Our website does not support Internet Explorer.

To get the best experience on our website and of our content, please use a more modern browser like Edge, Chrome, Safari or similar.

Crazy Horse werd verraden door zijn eigen mensen

De Sioux-krijger Crazy Horse was de gezworen vijand van de blanke. In 1876 leidde hij een van de grootste overwinningen van de indianen toen Custers leger werd weggevaagd bij de Little Bighorn. Maar andere Sioux hadden de strijd allang opgegeven en smeedden een plan om de gevreesde krijger uit de weg te ruimen.

Shutterstock, Per O. Jørgensen/Historie

Crazy Horse was nog maar een tiener toen hij in de jaren 1850 een visioen kreeg dat hem de rest van zijn leven bij zou blijven.

Hij zag een spiegelglad meer. Toen dook er een ruiter op, die het land op galoppeerde terwijl het water alle kanten op vloog.

De man te paard was een jonge indiaan met wapperende haren.

Achter zijn oor bungelde een rode steen aan een koord dat aan een haarlok was vastgemaakt.

Er was een gele bliksemschicht op zijn wang geschilderd, en op zijn borst stonden blauwe stippen. Onweerswolken en harde donderslagen achtervolgden hem.

Gedaanten zonder gezicht vuurden pijlen en geweerkogels op hem af, maar ze raakten de krijger en zijn paard niet. Een havik met een rode staart vloog krijsend door de lucht.

Plotseling stonden er mannen die op hem leken om de ruiter heen en werd hij van zijn paard gesleurd.

Daar stopte de droom van Crazy Horse. Zoals gebruikelijk bij de Sioux nam Crazy Horse de droom zeer serieus, en hij dacht er vaak aan toen hij in zijn korte en veelbewogen leven tegen de blanke kolonisten vocht.

Blanke soldaten waren geduchte tegenstanders, maar de leden van zijn eigen stam deden Crazy Horse uiteindelijk de das om.

Acht Sioux-krijgers gekleed voor een ceremoniële dans (ca. 1880-1890).

© Library of Congress

De jongen met licht haar

Crazy Horse werd rond 1840 geboren op de prairie van het huidige South Dakota. De Sioux controleerden in die tijd een enorm gebied in het noordwesten van Amerika.

Het volk bestond uit meerdere stammen, en de vader van Crazy Horse was medicijnman van de Lakota.

Net als zijn vader en opa droeg hij de naam Thˇašúŋke Witkó, Lakota voor ‘zijn paard is gek’. De Amerikanen maakten er Crazy Horse van.

In zijn jeugd kreeg de oudste zoon van de medicijnman de bijnaam Light Hair, want toen hij opgroeide, was zijn haar iets lichter dan de diepzwarte kleur die gangbaar was bij de Lakota.

Ook zijn huid had een iets lichtere tint dan die van veel andere kinderen van de stam.

Light Hair leek een leven als gewone krijger en jager tegemoet te gaan, maar een gerespecteerd stamhoofd genaamd High Backbone nam de jongen onder zijn hoede en werd diens leermeester.

Light Hair was nog een tiener toen de blanke man in zijn wereld verscheen.

In 1854 stond hij toevallig op de top van een heuvel bij een ander Lakotakamp toen Amerikaanse soldaten het vuur openden.

Het oude stamhoofd van het kamp probeerde de gemoederen te sussen, maar hij werd geraakt door de kogels van de troepen en zakte dodelijk gewond in elkaar. Zijn stam ging in de tegenaanval en doodde alle 30 soldaten.

Dit voorval ging de geschiedenis in als het Bloedbad van Grattan, genoemd naar de luitenant die het bevel had gegeven om te vuren op het onbewapende stamhoofd.

Een jaar later nam het leger van de VS op wrede wijze wraak, en opnieuw was de jongen met het lichte haar getuige van de moordpartij.

De nu 15-jarige Light Hair was op bezoek bij familieleden die aan de rand van het Lakota-territorium verbleven.

Op een avond, toen hij van de jacht terugkwam, trof hij het kamp verwoest en verlaten aan. De enige levende wezens waren een paar paarden.

Overal lagen lichamen, en in de laatste zonnestralen zag Light Hair afdrukken van hoefijzers, die alleen de paarden van de blanken droegen.

Slechts één Lakota was aan het bloedbad ontsnapt. Light Hair ontfermde zich over de bange vrouw, die haar dode kind stevig in haar armen hield, en wilde haar in veiligheid brengen.

Met latten en touwen maakte hij een slee, waarmee de indianen zware spullen vervoerden. Hij legde de vrouw erop en bracht haar naar haar vaders kamp.

Indiaanse vrouwen kozen meestal zelf hun echtgenoot, maar stamhoofden huwelijkten soms een dochter uit om politieke redenen.

© Bridgeman Images

Driehoeksdrama werd Crazy Horse bijna fataal

Zijn hele leven probeerde Crazy Horse een goed voorbeeld te zijn voor zijn stam, maar een ongelukkige liefde werd hem bijna fataal.

Toen Crazy Horse volwassen was, werd hij verliefd op Black Buffalo Woman, een nicht van stamhoofd Red Cloud.

Maar hoewel hij een geducht krijger was, kon er van een huwelijk geen sprake zijn – daar was zijn familie niet vooraanstaand genoeg voor.

Black Buffalo Woman moest trouwen met No Water, de zoon van een ander stamhoofd.

Crazy Horse treurde lange tijd, tot het ondenkbare gebeurde: Black Buffalo Woman verliet No Water en ging ervandoor met Crazy Horse.

Ze reden een paar dagen over de prairie en vestigden zich in een klein kamp, maar de jaloerse echtgenoot overviel Crazy Horse in zijn slaap.

No Water trok een pistool en schoot zijn rivaal in het hoofd. Vervolgens sleurde hij Black Buffalo Woman mee terug naar zijn eigen kamp.

De kogel was door de wang van Crazy Horse gegaan en er vlak onder zijn oog weer uitgekomen. Hij kwam er met pijn en een opgezwollen gezicht vanaf, maar Black Buffalo Woman zag hij nooit meer.

Droom wordt letterlijk uitgelegd

De Slag bij Ash Hollow, zoals de aanval van de Amerikaanse cavalerie op het Lakota-kamp werd genoemd, maakte in één klap een eind aan de kindertijd van Light Hair.

Hij was altijd al stil geweest, maar nu sprak hij nog minder. Zijn naasten viel het op dat hij tics rond zijn ogen kreeg als het over de blanken ging.

Kort na de schokkende gebeurtenis zocht Light Hair zijn vader op en schonk hij hem een bundel tabak.

Als een indiaan een medicijnman tabak cadeau gaf, betekende dat dat hij advies nodig had.

Vader en zoon bestegen hun paard en reden dagenlang door de prairie, tot ze halt hielden bij een klein, afgelegen dal. Daar bouwden ze een traditionele zweethut, en in de vochtige warmte begon Light Hair te praten.

Hij vertelde zijn vader over de droom die hij maandenlang elke nacht had gehad – over de ruiter uit het meer, het onweer en de rode steen achter zijn oor.

Hij zei ook dat de ruiter niet geraakt werd door pijlen of kogels, maar door indianen van zijn paard werd getrokken.

De indianen legden terugkerende dromen vaak letterlijk uit, en vader en zoon zochten een roodbruine steen die de jongen achter zijn oor moest binden als hij ten strijde trok.

De medicijnman Crazy Horse leerde hem hoe hij verf kon mengen om een bliksemschicht op zijn wang en hagel op zijn borst te schilderen.

Eenmaal thuisgekomen bespraken de Lakota het visioen van Light Hair. Volgens sommigen zou de jonge krijger onkwetsbaar worden als hij de steen en de lichaamsbeschildering droeg.

Hij werd echter in zijn been geraakt door een verdwaalde geweerkogel. Misschien was hij toch niet onkwetsbaar, of kon hij alleen worden verwond door zijn eigen volk, speculeerden sommige stamleden.

In de droom werd de ruiter immers door andere Lakota van zijn paard gesleurd.

Toen Light Hairs been genezen was, nam High Backbone hem voor het eerst mee op krijgstocht.

In de jaren 1850 vormden blanken niet de grootste bedreiging voor de Lakota: hun belangrijkste vijanden waren stammen als de Crow, Omaha en Snake.

Op het territorium van de Snake stuitten de Lakota op een groepje vreemde krijgers, die snel hun toevlucht zochten op een rotsige heuvel.

High Backbone verspreidde zijn krijgers, en op zijn teken galoppeerden alle Lakota op de Snake af terwijl ze hen onder vuur namen. In dit gevecht doodde Light Hair zijn eerste vijanden.

De eerste raakte hij met een revolver die hij van High Backbone had gekregen. De tweede velde hij met pijl-en-boog.

De krijgers keerden triomfantelijk terug naar hun kamp, en Light Hair maakte indruk met de twee scalpen aan zijn riem.

Maar hij was gewond geraakt, opnieuw aan zijn been, en pijnigde zijn hersens wat zijn nachtelijke visioen toch te betekenen had.

Lakota-kamp bij de White Clay Creek in Nebraska rond 1891. 14 jaar na de dood van Crazy Horse werden grotere indianenkampen door Amerikaanse troepen bewaakt. Je ziet één soldaat bij de paarden staan en een aantal andere bij een huifkar aan de rand van het kamp.

© John C.H. Grabill/Library of Congress

Donderdromers dragen een zware last

Na een gevecht was het traditie onder de Lakota dat de zegevierende krijgers in het kamp over hun prestaties vertelden. Iedereen overdreef daarbij zijn eigen rol, en dat was geen probleem, want het ging om de eer.

Alleen Light Hair deed hier niet aan mee, want zijn vader had een voorspelling gedaan: de jonge krijger zou nooit meer iemand scalperen.

De ruiter in zijn droom had geen scalpen gedragen, en Light Hair was in de veldslag met de Snake pas gewond geraakt toen hij over de gedode vijand gebogen stond om een trofee te bemachtigen.

Bovendien was er donder te horen geweest in zijn droom, en bij de Lakota mochten ‘donderdromers’ zich niet als de anderen gedragen: zij moesten het tegenovergestelde van de andere krijgers zijn. Eerbejag was uit den boze.

Donderdromers moesten nederig zijn, waren verplicht het goede voorbeeld te geven en offerbereidheid te tonen.

Light Hair hield zich daarom gedeisd toen de anderen de gewonnen slag uitgebreid vierden. Maar zijn vader eerde hem met het waardevolste geschenk dat hij zijn zoon kon geven: zijn naam.

Vele jaren eerder had hij die zelf van zíjn vader gekregen, en nu was het tijd om hem door te geven.

De medicijnman ging voortaan als Worm door het leven, en Light Hair werd Crazy Horse.

Route naar Californië stak prairie in brand

De Oregon Trail was de best begaanbare route voor de Amerikaanse kolonisten die in de 19e eeuw hun geluk gingen beproeven in Californië. Maar het pad liep dwars door het land van de Sioux. De bizons werden uitgeroeid en er braken bloedige gevechten uit.

1. De Grattan Massacre in 1854

werd uitgelokt door een koe van een kolonist, die een indianenkamp binnenliep. Het dier werd geslacht en opgegeten. Luitenant Grattan ging met 29 cavaleristen en twee kanonnen achter de schuldigen aan, maar werd gedood.

2. De Slag bij Ash Hollow in 1855

was een wraakactie voor de dood van Grattan. Cavaleristen onder generaal Harney slachtten 86 indianen af, van wie de helft vrouwen en kinderen.

3. De Fetterman Massacre in 1866

was een overwinning voor de Lakota. Crazy Horse lokte de soldaten in de val, en kapitein Fetterman en zijn 80 mannen kwamen allemaal om.

4. Het Verdrag van Fort Laramie

moest rust brengen langs de Oregon Trail. In 1868 werd het getekend door indianen en Amerikaanse officieren.

5. Goud in de Black Hills

lokte duizenden blanken naar het land van de Lakota in 1874, en de indianen namen de wapens weer op.

6. De Slag bij Rosebud Creek in 1876

werd uitgevochten tussen generaal Crook en krijgers onder leiding van Crazy Horse. Zo’n 1500 Sioux en Cheyenne dwongen 1300 Amerikaanse soldaten rechtsomkeert te maken. Daardoor konden ze Custer een week later bij de Little Bighorn niet helpen.

7. De Slag bij de Little Bighorn

in 1876 was de grootste nederlaag van de Amerikanen tegen de prairie-indianen. Crazy Horse legde veel moed aan de dag.

8. Fort Robinson,

waar Crazy Horse in 1877 stierf.

Crazy Horse wordt een held

De twee scalpen van de vuurdoop van Crazy Horse hadden zijn naam als krijger al gevestigd, maar zijn volgende gevecht maakte een levende legende van hem.

Het doelwit waren opnieuw de Snake, die een klein groepje krijgers wilde besluipen.

Verkenners ontdekten een groot vijandelijk kamp, en ’s nachts sloegen de Lakota toe. Ze galoppeerden het kamp in, en voordat de Snake goed en wel hun bed uit waren, waren de aanvallers er al met honderden paarden vandoor.

De Snake zetten de achtervolging in met hun reservepaarden, en een grote groep haalde de Lakota bij.

Om de anderen te sparen ging Crazy Horse met een handjevol krijgers in een hinderlaag liggen.

Ze verborgen zich in een plukje bomen en vergastten de Snake op pijlen en geweerkogels. De achtervolgers trokken zich eerst terug, maar begonnen de bomen te omcirkelen.

Crazy Horse was zijn paard kwijt, en te voet kon hij niet wegkomen. Daarom klom hij in een boom, en toen een Snake-ruiter daar vlak onder stond, besprong hij de man.

Met een welgemikte slag met zijn strijdbijl sloeg Crazy Horse hem neer. Daarna trok hij zijn revolver en galoppeerde hij al schietend het bosje uit, waardoor de vijanden op de vlucht sloegen.

Nu was er een opening, en de rest van de Lakota ging hem achterna.

Na een wilde rit over de prairie bereikten Crazy Horse en zijn mannen het territorium van de Lakota. Daar durfde de vijand niet te komen, en de Lakota barstten in gejuich uit.

Bij thuiskomst stond Crazy Horse zijn deel van de buit af aan oude stamleden, en de verhalen over zijn moed kwamen niet van hemzelf, maar van anderen.

De jonge krijger was een bescheiden donderdromer geworden. Toch kwam hij al snel bekend te staan als een dappere krijger en geboren leider – ook onder zijn vijanden.

‘Wij kennen hem beter dan jullie, want als we vechten, is hij altijd dichter bij ons dan bij jullie,’ sprak een krijger van de Crow over zijn gehate, maar ook gerespecteerde tegenstander.

© History Archive

Territorium van de indianen kromp

Geel: Het Verdrag van Fort Laramie (1851) trok de eerste grenzen om het land van de Lakota.

Oranje: Het Verdrag van Fort Laramie (1868) introduceerde het Grote Siouxreservaat. Ondanks de naam was het een drastische verkleining van het land van de stam. In 1877 pikten de blanken de heilige Black Hills in.

Donkerrood: Het Grote Siouxreservaat werd in 1889 opgeheven. Tot aan 1910 werden de reservaten steeds kleiner naarmate de blanken meer ruimte nodig hadden.

Indianen worden afhankelijk

Net als de meeste andere stammen van de prairie leefden de Lakota van de jacht op bizons, die het belangrijkste voedsel van de stam vormden.

Ze gebruikten paarden tijdens de jacht en om hun jachtterrein te verdedigen. Omdat naburige stammen de Lakota in hun voortbestaan bedreigden, woedde er elke dag een overlevingsstrijd op de prairie.

Zo was het al generaties lang, maar de indianen werden steeds vaker met hun neus op de feiten gedrukt: hun wereld was aan het veranderen.

Er reisden met de dag meer blanken door het gebied van de Lakota, en zij schoten de bizons uitsluitend voor hun vacht.

De blanken waren geïnteresseerd in het land van de Lakota vanwege de zogeheten Oregon Trail.

Over die route reden de huifkarren van de kolonisten die een nieuw leven wilden beginnen in het westen, waar de landbouwgrond vruchtbaar en goedkoop was.

Het was een zware tocht: de blanken moesten bijna 4000 kilometer afleggen en de Rocky Mountains oversteken.

Omdat de Oregon Trail beter begaanbaar was dan routes verder naar het zuiden, kwamen hier veel huifkarren langs.

De blanke soldaten betaalden de indianen om de huifkarren met rust te laten. De kleding en metalen gereedschappen die ze kregen waren zeer waardevol voor nomaden die ze niet zelf konden maken.

Sommige Lakota wenden zo aan deze goederen dat ze hun oude levensstijl opgaven.

Ze gingen niet meer op jacht, maar vestigden zich bij de forten van de kolonisten, waar ze rondhingen om op de volgende lading te wachten.

In de ogen van Crazy Horse en veel andere Lakota waren deze stamgenoten een stelletje lanterfanten.

Sommige krijgers wilden de blanken verdrijven voordat ze de hele prairie hadden ingenomen.

Anderen voorspelden de ondergang van de stam. Naar verluidt was er een oneindig aantal blanken en werd elke gedode soldaat vervangen door 10 nieuwe.

Efterhånden som bisonen forsvandt fra prærien, blev indianerne mere og mere afhængige af den hvide mands varer. De fire lakotakvinder på billedet har alle svøbt sig i uldtæpper vævet på amerikanske fabrikker langs østkysten. Krigeren til hest bærer hat og vest. (ca. 1891).

© Library of Congress

Red Cloud is jaloers op rivaal

In 1866, toen Crazy Horse halverwege de 20 was, sloeg de goudkoorts toe en kwamen de blanken in groten getale naar het land van de Lakota.

Soldaten breidden de Oregon Trail uit met de Bozeman Trail, die naar de goudmijnen van Montana leidde, en de indianen gingen op het oorlogspad.

Het stamhoofd Red Cloud was de machtigste leider van de Lakota, en naar hem is deze oorlog genoemd. Maar de eerste slagen lieten duidelijk zien dat de indianen zich beter moesten organiseren.

De beste tactiek tegen de snelvurende geweren en kanonnen van de blanken was de hinderlaag, maar veel verrassingsaanvallen werden verprutst door onervaren en overijverige krijgers, die hun moed wilden tonen en te vroeg aanvielen.

De stamoudste blies daarom een oude traditie nieuw leven in en deelde ‘oorlogshemden’ uit aan de strijders.

‘Om een hemd te mogen dragen, moet je een grotere man zijn dan anderen. Je moet anderen helpen voor je aan jezelf denkt. Laat de woede zich niet meester van je maken. Toon moed, en wees de eerste die aanvalt,’ zei de stamoudste.

Crazy Horse viel een grote eer te beurt toen hij zo’n hemd kreeg. Hij was geen stamhoofd, maar in de strijd zouden de krijgers zijn bevelen opvolgen, en dat gaf scheve blikken.

Vooral Red Cloud, die zelf een hemd verwacht had, was jaloers. Hij ging Crazy Horse haten.

Red Cloud was in de jaren 1860 en 1870 het meest invloedrijke stamhoofd van de Lakota.

Soldaten lopen in de val

Tijdens de eerste gevechten had Crazy Horse geleerd dat de indianen alleen konden winnen als ze hun oude gebruiken aan de dijk zetten.

De blanken vochten niet om hun moed te bewijzen en de vijand op de vlucht te jagen.

Als één krijger naar voren stormde omdat hij een edel man-tegen-mangevecht wilde voeren, werd hij meteen neergeschoten.

De blanken wilden maar één ding: zo veel mogelijk vijanden doden. Dat moesten de Lakota ook doen, zo meende Crazy Horse.

De oorlog was al vier maanden bezig toen de indianen hun eerste zege boekten. De Lakota vielen een groep blanke houtsprokkelaars aan bij de Bozeman Trail, en 80 soldaten uit een nabijgelegen fort schoten te hulp.

De indianen stuurden een klein, zwak groepje vooruit als lokaas, en 30 cavaleristen gaven hun paard de sporen om hen te achtervolgen. De rest was te voet en raakte achterop.

Crazy Horse leidde het lokgroepje en hij moest de blanken uit elkaar drijven, zodat anderen vanuit een hinderlaag konden aanvallen.

Voortdurend moest Crazy Horse erop toezien dat zijn mannen de soldaten dichtbij lieten komen, maar niet zo dichtbij dat zijn jonge krijgers zouden aanvallen.

Naar verluidt stapte Crazy Horse plotseling af en schraapte hij doodgemoedereerd een steentje uit de hoef van zijn paard terwijl de cavaleristen naderden.

Toen ze binnen schootsafstand waren, sprong de krijger weer op zijn paard en ging hij er in galop vandoor.

De tactiek werkte, en de soldaten liepen in de val. Vanuit hun schuilplaats stortten talloze Lakota zich op het voetvolk, dat tot de laatste man werd afgeslacht.

Toen waren de cavaleristen aan de beurt. Ze probeerden te ontkomen, maar Crazy Horse sneed hun de pas af.

De Amerikanen spraken van de Fetterman Massacre, naar de officier die 80 van zijn mannen de dood in had gejaagd.

Het was de grootste nederlaag die de soldaten tot dan toe tegen de prairie-indianen hadden geleden. Pas 10 jaar later werd het aantal doden overtroffen bij het riviertje de Little Bighorn.

De blanken waren geschokt na de zege van de indianen bij de Little Bighorn, maar de uitkomst van de oorlog veranderde er niet door.

© Bridgeman images

Vredesverdrag verdeelt Lakota

Na het fiasco van Fetterman waagden de soldaten zich niet vaak meer uit hun forten, die voor de indianen te sterk waren om in te nemen.

Crazy Horse moest toekijken hoe de oorlog als een nachtkaars uitging. Anderhalf jaar later sloten de indianen vrede met het Verdrag van Fort Laramie in 1868.

De Lakota leken aan het langste eind te hebben getrokken, want de Bozeman Trail ging dicht en de blanken beloofden niet meer op het land van de indianen te komen, dat nu een reservaat heette.

Red Cloud tekende namens de Lakota, en in 1870 reisde hij naar Washington om met de president te spreken.

Toen het stamhoofd die stad zag, besefte hij dat de indianen geen enkele kans maakten en dat ze het van onderhandelingen moesten hebben.

Hij sloot zich bij de ‘lanterfanten’ aan en was voortaan een warm pleitbezorger voor vrede met de blanken.

Crazy Horse had een totaal andere les uit de oorlog getrokken: de soldaten waren te verslaan, dacht hij, zo lang de indianen de juiste methoden gebruiken.

Hiermee stond hij aan de kant van wat de indianen de ‘Sterke Harten’ noemden.

In 1875 kwamen er duizenden goudzoekers naar de heilige bergen van de Lakota, de Black Hills.

© Library of Congress

Goud leidt tot oorlog

Het Verdrag van Fort Laramie bleek niets waard. Toen blanke avonturiers goud vonden in de Black Hills in het reservaat van de Lakota, lapten ze het verdrag aan hun laars, en het Amerikaanse leger greep niet in.

Bovendien werd er een nieuwe spoorlijn aangelegd dwars door de beste jachtvelden van de indianen.

Onderhandelingen leverden niets op, en de regering in Washington bereidde zich voor op een nieuwe oorlog.

Officieel was de aanleiding dat Lakota-leiders als Sitting Bull en Crazy Horse zich niet aan het verdrag hielden door vaak buiten het reservaat te komen.

De Sterke Harten zetten daar een kamp op en stuurden boodschappers het reservaat in om de rest van de stam onder de wapenen te roepen.

Red Cloud en andere stamhoofden wilden niet vechten, maar veel jonge, ongetrouwde mannen verlieten het reservaat om zich bij het oorlogskamp te voegen, net als krijgers van de stammen Cheyenne en Arapaho, bondgenoten van de Lakota.

Op een dag in juni 1876 meldden verkenners dat blanke troepen het kamp vanuit het zuiden naderden. Crazy Horse gaf geen bevelen, maar pakte zijn wapens en klom op zijn paard.

Zwijgend reed hij in een cirkel langs de rand van het kamp, en weldra sloten zich krijgers bij hem aan.

Na het vierde rondje had Crazy Horse 1000 man in zijn kielzog, en samen reden ze naar de vijand.

Ongeveer evenveel soldaten als indianen troffen elkaar bij de Rosebud Creek. Crazy Horse handhaafde een strenge discipline, en de krijgers reden niet naar het midden van het slagveld, waar de blanken het sterkst waren. De indianen sloegen in groepjes toe aan de flanken.

Toen de veldslag in de loop van de dag wegebde, waren de verliezen aan beide zijden klein.

Crazy Horse had geen glorieuze zege geboekt, maar bewees dat de Lakota stand konden houden tegen beter bewapende soldaten. De Amerikanen maakten rechtsomkeert.

Custer sneuvelt

De Lakota en hun bondgenoten werden een week later verrast door de blanken.

De verkenners bij het riviertje de Little Bighorn hadden luitenant-kolonel Custer en zijn 7e Cavalerieregiment niet zien naderen, en nu stonden ze al bij de buitenste tenten van het indianenkamp.

George Armstrong Custer was ervan overtuigd dat de indianen een vluchtpoging zouden ondernemen.

Hij deelde zijn 600 man op in drie eenheden die het kamp van verschillende kanten aan zouden vallen.

Hij vertrouwde op een oud rapport waarin stond dat Sitting Bull en Crazy Horse slechts over 800 krijgers beschikten.

Een eitje, zo dacht Custer. Maar de indianen waren in werkelijkheid 1500 tot 2500 man sterk, en in plaats van op te rukken, werd Custer gedwongen om te vluchten.

Crazy Horse ging met zijn krijgers in de aanval, en volgens een Arapaho die aan de slag deelnam, vocht hij zeer verbeten:

‘Crazy Horse was de dapperste die ik ooit heb gezien. Hij kwam het dichtst bij de soldaten en riep naar zijn krijgers. Hij werd onder vuur genomen, maar niet geraakt.’

Op een heuvel bij het kamp werd Custer met een man of 200 omsingeld. De indianen doodden en scalpeerden hen allemaal. De Lakota hadden de blanken vernederd.

Na de overwinning bij de Litte Bighorn wilden Sitting Bull en Crazy Horse forten aanvallen die door Custers nederlaag kwetsbaar waren geworden.

Maar het grote kamp werd opgebroken. De meeste indianen vonden het genoeg geweest, en de krijgers gingen naar het reservaat.

Crazy Horse bleef tegen de blanken vechten met een groepje loyale mannen, dat in de strenge winter van 1876-1877 steeds kleiner werd.

De overgebleven Lakota konden oorlogvoeren en jagen niet combineren, want ze wilden hun gezin niet in de steek laten. En ze waren het geloof in een overwinning kwijt.

De skeletten van de paarden van de 7e Cavalerie lieten zien dat Custer en zijn mannen op een heuvel bij de Little Bighorn tot het uiterste hadden gevochten.

© US National Archives

Bajonet maakt einde aan de droom

Een jaar na de zege op Custer staakte ook Crazy Horse zijn verzet en keerde hij terug naar het reservaat, anders zouden zijn mannen en hun gezinnen omkomen van de honger.

Eerst sloeg hij vlak buiten het reservaat kamp op, bij Fort Robinson, waar ook stamhoofd Red Cloud verbleef.

Die zorgde ervoor dat Crazy Horse en zijn mannen werden ontwapend en dat hun paarden werden afgenomen.

Maar vanwege zijn heldenstatus was Crazy Horse nog steeds een bedreiging voor het gezag van Red Cloud, en vier maanden later kreeg hij het bevel om zich op Fort Robinson te vestigen.

Crazy Horse gehoorzaamde en begon aan de laatste reis van zijn leven.

Toen hij het fort naderde, werd hij omsingeld door mannen in blauw uniform. Het waren geen blanken, maar Lakota die bij de Amerikaanse cavalerie waren gegaan.

Er hing een dreigende sfeer toen ze Crazy Horse door de poort escorteerden.

Er kwamen nog meer geüniformeerde indianen om hem heen staan, en hij werd een ruimte binnengebracht.

Wat daar gebeurde is nooit geheel duidelijk geworden, maar volgens getuigen zag Crazy Horse een cel in een hoek van het vertrek en probeerde hij weg te komen.

Het is niet zeker of hij zijn verborgen mes al had getrokken toen een van zijn eigen krijgers, Little Big Man, Crazy Horse met zijn sterke armen beetpakte.

Een blanke soldaat stapte naar binnen en stak zijn bajonet in Crazy Horse.

‘Laat me los, mijn vrienden, jullie hebben me genoeg verwond,’ zei hij tegen de verrader Little Big Man, die in het diepste geheim was overgelopen.

De wond was diep, en de chirurg van het fort noch een medicijnman kon iets uitrichten. Rond middernacht stierf Crazy Horse.

In zijn visioen was hij onkwetsbaar geweest, maar uiteindelijk werd hij door andere indianen van zijn paard getrokken. De droom was uitgekomen.

De Lakota houden nog powwows – traditionele feesten met zang, dans en gebed.

© Shutterstock

Lakota zijn nog steeds boos

Hoewel hun land werd afgepakt door kolonisten, bestaan er ook vandaag de dag nog Lakota-indianen.

● 70.000 personen zijn geregistreerd als Lakota. De meesten wonen in een van de vijf reservaten van de stam.

● 8984 km² beslaat het grootste reservaat, Pine Ridge, in South Dakota. Dat is iets meer dan Noord- en Zuid-Holland.

● 1 miljard euro kenden Amerikaanse rechters in 1980 toe aan de Lakota omdat de blanken in 1877 de Black Hills van hen afnamen. Ze weigeren het geld echter, want ze willen de bergen terug.

Lees ook:

Oorlog

Japanse krijger kwam om bij vulkaanuitbarsting

2 minuten
Techniek

Onberispelijk geklede robotman moest paarden vervangen

2 minuten
Archeologie

Sensatie: Archeologen vinden paard in Pompeï

2 minuten

Log in

Ongeldig e-mailadres
Wachtwoord vereist
Toon Verberg

Al abonnee? Heb je al een abonnement op ons tijdschrift? Klik hier

Nieuwe gebruiker? Krijg nu toegang!

Reset wachtwoord

Geef je mailadres op, dan krijg je een e-mail met aanwijzingen voor het resetten van je wachtwoord.
Ongeldig e-mailadres

Voer je wachtwoord in

We hebben een mail met een wachtwoord gestuurd naar

Nieuw wachtwoord

Enter a password with at least 6 characters.

Wachtwoord vereist
Toon Verberg