Eerste terrorist wilde bovenklasse vermoorden

In het 19e-eeuwse Parijs leeft de bovenklasse in weelde terwijl de arbeiders de eindjes aan elkaar moeten knopen. Gedreven door woede en wraakzucht ziet de 21-jarige Émile Henry maar één manier om rechtvaardigheid te bereiken.

In het 19e-eeuwse Parijs leeft de bovenklasse in weelde terwijl de arbeiders de eindjes aan elkaar moeten knopen. Gedreven door woede en wraakzucht ziet de 21-jarige Émile Henry maar één manier om rechtvaardigheid te bereiken.

Leemage/Getty Images

Op 12 februari 1894 stapt Émile Henry ’s avonds het hippe Café Terminus in hartje Parijs binnen. Hij bestelt een biertje, en korte tijd later nog een en een sigaar. Achteloos betaalt hij de ober terwijl hij het orkest in de gaten houdt dat de ruimte vanuit een hoekje vult met klassieke klanken.

Met zijn donkere broek, witte overhemd en vilthoed valt Henry niet op: hij ziet er hetzelfde uit als alle jonge intellectuelen die de Parijse kroegen frequenteren. Maar Henry is geen gewone gast. Hij heeft maar één doel: doden.

Ongelijkheid wekt woede

Er gaat een leven van boosheid schuil achter Henry’s moorddadige plan. Zijn vader, Fortuné Henry, werd in 1871 verbannen naar Spanje wegens revolutionaire activiteiten. Daar werkte hij in mijnen en fabrieken, en eenmaal terug in Frankrijk stierf hij aan de kwikvergiftiging die hij tijdens het zware werk had opgelopen.

Een dikke rook vulde het lokaal en verstikte het gekerm van de gewonden.

Émile Henry was woest over wat zijn vader was overkomen, maar ook de toenemende ongelijkheid in Parijs was de 21-jarige een doorn in het oog. Terwijl de burgerij champagne en kaviaar nuttigde, verhongerden de arbeiders en de armen.

Henry sloot zich aan bij de anarchisten, een politieke groepering die verandering wilde bewerkstelligen met aanslagen op de overheid en politici. Maar de autoriteiten sloegen hard terug.

Toen Henry’s vriend en strijdmakker Auguste Vaillant op 5 februari 1894 werd geëxecuteerd wegens een aanslagpoging, zwoer hij wraak. En deze keer had hij het gemunt op de rijke burgers zelf. Ze moesten merken dat het menens was.

© Leemage/Getty Images

Dader was maar een paar minuten voortvluchtig

Omdat Parijs vóór de aanslag al kampte met geweld, waren er veel agenten op straat. Daar had Henry pech mee.

Op zijn kamertje in een buitenwijk brak Henry het deksel en handvat van zijn metalen broodtrommel en vulde die met een staaf dynamiet en een doosje met hagel, picrinezuur en buskruit. In het gat waar de schroef van het handvat had gezeten, stak hij een lont. Met deze bom, een pistool en een paar messen op zak toog hij naar de uitgaanswijk.

Dader heeft geen spijt

De bierglazen waren leeg, maar Henry had zijn sigaar nog niet opgerookt toen hij even na 21.00 uur Café Terminus verliet. In de deuropening haalde hij de bom uit zijn zak en stak hij de lont aan met de sigaar. Vervolgens gooide hij de bom naar binnen en zette hij het op een lopen.

Er klonk een luide knal, en hagel, stukjes marmer van de tafels en glasscherven van ramen en spiegels vlogen door de lucht. Een dikke rook vulde het lokaal en verstikte het gekerm van de gewonden.

‘Hoe meer burgerbeesten er sterven, hoe beter.’ Émile Henry, 1894

‘Houd hem tegen!’ riep een ober, die Henry zag rennen. Een agent die toevallig voor het café stond, ging achter hem aan. Henry schoot op de borst van de agent, maar een notitieboekje met een leren omslag hield de kogel tegen.

Nadat een tweede kogel rakelings langs de agent was gevlogen, wist die met getrokken sabel Henry om te duwen. ‘Ik haal je open als je je verroert, bandiet!’ fluisterde hij terwijl hij de sabel tegen Henry’s hals duwde. Een paar agenten sleurden de aanslagpleger weg.

De beulen bonden Henry vóór de executie vast om het publiek te laten geloven dat hij had willen ontsnappen.

© Le Progrès illustré

‘Klootzakken, ik had jullie allemaal vermoord!’ riep hij toen hij werd afgevoerd. Eén cafébezoeker was dood, 20 anderen waren zwaargewond. Maar dat liet Henry koud. ‘Hoe meer burgerbeesten er sterven, hoe beter,’ zei hij tijdens het verhoor.

‘De burgerij zuigt de zwakkeren uit. Ze moeten gezamenlijk boeten voor hun misdaden.’ De rechtbank veroordeelde hem ter dood. Op 21 mei 1894 werd de 21-jarige Henry naar het schavot gebracht.

‘Houd moed, kameraden. Leve de anarchie,’ waren zijn laatste woorden voordat het blad van de guillotine zijn hoofd van zijn lichaam scheidde.

Émile Henry wist niet dat zijn daad een nieuw tijdperk zou inluiden. Met zijn aanslag op gewone burgers om politieke verandering te bereiken, was hij de eerste moderne terrorist uit de geschiedenis.