In de vroege bronstijd zag de Jamnacultuur wel brood in de handel in cannabis.

Cannabishandel gaat 5000 jaar terug

Onderzoekers denken de eerste cannabisverkopers uit de geschiedenis te hebben gevonden.

3 augustus 2016 door Nanna Apergis
In het gebied dat nu de grens vormt tussen Rusland en Oekraïne, leefde in de bronstijd een nomadenvolk: de Jamnacultuur. De leden stonden bekend als gehaaide handelaren, die 5000 jaar geleden een transcontinentale handelsroute tussen Europa en Azië geopend zouden hebben.

In die tijd zien we een stijging in het voorkomen van cannabis in Oost-Azië. En dat was geen toeval. Een nieuw onderzoek van de Freie Universität Berlin wijst er namelijk op dat de Jamnanomaden cannabis uit Europa in Azië aan de man brachten. 

Felbegeerde handelswaar

De wetenschappers onderzochten cannabisvezels uit Europa en Oost-Azië, en kwamen erachter dat cannabis een gewild product was: 

'Cannabis werd op allerlei manieren gebruikt. Daarom werd de plant verbouwd voor de verkoop,' aldus Tengwen Long, paleontoloog aan de Freie Universität Berlin. Hij legt uit dat cannabis diende als medicijn, als materiaal om kleding van te maken en als verdovend middel. 

Gangbaar in Europa

Het onderzoeksresultaat staat op gespannen voet met de theorie dat cannabis zich verspreidde vanuit China en Centraal-Azië. De groene plant kwam namelijk zowel in Oost-Azië als in Europa voor.
 

En in de bronstijd was er dus een bloeiende handel in het product.

Tengwen Long benadrukt echter dat cannabis slechts een klein deel vormde van de grensoverschrijdende handel: 'Er werd zeker handel gedreven in cannabis, maar in de bronstijd werd er nog veel meer verhandeld, zoals brons, graan en paarden,' zegt hij.

Bekijk ook ...