lachend welkom heet. 

Lidija Litvjak stond bekend als de Witte Roos van Stalingrad. De aantrekkelijke jachtvlieger
zette vele mannelijke piloten op hun nummer, maar haar opvallende vliegtuig werd haar fataal.

© All Over Press

Vrouwen krijgen intensieve training

Vier dagen later komen de 300 uitverkorenen bij elkaar op de Moskouse Sjoekovsky-luchtmachtacademie. Hier krijgen ze uniformen en laarzen in mannenmaten. 

De laarzen worden opgevuld met oude kranten, maar de vrouwen moeten voorlopig leren leven met truien die tot hun knieën komen en broeken die ze tot over hun borst kunnen trekken. Het gegiechel van de vrouwen is in de hele campus te horen.

De volgende dag gaan ze met de trein naar het trainingskamp in Engels in Zuidwest-Rusland. De Duitsers hebben het spoorwegnet zwaar gebombardeerd en de trein moet vaak wachten op een zijspoor op een tegemoetkomende trein.

Soms stranden ze op een zijspoor en moet majoor Raskova met de officiële documenten in de hand transport met auto’s of vrachtwagens regelen naar het volgende station. 

Maar de wegen raken verstopt door de vele vluchtelingen, soldaten en militaire voertuigen en de reis van 700 kilometer duurt wel een week. Raskova gebruikt deze tijd om haar vrouwen voor te bereiden op de ontberingen: ‘Rust uit. Slaap zo veel mogelijk. Jullie zullen het nodig hebben.’

In Engels krijgen de 300 vrouwen een half jaar om te leren wat aspirant-piloten normaal in drie jaar leren.

In de kazerne verlopen de dagen volgens een vast patroon: eerst een uur gymnastiek en marcheren, dan ontbijt. Vervolgens worden de vrouwen onderwezen – of geïndoctrineerd – in de
ware communistische leer door een partijcommissaris. 

De vlieglessen duren vaak 14 uur. Ze leren luchtgevechttactieken en schieten, en bestuderen de techniek van de vliegtuigmotoren.

In april 1942 maakt majoor Raskova de namen bekend van de 100 vrouwen die jachtpiloot mogen worden, waarmee hun droom uitkomt. De anderen worden bommenwerperpiloot, navigator, radiotelegrafist of werktuigkundige.

Nadja’s vriendin Larissa Rasanova wordt ‘slechts’ navigator: ‘Ik was een zeer ervaren piloot. Toch gaven ze me het onbeduidendste baantje dat er is. Ik voelde me compleet vernederd.’

Iedereen krijgt mannenkapsel

Raskova stelt drie squadrons samen: het jachtregiment 586 krijgt de moderne Jak 1-jager tot zijn beschikking. 

Het bommenwerperregiment 587 gaat met de bommenwerper Pe-2 vliegen, terwijl het nachtbommenwerperregiment 588 zijn leven op het spel zal zetten in het verouderde Po-2-vliegtuig. 

Hoewel dit toestel ongeveer 150 km/h haalt, de snelheid van vliegtuigen in de Eerste Wereldoorlog, is de laagvliegende dubbeldekker perfect voor nachtvluchten, omdat hij onder de Duitse radar blijft.

Als de squadrons in het voorjaar van 1942 gevechtsklaar zijn, komt er een zorgelijk bevel van de commandant: de vrouwen moeten geknipt worden.

Een werktuigkundige heeft blond haar tot haar middel, en ’s avonds kamt ze altijd uitgebreid haar haar. Niemand durft de schaar erin te zetten.

Raskova geeft toestemming om het haar onder haar baret te verbergen.

Twee dagen later komt een generaal onverwachts op inspectie. Hij stopt bij de werktuigkundige, staart haar in de ogen en doet haar baret af. Het lange haar valt omlaag. 

De vrouwen houden hun adem in, maar de generaal lacht en roept majoor Raskova bij zich: ‘Waarom hebben alle meisjes hun haar niet zo? Behalve zij lijken het allemaal net jongens. Een vrouw zonder haar is als een paard zonder manen.’

Vrouwen moeten in een stal slapen

Korte tijd later worden de drie squadrons naar verschillende plaatsen aan het front gestuurd. Regiment 588 gaat onder leiding van majoor Jevdokija Bersjanskaja naar de zuidelijke Kaukasus.

Het is windstil als de vrouwen van 588 in V-formatie naar hun nieuwe basis vliegen. Plotseling duiken vijandige vliegtuigen op. 

In paniek verbreken ze de formatie en maken ze een noodlanding in een bos. De vijand schiet gelukkig niet en vliegt gewoon door.

Na enige tijd durven de geschrokken pilotes verder te vliegen. Bij aankomst snappen ze waarom de vliegtuigen niet schoten: ze waren helemaal niet Duits. Hun mannelijke collega’s wilden de vrouwen eventjes ‘welkom heten’.

De stemming wordt er niet beter op als de vrouwen te horen krijgen dat ze in een oude koeienstal moeten slapen. Ondanks een schoonmaakbeurt gaat de stallucht niet weg. De mannen noemen het vrouwenverblijf ‘de Vliegende Koe’.

Bovendien acht de commandant van de basis de vrouwen niet gevechtsklaar. Tot Bersjanskaja’s grote ongenoegen moeten ze daarom eerst nog een tijd aan de grond blijven. Het moreel van de pilotes bereikt een dieptepunt. 

Nadja Popova was een van de eerste vrouwen die zich opgaven voor de luchtmacht. Ze overleefde de oorlog.

© Polfoto/RIA Novosti

Eerste slachtoffers bij vuurgevecht

In juni 1942 krijgen de vrouwen van regiment 588 eindelijk hun kans. Drie Po-2-toestellen zetten koers naar een Duitse basis in Dnjepropetrovsk in de Oekraïne. 

Onder de vleugels van de houten vliegtuigjes hangen twee bommen, die samen 400 kilo wegen. Iedereen is gespannen. Dit is de vuurproef waar ze zo lang op gewacht hebben.

Met een zaklantaarn, kaart en stopwatch berekent de navigator de afstand tot het doelwit, en informeert de piloot. Vlak voor het doel geeft de navigator een teken, waarop de piloot de motor stationair laat draaien, zodat het vliegtuig bijna geluidloos omlaag zweeft.

Het voorste vliegtuig werpt een paar valschermlichten af die het terrein verlichten. Dan trekt de piloot aan een touw en de bommen vallen. Het toestel trilt door de explosies.

De operatie moet klaar zijn voordat de vliegtuigen opgepikt worden door Duitse schijnwerpers. In het felle licht kunnen de piloten gedesoriënteerd raken en een makkelijke prooi worden voor afweergeschut. De toestellen duiken onder de lichtbundels, en keren dan terug naar de thuisbasis. Op de grond staan vitale gebouwen in brand.

Op de basis vieren de vrouwen hun vuurdoop, en majoor Bersjanskaja is blij: ‘Dit laat de mannen pas echt zien met wie ze te maken hebben.’

De uitgelaten stemming wordt snel getemperd als het laatste vliegtuig niet terugkeert. 

Pas na de oorlog horen de vrouwen wat ermee gebeurd is: dorpsbewoners troffen een vliegtuig aan met twee doodgebloede vrouwen erin. Duits afweergeschut was dwars door het dunne zeildoek van hun vliegtuig gegaan.

Vrouwen worden nachtheksen

Ondanks de verouderde toestellen zijn de nachtelijke aanvallen al snel berucht. De bommenwerpers maken bijna geen geluid, waardoor de Duitsers zich nooit veilig kunnen voelen.

Ook wordt de trots van de Duitse soldaten gekrenkt als neergeschoten vliegtuigen eenvoudige ‘huisvrouwen’ blijken te bevatten.

De Duitsers noemen de pilotes die hun nachtrust voortdurend verstoren ‘nachtheksen’. Ze geloven zelfs dat de vrouwen injecties hebben gekregen waardoor ze kunnen zien in het donker.

De nachtheksen maken soms wel 18 vluchten per nacht, omdat de toestellen maar twee bommen per keer kunnen vervoeren. De prijs is hoog. Velen zien hun kameraden brandend ter aarde storten. 

Ook hebben de pilotes signaalraketten bij zich, die regelmatig ontploffen en de cockpit veranderen in een dodelijk inferno. Dan kunnen de vrouwen alleen maar hopen op een snelle dood.

Door de geruchten over martelingen en verkrachtingen door de nazi’s zijn de vrouwen bang om een noodlanding te maken achter de Duitse linies. Vaak bewaren ze de laatste kogel in hun pistool voor zichzelf, of storten ze opzettelijk samen met hun navigator neer.

Na acht maanden oorlog krijgt het regiment 588 de erkenning waar de vrouwen zo lang op gewacht hebben.

Nadja Popova en de anderen juichen als hun squadron tot het 46e Garderegiment wordt uitgeroepen. Nu behoren ze eindelijk tot de elite. Maar er komt een domper op de feestvreugde als majoor Raskova dat jaar tijdens een routinevlucht in slecht weer neerstort.

De ‘heksen’ helpen in 1944 de Krim en Wit-Rusland te bevrijden, en in 1945 bombarderen ze de laatste verzetshaarden rond Berlijn. Als ze eventjes in een boerderij uitrusten, gaat ineens de deur open en roept een werktuigkundige: 

‘Victorie, meisjes! De oorlog is voorbij!’

De vrouwen van regiment 588 voerden meer dan 23.000 missies uit en wierpen ruim 3000 ton bommen af.

Op zijn hoogtepunt bestond het regiment uit 80 piloten en navigators. 23 kregen de titel Held van de Sovjet-Unie, en 30 kwamen er om. 

De nachtheksen werden een van de meest gedecoreerde eenheden van het Rode Leger.

Lees ook

Anna Krylova: Soviet Women in Combat, Cambridge University Press, 2010. Bruce Myles: Night Witches, Mainstream Publishing, 1981. Amy Goodpaster Strebe: Flying for her Country, Praeger, 2007. Reina Pennington: Wings, Woman & War, University Press of Kansas, 2001.

Bekijk ook ...