Op expeditie in de aarde

In 1829 voer een wetenschappelijke expeditie van New York naar Antarctica. Officieel had de bemanning de opdracht de onbekende vaarwateren te onderzoeken. Maar voor één expeditielid ging de missie veel verder. Hij wilde bewijzen dat de aarde hol is.

In 1829 voer een wetenschappelijke expeditie van New York naar Antarctica. Officieel had de bemanning de opdracht de onbekende vaarwateren te onderzoeken. Maar voor één expeditielid ging de missie veel verder. Hij wilde bewijzen dat de aarde hol is.

Getty Images

Metershoge golven slaan over het roeibootje en de bemanning krijgt het ijskoude water over zich heen. Voor zich zien de 20 mannen een steile rotsformatie.

Overal om hen heen deinen ijsbergen in de schuimende zee. De brik Annawan, die hen van New York naar de Zuidpool heeft gebracht, is al niet meer in zicht.

Het is het jaar 1829, en een van de minst succesvolle wetenschappelijke expedities aller tijden nadert haar dieptepunt.

De mannen proberen wanhopig de enige plek in het ijzige rotslandschap te bereiken waar een roeiboot aan kan leggen en de man achter de expeditie, Jeremiah N. Reynolds, staat op het punt om toe te geven dat hij het misschien mis had.

De brik Annawan bracht Reynolds naar de Antarctische kust, waar hij de ingang naar het binnenste van de aarde hoopte te vinden.

© Getty Images

Hij had een rustige, ijsvrije zee en milde temperaturen verwacht hier op 8 breedtegraden van de geografische zuidpool. Maar de mannen zijn omringd door onherbergzame ijs- en rotsformaties, die de theorie ondergraven die hij zes jaar lang heeft verdedigd.

Maar hij is er nog steeds van overtuigd dat Antarctica een geologische sensatie verbergt, die de wetenschappelijke wereld een schok zal bezorgen en die alle kennis over de gesteldheid van de aarde op zijn kop zal zetten. De aarde is hol, meent Reynolds. En vanaf de Zuidpool kun je rechtstreeks de binnenkant bereiken.

Kompas wijst op holle planeet

Reynolds was lang niet de eerste die dacht dat de aarde hol was. In 1692 poneerde de Britse astronoom Edmond Halley, die de naar hem vernoemde de komeet ontdekte en het met vloeistof gevulde kompas uitvond, de theorie dat de aarde bestond uit drie bewoonbare schillen, die draaiden met verschillende snelheden.

Ledere schil had volgens Halley een zelfstandige atmosfeer en zijn eigen magnetische veld.

De theorie bood een verklaring voor enkele onregelmatige kompasmetingen die de wetenschappers toen grijze haren bezorgden. In 1716 werd de hemel boven Engeland verlicht door uitzonderlijk veel noorderlicht. Edmond Halley zag het bijzondere verschijnsel als bewijs voor zijn theorie.

Hij dacht dat de golvende sluiers van licht ontstonden doordat er lucht uit de inwendige werelden bij de polen naar buiten sijpelde.

Volgens Cyrus Teed wonen wij in de aarde en hangt de zon in het centrum ervan.

©

Zon bevindt zich in de aarde

In 1869 raakte de jonge Amerikaanse fysicus Cyrus Teed bewusteloos door een experiment met stroom. Toen hij ontwaakte, was hij ervan overtuigd dat de zon in het centrum van de aarde hing en de wereld zich aan de binnenkant van de aarde bevond.

Hij stichtte de Koresh-sekte en de stad Estero in Florida, die in de jaren 1903-1908 opbloeiden. De inwoners vonden een aantal slimme instrumenten uit voor topografische metingen en dachten wetenschappelijk bewijs te hebben gevonden voor de theorie.

Na de dood van Teed in 1908 verdween de sekte weer.

Maar de theorie hield geen rekening met een belangrijk feit. De Engelse fysicus Isaac Newton toonde al in 1687 aan dat de zwaartekracht naar het centrum van de aarde wijst. Een holle aardbol zou onder zijn eigen gewicht zijn ingestort, tenzij een nog onbekende kracht tegenwicht biedt. Zolang niemand de wetten van Newton onweerlegbaar met de theorie in overeenstemming kon brengen, was deze een slag in de lucht.

Het idee smeulde echter voort en laaide in 1818 weer op toen een voormalig officier in het Amerikaanse leger, John Cleves Symmes Jr., een opmerkelijk bericht rondstuurde.

Aarde is ook van binnen bewoonbaar

Symmes was sinds zijn jeugd al geboeid door een grootse theorie. Net zoals Edmond Halley 126 jaar voor hem dacht Symmes dat de aarde hol was.

‘Hierbij verklaar ik dat de aarde hol is en van binnen bewoonbaar. Ik zweer bij mijn leven dat dit de waarheid.’ John Cleves Symmes Jr.

Nadat hij tijdens de Oorlog van 1812 tussen Groot-Brittannië en de VS aan de Canadese grens had gediend, vestigde kapitein Symmes zich als handelaar in Missouri. Hier ruilde hij met de lokale indianenstammen koopwaren voor bont, terwijl hij ondertussen in alle rust bewijzen verzamelde voor zijn theorie.

De aarde was niet alleen hol, dacht Symmes. Het was ook mogelijk om de binnenwereld te betreden via twee enorme gaten aan de Noord- en Zuidpool. Deze gaten hadden een diameter van ruim 2200 kilometer en waren omringd door hoge bergen.

Als die waren bedwongen, kon een vermetele ontdekkingsreiziger zich zonder problemen onder het oppervlak van de aarde begeven. Hier was het in principe mogelijk om door een vreemd schemerlandschap helemaal van de ene naar de andere pool te lopen.

‘Hierbij verklaar ik dat de aarde hol is en van binnen bewoonbaar. Ik zweer bij mijn leven dat dit de waarheid is en stel mij beschikbaar als verkenner van de binnenkant van de aarde, als de wereld mij wil steunen bij deze grote opgave’, aldus Symmes in het schrijven dat hij vanaf 1818 uitdeelde aan de pers en aan wie zich maar interesseerde voor de theorie.

Hij hield een lezing over de opbouw van de aarde en schraagde zijn theorie met waarnemingen, zodat deze op echt onderzoek gebaseerd leek.

Nazi-adepten van het holleaarde-idee menen dat Hitler de aarde in vluchtte.

©

Hitler is niet dood – hij verbergt zich in de aarde

Het idee van de holle aarde heeft tal van samenzweringstheorieën opgeleverd. Een van de vreemdste is dat Adolf Hitler bewijzen vond dat de aarde hol is.

Een bizarre variant ervan is dat Hitler niet stierf in 1945, maar samen met zijn trouwste aanhangers via de Zuidpool vluchtte naar het hart van de aarde – en dat zijn nakomelingen zich daar nog steeds schuilhouden tot ze de kans krijgen het vierde rijk te stichten.

De theorie is gespeend van elke realiteitszin, maar is wel een voorbeeld van de manier waarop de holle aarde de fantasie van fanatici heeft geprikkeld.

Zo wees hij op de scholen vissen en zwermen vogels die naar het noorden trokken, maar naar het leek nooit meer terugkeerden. Ook had Symmes rapporten verzameld over grote hoeveelheden tropisch drijfhout langs de noordkust van Noorwegen, IJsland en Siberië.

Het leek hem waarschijnlijker dat dit hout van bossen aan de binnenkant van de aarde kwam, dan dat het helemaal van de evenaar naar de ijszee was gedreven.

Hij kwam ook met oude en nieuwe getuigenverklaringen op de proppen van vele zeelieden die hadden gezien hoe ijskoude poolgebieden met sneeuw en ijs werden afgewisseld door windstille zeeën met zachte temperaturen.

Hoewel Symmes enthousiast was over zijn idee, kon hij het niet goed overbrengen. Zijn stem had een irritante, nasale klank en hij praatte veel te snel, waardoor hij struikelde over zijn woorden. Maar in 1823 ontmoette hij een man die wel de gave van het woord had en wist hoe je een publiek met een controversiële theorie kon boeien.

Holle aarde trekt volle zalen

Jeremiah N. Reynolds werkte bij een kleine krant in Ohio toen hij een lezing van Symmes bijwoonde. Ondanks de slechte voordracht werd hij zo gegrepen door het idee van de bewoonbare holle aarde, dat hij zijn baan opzegde en met Symmes ging samenwerken.

Een paar jaar leverde hun samenwerking volle zalen op. Symmes kwam met de harde feiten en Reynolds prikkelde de fantasie van de toehoorders met kleurrijke beelden. De twee droomden van een expeditie naar de Zuidpool om onomstotelijk te kunnen aantonen dat de aarde hol was.

John C. Symmes wijdde zijn leven aan het idee dat de aarde hol is en aan de binnenkant bewoonbaar.

© Mary Evans

Maar Reynolds zag in dat de wildste theorieën wat afgezwakt moesten worden als ze van de overheid ooit steun wilden krijgen voor hun project. Symmes was echter niet bereid tot compromissen over zijn versie van de waarheid, en na een fikse ruzie gingen de twee uit elkaar.

Expeditie wordt eerst afgeblazen

Bij zijn pogingen de reis te financieren mocht Reynolds meermaals op bezoek komen bij leden van het Amerikaanse Congres. Gewiekst verzweeg hij zijn eigenlijke interesse in de Zuidpool en hij benadrukte in plaats daarvan het belang van een Amerikaanse expeditie naar de zuidelijkste gebieden op aarde.

‘Ons land raakt hopeloos achterop in de race om als een van de eersten het enige onbewoonde continent ter wereld te onderzoeken’, zo bepleitte hij zijn zaak bij mensen met macht en invloed.

Reynolds bleef volhouden, tot hij werd opgemerkt door president John Quincy Adams, en op 21 mei 1828 kreeg hij het groene licht voor een wetenschappelijke expeditie.

Maar de volgende president, Andrew Jackson, trok de toestemming weer in. Reynolds’ lobbywerk had echter zijn werk gedaan. Enkele rijke zakenlui boden aan de reis te financieren.

Officieel zou Reynolds niet de expeditieleider zijn, maar hij was wel aan boord toen de Annawan en twee andere schepen in oktober 1829 vanuit de haven van New York koers zetten naar het hart van de aarde. John Symmes maakte het vertrek niet meer mee. Hij stierf vijf maanden eerder.

Enkel ijs bij pool

Hoewel het klimaat nooit omsloeg zoals was verwacht, gaf Reynolds niet op en hij roeide met 19 bemanningsleden het laatste stukje naar de Zuidpool.

Na hun mislukte zoektocht naar een ingang naar de binnenkant van de aarde kwamen Reynolds en de overige leden van de expeditie heelhuids aan land in Antarctica. Maar hun problemen waren nu pas goed begonnen.

Ze hadden geen proviand meegenomen en liepen grote kans van de honger te sterven voordat de storm zou gaan liggen.Gelukkig kregen ze een zeeleeuw in het oog, die ze slachtten en opaten. Na tien dagen in de vrieskou hadden ze echter geen andere keus dan weer de zee op te gaan.

De Annawan en de twee kleinere begeleidende vaartuigen waren weliswaar nog niet in zicht, maar als ze de schepen niet vonden, waren hun overlevingskansen zeker nihil.

De IJslandse gids Hans en Axel, het neefje van de professor, op weg naar het centrum van de aarde in Vernes roman uit 1864.

© Bridgeman

De holle aarde in de literatuur

Een aantal grote schrijvers van de 19e eeuw liet zich inspireren door John Cleve Symmes’ theorie over de holle aarde en Jeremiah N. Reynolds’ kleurrijke verhalen.

In 1864 publiceerde Jules Verne zijn roman Naar het middelpunt der aarde, die wereldwijd een klassieker werd in de jeugdliteratuur. De roman beschrijft een wonderlijke reis naar het hart van de aarde, waar uitgestorven dieren zoals dinosaurussen leven. Het boek was geïnspireerd op de roman Het reisverhaal van Arthur Gordon Pym uit 1838 van Edgar Allan Poe, ook een grote naam in de literatuur.

Poe was een groot bewonderaar van Jeremiah N. Reynolds, en zijn verhaal was in hoge mate gebaseerd op diens reis naar Antarctica op zoek naar een ingang naar de binnenkant van de aarde, waarbij de schrijver zijn fantasie uiteraard de vrije loop had gelaten.

Ook de dramatische en avontuurlijke reizen van Reynolds inspireerden toenmalige schrijvers. Hij publiceerde in 1839 een verslag over zijn reis waarbij hij een grote witte walvis aantrof die de Stille Zuidzee onveilig maakte. Het dier, dat vaak bij het eiland Mocha opdook, werd Mocha Dick genoemd.

De enorme potvis was berucht om zijn grootte en zijn slechte humeur en bracht diverse walvisvaarders tot zinken voordat hij in 1838 gevangen werd.

Reynolds noemde zijn verslag Mocha Dick of de witte walvis van de Stille Zuidzee. Het heeft er alle schijn van dat dit verhaal Herman Melville heeft geïnspireerd tot het schrijven van zijn roman Moby Dick, die in 1851 werd uitgegeven.

De mannen dobberden 40 uur rond voor ze uitgeput hun kamp opsloegen op een rotseilandje. ’s Nachts rond drie uur zag Reynolds een licht op zee.

Hij wekte de anderen en met hun laatste krachten wisten ze terug te roeien naar de Annawan.

Besloten werd de missie af te blazen en nu koers te zetten richting het noorden. Maar bij de stad Valparaíso in Chili brak er aan boord muiterij uit, en Reynolds werd aan wal gezet. Hij verbleef drie jaar in Zuid-Amerika voor hij aan boord van het oorlogsschip USS Potomac naar de VS terug kon varen.

In 1836 probeerde hij opnieuw een expeditie naar de Zuidpool te financieren. De expeditie kwam er, maar Reynolds mocht niet mee. In plaats daarvan werd hij schrijver en advocaat met een specialisatie in zeerecht.

Tot aan zijn dood in 1858 bleef hij erover fantaseren hoe de onderkant van de buitenste schil van onze planeet eruit zou kunnen zien.