De Attica-gevangenis tijdens de opstand

Attica - Opstand in Attica-gevangenis eindigt in bloedbad

De onvrede bij de gevangenen van Attica sluimert, en na een klein incident slaat de vlam in de pan. De gedetineerden gijzelen mensen, maar hun eisen worden beantwoord met traangas en kogels.

De onvrede bij de gevangenen van Attica sluimert, en na een klein incident slaat de vlam in de pan. De gedetineerden gijzelen mensen, maar hun eisen worden beantwoord met traangas en kogels.

Getty Images

Sluimerende onvrede in Attica

De bewakers zijn verbaasd. Meestal is er in de eetzaal geroezemoes en gekletter van borden te horen, maar op deze zondag in augustus 1971 is het verdacht stil in de ruimte van de zwaarbewaakte Attica-gevangenis. De gedetineerden zitten onbeweeglijk op hun stoel, en iedereen heeft een zwarte veter of een zwart stuk stof om zijn bovenarm ten teken van rouw.

‘Wat is dit?’ vraagt een cipier aan zijn collega.

‘Het gaat over Jackson,’ antwoordt deze.

De zwarte burgerrechtenactivist George Jackson is een dag eerder doodgeschoten toen hij uit de San Quentin-­staatsgevangenis in Californië probeerde te ontsnappen.

Om hun medeleven te betuigen praten en eten de gevangenen in Attica niet, en achter hun zwijgen gaat een woede schuil die zich over lange tijd heeft opgebouwd.

De autoriteiten sturen al jaren gedetineerden uit de overvolle gevangenissen van New York naar de Attica Correctional Facility, die is berekend op 1600 mensen. Nu zitten er 2243 mensen vast onder erbarmelijke omstandigheden.

Het eten is belabberd: de keuken serveert troebel, lauw water als kippensoep. De gevangenen krijgen één rol wc-papier per maand en mogen maar één keer in de week douchen – koud.

De gedetineerden krijgen geen medische hulp, onderwijsmogelijkheden ontbreken en geweld en racisme zijn aan de orde van de dag: de blanke bewakers spreken de zwarte gevangenen aan met boy of nigger en noemen hun knuppels nigger sticks (negerstokken).

Blank tegen zwart, rijk tegen arm, oud tegen jong. De bewakers en gevangenen in Attica kwamen haast van verschillende planeten. De enorme tegenstellingen leidden tot spanningen achter de muren.

Gevangenisbewakers in Attica
©

CIPIERS

  • Etniciteit: Lokale witte mannen
    De bewakers kwamen uit de naburige plaats Attica en waren in de omgeving opgegroeid. Slechts 1 van de 398 cipiers had een Latijns-Amerikaanse achtergrond.

  • Leeftijd: Middelbaar
    Veruit de meesten waren de 30 ruim gepasseerd en hadden kinderen. Sommigen werkten al hun hele leven in de Attica-gevangenis.

  • Opleiding: Geen
    De cipiers hadden het vak in de gevangenis geleerd.

  • Salaris: Royaal
    Het jaarsalaris was 9000 dollar (35.500 euro nu).

Gevangenen in Attica
©

GEVANGENEN

  • Etniciteit: Zwarte onderklasse
    54 procent van de gevangenen in Attica was zwart, 9 procent was Puerto Ricaans of Mexicaans en 37 procent was blank. Verreweg de meesten kwamen uit New York City.

  • Leeftijd: Jong
    Zo’n 40% van de gevangenen was onder de 30, de rest waren dertigers en veertigers.

  • Opleiding: Vrijwel geen
    De gevangenen hadden doorgaans een lange criminele carrière achter de rug, met drugs, berovingen en diefstal. Gemiddeld zaten ze 10 jaar uit.

  • Salaris: Slecht
    Ze verdienden 15 cent (65 eurocent nu) per dag voor het maken van dienbladen.

De gevangenen in Attica hebben geklaagd over de omstandigheden bij de commissaris van het gevangeniswezen van de staat, Russell Oswald, die verbetering heeft beloofd.

Maar daar kwam niets van terecht, en nu is er maar weinig voor nodig om de sluimerende onvrede te doen uitbarsten.

Ruw spelletje zorgt voor onrust op de luchtplaats van Attica

Woensdag 8 september 1971,15.45 uur: In Attica mogen de gevangenen drie kwartier luchten per dag. Die tijd gebruiken ze om te praten en stoeien.

Bewaker Richard Maroney veegt het zweet van zijn voorhoofd. Zelfs in de schaduw is het heet op luchtplaats A, een van de vier van Attica. Bij de muur is de gedetineerde Richard Clark samen met negen andere moslims aan het bidden.

Gewoonlijk zou Maroney ze uit elkaar hebben gehaald want religieuze bijeenkomsten zijn verboden, maar hij is afgeleid: twee gevangenen vliegen elkaar in de haren.

Samen met een paar collega’s grijpt Maroney in, maar een van de twee glipt weg in de menigte mensen die staan te kijken naar hun twee medegevangenen, die eigenlijk alleen maar voor de lol aan het vechten waren.

Vanaf zijn plek bij de muur hoort Clark hoe de tweede ‘vechtersbaas’, de 23-jarige Leroy Dewer, naar zijn cel wordt gestuurd. Dewer probeert ervandoor te gaan omdat hij bang is in de isoleercel te belanden, maar Maroney grijpt hem bij zijn arm.

Dewer rukt zich los en geeft de cipier een harde duw. Een andere gevangene, Ray Lamorie, leidt hem weg door de menigte, die zich beschermend rond hem sluit. De gevangenen roepen verwensingen naar Maroney en zijn collega’s, die geschrokken weglopen van de luchtplaats.

Gevangene gooit blik soep naar bewaker

Woensdag 18.00 uur: De vechtjassen moeten naar de isoleercel. De andere gevangenen protesteren.

Omdat Dewer Maroney heeft geduwd, moet hij de isoleer in. Vier bewakers halen de onwillige gevangene op in zijn cel in blok A.

Als ze langs de andere eenpersoonscellen op de gang komen, slaan de gevangenen met hun metalen bekers tegen de tralies en roepen ze: ‘Laat die jongen met rust!’ Ook Lamorie moet naar de isoleercel, en dat maakt de gevangenen woedend.

‘Morgen pakken we jullie, klootzakken!’ Gevangene tegen de bewakers van de Attica-gevangenis

In hun ogen is Lamorie onschuldig, en iedereen in Attica weet wat hem en Dewer te wachten staat. De bewakers zijn erom berucht dat ze geïsoleerde gevangenen in elkaar slaan met hun nigger sticks.

Als de bewakers Lamorie meeslepen, krijgt de woede de overhand. Vanuit zijn cel gooit William Ortiz een blik soep door de tralies. Bewaker Tom Boyle krijgt het in het gezicht en loopt een flinke snijwond op. ‘Morgen pakken we jullie, klootzakken,’ roept een gevangene.

Massale vechtpartij breekt uit

Donderdag 6.30 uur: Het is tijd voor het ontbijt, maar de sfeer is er nog steeds erg gespannen.

William Ortiz rukt en trekt aan de tralies en eist dat hij uit zijn cel gelaten wordt, maar bewaker Gordon Kelsey weigert. Zijn collega Tom Boyle moest worden gehecht, en als straf voor het gooien van het blik moet de gevangene tijdens het ontbijt in zijn cel blijven.

Kelsey drijft de andere gevangenen de gang door. Achter zijn rug weet een van hen de kast van het vergrendelingssysteem open te peuteren en de
vergrendeling uit te schakelen, waardoor alle celdeuren op de gang opengaan. Ongemerkt mengt Ortiz zich onder de anderen.

Bij het ontbijt wordt hij door een bewaker ontdekt. Woedend geeft gevangenisdirecteur Vincent R. Mancusi zijn medewerkers opdracht om Ortiz te pakken – maar wel pas na het eten, om geen onnodig tumult te veroorzaken in de eetzaal.

Als de gevangenen na het ontbijt teruglopen over de gang naar blok A, beveelt cipier Robert Curtiss hun opeens om stil te staan. Hij wil Ortiz uit de groep halen en tegenhouden, maar het ongewone bevel creëert onrust onder de gevangenen. Ze hebben toch al weinig op met Curtiss, omdat ze denken dat hij Dewer heeft geslagen in de isoleercel.

‘Je bent een schoft!’ roept een gevangene. Op hetzelfde moment krijgt Curtiss een stomp tegen zijn slaap en hij gaat knock-out. Dan breekt de hel los: brullend storten de gevangenen zich op de andere bewakers in de gang. Het is een chaotische, massale vechtpartij.

Als Curtiss even later bijkomt en via de portofoon om hulp wil vragen, overmeesteren de gevangenen hem en rukken ze de portofoon uit zijn hand. Joelend rennen ze naar de commandoruimte van de gevangenis, die Times Square wordt genoemd en tussen de vier luchtplaatsen ligt.

Volg de gevangenisopstand stap voor stap:

Gevangenen veroveren commandoruimte van Attica

Donderdag ca. 9.00 uur: De cipier in Times Square wil alarm slaan als de boze gevangenen naderen.

De gevangenen werpen zich met hun volle gewicht tegen de deur van Times Square. De dienstdoende bewaker, William Quinn, probeert versterking op te roepen, maar de telefoon­kabels op de gang zijn kapotgetrokken.

Machteloos ziet Quinn hoe de oude deurscharnieren het begeven, waarna de gevangenen de ruimte binnenstormen en hem neerslaan. Hij krijgt nog een paar trappen en blijft dan bewusteloos liggen in een plas bloed.

Een gevangene grijpt Quinns sleutelbos en maakt de deuren van de gangen naar blok A en D open, waar zich honderden cellen bevinden. 1281 gevangenen komen uit hun cel. Ze bewapenen zich met knuppels, ijzeren pijpen en gereedschap. De gevangenisopstand is een feit.

Gijzelaars krijgen pak slaag op luchtplaats

Donderdag ca. 12.00 uur: De gevangenen komen samen op de luchtplaats van blok D. Ze hebben 40 cipiers gegijzeld en willen de commissaris spreken.

Een aantal gevangenen gaan de 40 gijzelaars met bezems te lijf en een van hen slaat de bewaker Philip Watkins zo hard met een schep dat deze zijn arm breekt.
Het is een chaos, tot de gevangene Roger Champen een megafoon pakt.

‘We moeten ons hoofd erbij houden!’ roept hij. De gevangenen komen tot bedaren en laten de gijzelaars met rust.

De moslim Richard Clark geeft zijn geloofsgenoten opdracht de gijzelaars te bewaken en ervoor te zorgen dat de bewusteloze Quinn naar de barricade wordt gedragen die de gevangenen in de gang naar blok A hebben gebouwd.

Hier wordt Quinn opgehaald door collega’s, die hem naar het ziekenhuis brengen. De opstandelingen geven de cipiers een lijst met 33 eisen mee plus een verzoek aan Russell Oswald, de commissaris van het gevangeniswezen van de staat, om als onderhandelaar op te treden.

Ook zit er een briefje bij met namen van mensen die als onpartijdige waarnemers moeten meekomen. Hierop staan onder meer burgerrechtenactivisten en politici en de journalist Tom Wicker van The New York Times.

Gedetineerden eisen amnestie

Vrijdagavond: De oproerpolitie staat klaar bij Attica. Waarnemers dringen aan op onderhandeling.

‘Ik ben blij dat u er bent.’ Oswald schudt de journalist Tom Wicker de hand. De commissaris heeft de gehate gevangenis­directeur Mancusi naar huis gestuurd vanwege de opstand.

In het kantoor van de gevangenis staan allemaal mensen van het lijstje, zoals de blanke advocaat en burgerrechtenactivist William Kunstler, het in Puerto Rico geboren congreslid Herman Badillo en de zwarte journalist Clarence Jones.

Oswald heeft er een hard hoofd in. Een dag eerder heeft hij de gevangenen ontmoet en hun onderhuidse woede gevoeld. De commissaris staat in tweestrijd: aan de ene kant is hij bereid te onderhandelen, aan de andere kant staat hij onder aanzienlijke politieke druk.

De gouverneur van de staat New York, Nelson Rockefeller, heeft laten weten dat hij als het nodig is de National Guard zal inzetten om Attica met geweld te heroveren.

De gevangeniscommissaris van Attica, Russell Oswald, had het niet makkelijk in de vier dagen dat er onderhandeld werd.

De gevangenisdirecteur van Attica Russell Oswald
© Getty Images

GEVANGENISBAAS: Russell Oswald

De commissaris wilde de New Yorkse gevangenissen hervormen en de omstandigheden van de gedetineerden verbeteren, o.a. door onderwijs aan te bieden en hun meer tijd buiten de cel te geven. Hij was echter afhankelijk van gouverneur Rockefeller.

Politiek kopstuk Nelson Rockefeller
© Getty Images

TOPPOLITICUS: Nelson Rockefeller

Om zijn kiezers te paaien deed de Republikeinse gouverneur Rockefeller zich voor als iemand van de harde lijn, die criminaliteit stevig aanpakte en zich niet liet ringeloren door opstandige gevangenen. In 1974 werd hij vicepresident onder Gerald Ford.

Woordvoerder van de gevangenen Richard Clark
© The New York Times/Ritzau Scanpix

WOORDVOERDER: Richard Clark

Na een verblijf in o.a. de beruchte gevangenis Sing Sing boven New York City bekeerde Clark zich tot de islam en zette hij zich in voor de rechten van zwarten. Tijdens de gevangenisopstand in Attica zorgde Clark voor de veiligheid op luchtplaats D. Na zijn vrijlating in 1972 schreef hij The Brothers of Attica.

Burgerrechtenactivist William Kunstler
© Getty Images

BURGERRECHTENACTIVIST: William Kunstler

Deze advocaat verdedigde in de jaren 1960 vele zwarte activisten en werd een voorvechter voor een rechtvaardige samenleving zonder rassensegregatie. Hij was ook een adviseur van de in 1968 vermoorde burgerrechtenactivist Martin Luther King.

Journalist Tom Wicker
© Getty Images

JOURNALIST: Tom Wicker

De journalist van The New York Times schreef over misstanden als racisme en armoede. Na zijn ervaringen als waarnemer in Attica schreef hij in 1975 een veelgeprezen boek over de opstand en de erbarmelijke omstandigheden waaronder de gevangenen leefden: A Time to Die – The Attica Prison Revolt.

De waarnemers voelen de gespannen sfeer, en volgens William Kunstler is snel handelen geboden. Hij stelt voor naar luchtplaats D te gaan om de gedetineerden tot rust te manen.

Bij de barricade worden ze door enkele gevangenen opgewacht en meegenomen naar de luchtplaats, waar ze chaos en anarchie verwachten. Wat ze echter aantreffen, is een goedgeorganiseerde minisamenleving van gevangenen, die voor hun gijzelaars zorgen

‘Wij vertegenwoordigen alle onderdrukten in de wereld!’ Herbert Blyden, woordvoerder van de gevangenen van Attica

Een paar gedetineerden geven de bewakers water en medicijnen uit de ziekenboeg en bij de muur zijn tafels neergezet waar de woordvoerders van de gevangenen zitten, onder wie Richard Clark. Een van de woordvoerders pakt een microfoon.

‘De wereld luistert naar jullie! Wij zijn de voorhoede! We vertegenwoordigen alle onderdrukten in de wereld!’

De gevangenen roepen terug: ‘Zo is het, broeder Herb!’ De spreker, Herbert Blyden, gaat zitten en de onderhandelingen kunnen beginnen.

Boven aan de lijst staat de eis om amnestie, collectieve kwijtschelding van straf, zodat de gevangenen niet voor de opstand en voor geweld tegen bewakers zullen worden vervolgd. Daarnaast willen ze dat directeur Mancusi wordt ontslagen wegens wanbestuur.

Als de waarnemers de eisen hebben aangehoord, mogen ze met de gijzelaars praten. Een aantal van hen hebben een bebloed verband om hun hoofd en een heeft zijn arm in een mitella, maar ze zijn rustig en zeggen dat ze goed worden behandeld en eten en dekens krijgen.

‘We proberen jullie zo snel mogelijk vrij te krijgen,’ belooft Wicker. Die nacht escorteert een groep gevangenen de waarnemers weer de luchtplaats af.

In het gevangeniskantoor leggen de waarnemers de eisen voor aan Oswald, die bereid is de gedetineerden op enkele punten tegemoet te komen, zoals de eis om beter eten.

Amnestie is echter uitgesloten, zegt hij, al wijst Kunstler erop dat juist dit punt cruciaal is om de crisis te bezweren en het conflict te de-escaleren.

De situatie is kritiek: in het ziekenhuis is bij Quinn een dubbele schedelbasisfractuur vastgesteld. Als hij sterft, kunnen de schuldigen de elektrische stoel krijgen.

De gevangenen wantrouwen het rechtssysteem, waarin niet-blanken notoir slecht behandeld worden, maar Tom Wicker en Herman Badillo hebben een voorstel.

Als de officier van justitie van het rechtsgebied de gevangenen schriftelijk garandeert dat ze een eerlijk proces krijgen, willen ze zich misschien overgeven.

Verklaring verdeelt waarnemers

Zaterdag 7.00 uur: De waarnemers bezoeken de officier van justitie om de rechtszekerheid veilig te stellen. De afspraak is bijna rond.

Officier van justitie Louis James stemt erin toe een verklaring op te stellen die garandeert dat een rechtszaak tegen de gevangenen op luchtplaats D ‘eerlijk en onpartijdig’ zal zijn en dat alleen tot vervolging zal worden overgegaan bij ‘duidelijk bewijs’ van criminele activiteit.

Als Louis James heeft getekend, schudt Tom Wicker hem plechtig de hand. ‘Als we in de gevangenis tot een afspraak kunnen komen, dan is dat het begin van iets heel belangrijks,’ zegt Wicker tegen de twee andere waarnemers die hem vergezelden.

Met kloppend hart keren ze terug naar Attica, waar zich een enorme mensenmenigte verzameld heeft. Aan de ene kant van de inrit van de gevangenispoort staan bezorgde familieleden van de gedetineerden – het merendeel zwart.

Tegenover hen staan mensen van wie de man, zoon of broer in Attica werkt.

De families van de gijzelaars in de Attica-gevangenis komen buiten de gevangenismuren bij elkaar om het drama van dichtbij te volgen.

© Getty Images

‘Nigger lovers!’ roept een blanke vrouw woedend als de drie waarnemers zich een weg door de menigte banen en de gevangenis in lopen.

In het kantoor leest Clarence Jones de verklaring hardop voor, waarna het oorverdovend stil blijft. Vooral William Kunstler is ontevreden en zegt dat het document het papier waarop het geschreven is nog niet waard is. De gevangenen hebben bar slechte ervaringen met het rechtssysteem en zullen zich echt niet laten overtuigen door de belofte dat ze rechtvaardig behandeld worden als ze zich overgeven.

‘Ik durf mijn hand in het vuur te steken voor Louis James’ integriteit,’ brengt Tom Wicker ertegenin. ‘Het gaat er niet om wat jíj van James vindt, maar om wat de gevangenen van de verklaring vinden,’ zegt Kunstler.

Na een uur besluiten de waarnemers het papier aan de gevangenen voor te leggen. Die moeten dan zelf bepalen of ze James’ voorstel accepteren en zich overgeven.

Bewaker sterft aan zijn verwondingen

Zaterdag 16.30 uur: De waarnemers die naar de luchtplaats gaan, krijgen positief bericht van de gouverneur. Maar dan komt er slecht nieuws.

De waarnemers in het kantoor zijn opgelucht. Gouverneur Nelson Rockefeller heeft telefonisch laten weten dat hij bereid is om 28 van de 33 eisen geheel of gedeeltelijk in te willigen, waaronder fatsoenlijk eten en toegang tot boeken, kranten en tijdschriften.

Hun blijdschap ebt echter weg als Oswald binnenkomt. Met een doffe blik in zijn ogen vertelt hij dat Quinn aan zijn verwondingen is overleden.

De waarnemers zijn geschokt en weten even niet wat ze moeten doen. Door de dood van Quinn is de amnestie-eis opeens een cruciaal punt geworden.

Maar nergens in de afspraak, of ‘het pakket’, zoals de waarnemers die noemen, wordt gerept over kwijtschelding. Het lijkt er daarom op dat alle moeite van de waarnemers voor niets is geweest.

‘Seale moet het pakket verkopen,’ zegt William Kunstler, en hij grijpt naar de telefoon van het kantoor.

‘Alle macht aan het volk!’ Bobby Seale, medeoprichter van de Black Panther Party

Bobby Seale is medeoprichter van de Black Panther Party – een revolutionaire beweging onder zwarte burgers in de VS. De charismatische frontman stemt toe, en Kunstler hoopt dat Seale de gevangenen ervan kan overtuigen dat ‘het pakket’ de beste uitweg biedt uit de crisis.

‘Alle macht aan het volk!’ roept Seale als hij een paar uur later bij Attica arriveert. De gevangenen op luchtplaats D steken hun vuist omhoog – de Black Power-groet.

In zijn speech stipt Seale het pakket kort aan zonder in te gaan op de inhoud. Tom Wicker vreest dat de afspraak waardeloos is zonder duidelijke aanbeveling van Seale.

Om de impasse te doorbreken pakt Clarence Jones de microfoon en begint hij de verklaring voor te lezen. Hij wordt echter al snel overstemd door boegeroep en weggejoeld.

‘De hele dag zijn jullie nergens te bekennen, en nu gaan jullie na vijf minuten alweer weg,’ roept een gevangene als de waarnemers met Bobby Seale de luchtplaats verlaten.

Waarnemers spelen laatste troef uit

Zondag, 13.00 uur: De gevangenisopstand in Attica duurt al vier dagen en er is nog geen oplossing in zicht. De waarnemers vrezen dat gouverneur Rockefeller het oproer met geweld zal laten neerslaan.

Met wallen onder hun ogen door het slaapgebrek lopen de waarnemers het gevangeniskantoor binnen.

Geen van hen ziet het zitten om de gesprekken met de boze gevangenen te hervatten. Zelfs rasonderhandelaar William Kunstler zegt dat hij ‘geen zin heeft om daar dood te gaan’.

Ook op de gang is de stemming bedrukt. De bewakers zijn ongeduldig, ze willen luchtplaats D veroveren en hun collega’s bevrijden.

De afgelopen uren zijn er konvooien soldaten gearriveerd van de National Guard, de gewapende troepen van de staat. Die wordt gewoonlijk alleen ingezet om onlusten met geweld neer te slaan, en de waarnemers voelen al waar het heen gaat:

Na het onderhandelingsfiasco van gisteren wil de gouverneur Attica heroveren.

Helikopter bij Attica

Vlak voor de bestorming van de Attica-gevangenis dropte een helikopter traangas.

© Getty Images

Tom Wicker heeft een idee: als ze de gouverneur kunnen overhalen om met de gevangenen te gaan praten, komen de gemoederen mogelijk tot bedaren en kan er een basis worden gelegd voor nieuwe onderhandelingen. De anderen gaan akkoord en Wicker belt Rockefeller.

‘Ons allerlaatste voorstel is dat u hier komt en deelneemt aan de onderhandelingen,’ legt de journalist uit. Maar daar wil de gouverneur niets van weten.

Hij heeft de gevangenen al geboden wat hij kan, en daarbij zal een bezoek hen alleen maar aansporen om meer eisen te stellen, voorspelt hij. ‘Ik houd voet bij stuk,’ zegt hij.

De dodelijke stilte na de storm

Maandag 9.00 uur: Gouverneur Rockefeller heeft gisteren een aanval op Attica goedgekeurd. De gevangenen ruiken nog geen onraad.

De islamitische gevangene Richard Clark rilt van de kou. Het heeft de hele nacht geregend, en de andere gevangenen en hij zijn doorweekt.

Opeens krijgt Clark een paar donkere silhouetten in het oog die over de daken rond de luchtplaats sluipen. Het zijn scherpschutters die hun positie innemen. Op de lager gelegen verdiepingen wemelt het plotseling van de interventietroepen, allen met een gasmasker op.

Het plan van gouverneur Nelson Rockefeller is dat 211 mannen van de National Guard, de lokale politie en de gevangenisbewaking luchtplaats D aanvallen.

Buiten Attica staan nog eens enkele honderden troepen klaar om ze zo nodig versterking te bieden.

Richard Clark en de andere gevangenen beseffen nu dat er een aanval op komst is, en in een wanhopige poging om een bestorming van de gevangenis te voorkomen, dwingen ze acht gijzelaars om op de galerij van Times Square te gaan staan. Achter elke gijzelaar staat een gevangene die een mes op de keel van de gijzelaar heeft gezet.

Minutenlang lijkt de tijd stil te staan, maar om 9.46 uur klinkt het dreigende geluid van een laagvliegende helikopter. Die verspreidt wolken traangas over de luchtplaats. Het irriterende gas bezorgt een van de gijzelaars op de galerij een hevige hoestbui en hij valt op zijn knieën.

VIDEO: Bekijk de bestorming van de Attica-gevangenis

Voor de scherp­schutters lijkt het of hij wordt aangevallen met een mes. ‘Vuur!’ beveelt een van de schutters.

De geweersalvo’s barsten in alle hevigheid los en de kogels treffen willekeurig gevangenen en gijzelaars, die geen kans hebben om dekking te zoeken. In een halfuur tijd worden er ongeveer 3000 schoten afgevuurd, en als het vuur eindelijk verstomt, is de luchtplaats in een slagveld veranderd.

‘Handen omhoog. We doen jullie niets,’ roept een soldaat in een megafoon. De interventietroepen bestormen de luchtplaats, waar doden en gewonden in hun eigen bloed liggen.

Doden na de aanval op Attica

In een halfuur veranderde de gevangenis in een slagveld: 39 doden en 128 gewonden.

© Getty Images

‘Fuck you, nigger! Ze hadden je door je kop moeten schieten,’ tiert een bewaker, die op een van de gevangenen inslaat.

Andere cipiers dwingen de verslagen rebellen zich uit te kleden en spitsroeden te lopen, terwijl de slagen op hun blote rug neerregenen.

Diverse gevangenen moeten de urine van bewakers drinken of Russische roulette spelen, en bij sommigen worden sigaretten uitgedrukt op hun huid.

Het bloedbad kost 10 gijzelaars en 29 gevangenen het leven. 128 mensen raken gewond

Rebellen van Attica weggezet als moordenaars

De media zaten boven op de gevangenisopstand in Attica, en miljoenen Amerikanen zagen de live-uitzendingen over het gijzeldrama.

Veel journalisten kozen echter voor de door de autoriteiten vertelde versie van de gebeurtenissen. Zo zei de woordvoerder van de gouverneur na de bestorming dat de gedetineerden de gijzelaars hadden gedood door hun de keel af te snijden.

Dat verhaal werd klakkeloos overgenomen, maar bleek niet te kloppen. Forensisch arts John Edland toonde later aan dat de doden op de luchtplaats waren omgekomen door kogels.

De gevangenen hadden geen enkele gijzelaar gedood, ze waren allemaal omgekomen door geweld van politie, cipiers en soldaten. Diverse doden waren vele keren geraakt.

Na de opstand worden 62 gevangenen aangeklaagd voor 1200 misdaden, waaronder moord en ontvoering. Een leger van pro-Deoadvocaten staat hen bij, maar desondanks wachten er gevangenisstraffen tot levenslang.

Diverse gevangenen en nabestaanden eisen via civiele procedures schadevergoeding voor de inzet van buiten­sporig geweld. Pas in 2000 zegt de staat New York toe 12 miljoen dollar te betalen voor de slachtoffers.

Opstand leidde tot verbeteringen

Beter eten, vaker luchten, medische hulp en de mogelijkheid om tijd door te brengen met andere gevangenen. Dat waren enkele van de 33 eisen, waarvan er uiteindelijk meerdere zijn ingewilligd.