Elephant Man riep fascinatie en walging op

Joseph Merrick woonde in een armenhuis in zijn geboorteplaats, tot hij besloot zich aan te melden bij een rondreizende freakshow. Jarenlang leefde hij van vernedering door anderen.

Joseph Merrick woonde in een armenhuis in zijn geboorteplaats, tot hij besloot zich aan te melden bij een rondreizende freakshow. Jarenlang leefde hij van vernedering door anderen.

British Medical Journal/Wikimedia

Donker en koud was het in het armetierige winkeltje waar de arts Frederick Treves binnenkwam.

Er viel geen licht door het raam doordat er een grote reclameposter op hing met daarop een tekening van een vreemd schepsel: half man, half olifant.

Tom Norman, de ‘circusdirecteur’ die mismaakte mensen tentoonstelde in heel Londen, bracht de nieuwsgierige arts naar achteren.

Hij trok een gordijn opzij en daarachter zat een misvormde man op een stoel. Het grote hoofd was zo vergroeid dat het leek alsof het één oog had.

Dit oog staarde leeg het vertrek in. De neus was een klomp vlees; dat het een neus was, viel alleen te raden doordat hij midden in het gezicht zat.

Door de vergroeiing van de kaak was de bovenlip binnenstebuiten gekeerd.

Het lichaam was scheefgegroeid en had een dikke huid, die her en der in lange plooien hing en bedekt was met bloemkoolachtige groeisels.

De linkerarm was klein en dun, de rechter was groter en liep uit in een reusachtige hand. De duim deed Treves denken aan een radijs, de andere vingers zagen eruit als knobbelige wortels.

‘Ga staan,’ siste de circusdirecteur de misvormde man toe, die vlug overeind kwam. Hij had alleen een broek aan, en anders dan Treves had gedacht was hij niet erg groot.

De arts ging er als vanzelf vanuit dat het vreemde wezen niet kon denken, laat staan praten.

De winkelier vertelde hem dat The Elephant Man ­Joseph Merrick heette.

Treves vroeg de circusdirecteur of hij Merrick mocht onderzoeken.

Hij wilde weten waardoor het lichaam van The Elephant Man zo vergroeid was.

Het gerucht ging dat Joseph­ Merricks moeder tijdens haar zwangerschap was belaagd door een ontsnapte circusolifant, maar voor dat soort volksgeloof was geen plek in Frederick Treves wetenschappelijke wereldbeeld.

De circusdirecteur gaf de arts met tegenzin toestemming voor het onderzoek in London Hospital, dat pal tegenover de winkel lag.

Met een grote pet op, een doek voor zijn gezicht en onder een jas werd Merrick naar het ziekenhuis gebracht.

Dokter Treves mat en schetste zijn lichaam en gaf hem na afloop zijn visitekaartje. Als hij ooit hulp nodig had, kon hij contact opnemen.

De ziekte trof onder meer Merricks skelet, en zijn huid groeide ongebreideld.

© All Over Press

Europeanen staren en wijzen

Jaren later beschreef Treves zijn eerste kennismaking met The Elephant Man in een boek.

Al zal de arts deze wat hebben aangedikt, het is zeker dat de mannen elkaar in november 1884 ontmoetten.

Voordat Joseph Merrick The Elephant Man werd, woonde hij in een armenhuis in zijn geboorteplaats Leicester.

Daar moest hij de hele dag werken en kreeg hij slecht te eten.

Merrick probeerde zich aan te passen, maar mensen waren bang voor hem en niemand verstond wat hij zei met zijn misvormde mond.

Merrick gooide het daarom over een andere boeg en hij besloot munt te slaan uit zijn lot.

In augustus 1884 kwam Merrick in contact met een rondreizend circus, waar misvormde mensen te zien waren: een zogeheten freakshow.

Dat verschijnsel was in het Europa van die tijd normaal, en er waren allerlei afwijkingen te zien. Zeer dikke vrouwen en broodmagere mannen.

Mannen die vrouw waren en vrouwen die man waren. Zwarten die zelfs op het toneel kinderen baarden.

The Elephant Man was onmiddellijk een succes. De show was verboden voor kinderen, en vrouwen vielen soms flauw als het gordijn opengeschoven werd.

Het publiek huiverde en hapte naar adem bij het zien van Merrick.

Bijna twee jaar reisde Joseph Merrick rond als The Elephant Man.

Al was hij meestal opgesloten om mensen niet de stuipen op het lijf te jagen – of om het verrassingseffect niet te bederven –, het waren goede jaren. Met vast werk kon hij in elk geval wat geld opzijleggen.

Het was dan ook een ramp toen het moderne Groot-Brittannië freakshows wilde verbieden.

De shows pasten niet in de nieuwe Britse samenleving, vond men in kerkelijke en politieke kringen – ze waren middeleeuws en onwaardig.

De weerstand leidde in 1886 tot een verbod, waarna Joseph Merrick zichzelf niet meer kon onderhouden.

De eerste tekenen van Merricks ziekte deden zich voor toen hij drie was.

© Polfoto/Topfoto

Moeders dood veranderde Merricks leven

‘Ik was elf of twaalf toen mij het allerergste overkwam: mijn geliefde moeder stierf,’ schreef Joseph Merrick in een korte autobiografie.

Merrick werd in augustus 1862 als oudste van drie kinderen geboren in een zeer arme familie.

Zijn ziekte brak uit toen hij drie was; plotseling kreeg hij overal op zijn lichaam builen.

De symptomen waren vervelend, maar stonden een normaal leven niet in de weg.

Zijn moeder verzorgde hem liefdevol en liet hem naar school gaan.

Kort na de dood van zijn moeder nam zijn vader een huishoudster aan, met wie hij al snel trouwde.

Merrick beschreef haar als een kwaadaardig mens.

Zijn stiefmoeder bespotte hem vanwege zijn misvormde lichaam en wilde van hem af. Toen hij 15 was, had Merrick er genoeg van en liep hij weg van huis.

Hij kreeg onderdak in een armentehuis, tot hij zich in 1884 aansloot bij een circus dat misvormde mensen aan het publiek vertoonde.

Elephant Man in de goot

Daarna ging het snel bergafwaarts. The Elephant Man reisde naar België, waar hij zijn shows wilde voortzetten, maar ook op het vasteland nam de politiek afstand van het tentoonstellen van misvormde mensen.

De politie verbood de rondreizende shows en rolde de bendes erachter steeds weer op.

Er viel geen droog brood te verdienen voor Merrick en zijn nieuwe Oostenrijkse directeur, die maand in maand uit slechte zaken deed. De directeur deed een greep in Merricks spaarpot en ging ervandoor.

Berooid en eenzaam in een land waar zijn uiterlijk mensen schrik aanjoeg en niemand Engels sprak, belandde Joseph Merrick in de goot. Hij had geen eten, geen slaapplaats en wist niet hoe hij thuis moest komen.

Maar wie dook er op? De Oostenrijkse directeur die zijn geld meegegraaid had.

Toen hij zag hoe Merrick eraan toe was, kocht hij voor hem een ticket naar Londen.

Zo begon een moeizame reis. In de trein werd de man uitgejouwd en achternagezeten, en de kapitein van de veerpont over het Kanaal weigerde hem aan boord te laten vanwege de andere gasten.

In juni 1886 wist Merrick eindelijk aan boord van een schip te gaan dat hem naar zijn bestemming bracht: Londen.

Om te ontsnappen aan de sensatiebeluste blikken van de Britten droeg Joseph Merrick vaak een kap om zijn misvormde hoofd.

© Polfoto/Topfoto

Merrick belandt weer bij Treves

Wijzende vingers, verschrikte blikken en verbijsterde uitroepen achtervolgden Merrick toen hij door de mensenmassa van Liverpool Station heen probeerde te dringen.

De mensen dromden om hem heen om een glimp op te vangen van die merkwaardige gestalte, die even angstaanjagend als fascinerend was.

De nieuwsgierigheid en afschuw zweepten de stemming op en de man om wie het allemaal draaide, raakte in paniek.

Pas toen de politie aankwam, wist Merrick Liverpool Station te verlaten.

De agenten brachten hem naar een lege wachtkamer op het politiebureau en de deur sloeg dicht voor de neus van de mensen die zich verdrongen om The Elephant Man beter te kunnen zien.

Hier zakte Joseph Merrick ineen. Hij was uitgehongerd, bang en stonk na de lange reis.

De agenten verstonden geen woord van wat hij zei. Pas toen Merrick een verfomfaaid papiertje uit zijn jas haalde, wisten ze wat ze met hem aan moesten.

Het was het visitekaartje dat Frederick Treves hem twee jaar eerder had gegeven. Toen Merrick bij London Hospital werd afgezet, ontfermde de arts zich wederom over de patiënt.

Dat betekende een keerpunt in het leven van Joseph Merrick. Hij herstelde van een longontsteking en er werd goed voor hem gezorgd.

Treves begreep dat de olifantachtige man buiten het ziekenhuis geen leven had en wilde Merrick dan ook graag binnenboord houden. Maar dat kon alleen als iemand voor het verblijf van Merrick betaalde.

De arts Frederick Treves was zeer geïnteresseerd in Merricks zeldzame ziekte. Hij onderzocht zijn patiënt grondig en zorgde ervoor dat hij in het ziekenhuis kon blijven.

© Mary Evans

Het geld stroomt binnen

De welgestelde dames en heren van toen deden graag aan liefdadigheid.

Toen het verhaal van The Elephant Man zich verspreidde door de samenleving stroomde het geld bij het ziekenhuis binnen.

In geneeskundetijdschriften beschreven de artsen de merkwaardige ziekte waaraan de patiënt van London Hospital leed.

Toen de pers er lucht van kreeg, brachten de landelijke kranten het nieuws.

De verhalen wekten flink wat medeleven op, en kleine en grote sommen gelds werden opgestuurd voor de man die alles was kwijtgeraakt vanwege zijn angstaanjagende uiterlijk.

Merrick kreeg een appartementje in het ziekenhuis. Treves zocht hem vaak op en leerde mettertijd te verstaan wat zijn patiënt zei.

Tijdens hun gesprekken kwam Treves ook iets te weten over Merricks achtergrond. Hij hoorde van zijn lieve moeder die vroeg gestorven was, en over de jaren als rondreizend gedrocht. En over alle vernederingen.

Treves gaf de verhalen van Joseph Merrick door. Onder de vele mensen die hadden bijgedragen aan het verblijf van The Elephant Man in het Londense ziekenhuis ontstond grote belangstelling voor zijn treurige lot.

Het hoogtepunt kwam in 1887, toen London Hospital een nieuw bijgebouw in gebruik nam.

Door Merricks ziekte vergroeiden zijn botten. Artsen denken aan het proteussyndroom.

© IBL Bildbyrå

Welke ziekte had Merrick?

Ruim 120 jaar vragen artsen zich al af waar Merricks vergroeiingen vandaan kwamen. Waarschijnlijk had hij een aangeboren ziekte.

Na Joseph Merricks dood werd zijn skelet onderzocht in London Hospital.

Diverse artsen wilden weten door welke ziekte het lichaam van de man was vergroeid.

De artsen dachten aanvankelijk dat The Elephant Man last had van elefantiasis, een tropische ziekte waardoor delen van het lichaam sterk opgezet raken.

Maar begin 20e eeuw dachten ze aan ‘neurofibromatose type 1’, een zeer zeldzame genetische ziekte die leidt tot tumoren en vergroeiing van het skelet.

De ziekte is erfelijk en de artsen weten dat verschillende familieleden van Merrick misvormd waren.

Eind jaren 1970 kwamen de artsen tot een nieuwe conclusie: Merrick had waarschijnlijk het nog veel zeldzamere proteussyndroom, waarbij de huid en het botweefsel alsmaar aangroeien, waardoor het lichaam misvormd raakt en het hoofd groter is dan gemiddeld.

De theorie is nadien gestaafd door onder meer Merricks skelet te onderzoeken.

Het proteussyndroom komt niet vaak zo extreem voor als in het geval van Joseph Merrick.

Er is geen geneesmiddel voor de ziekte, maar hij kan wel behandeld worden – als de gezwellen althans niet kwaadaardig zijn of zich op te kwetsbare plekken in het lichaam bevinden.

Kerstkaart van het koninklijk huis

De prins en prinses van Wales – later de Britse koning Eduard VII en koningin Alexandra – zouden aanwezig zijn bij de opening.

Het koninklijk paar werd door het ziekenhuis rondgeleid, tot Merricks appartement aan toe.

Treves begeleidde hen en waarschuwde voor de aanblik, maar ze gaven er geen blijk van dat ze het bezoek onbehaaglijk vonden.

Het koninklijk paar praatte niet met Joseph Merrick, maar hun vriendelijkheid jegens de man die ooit zo diep was vernederd, was voor alle aanwezigen overweldigend.

Niet in de laatste plaats voor Joseph Merrick zelf, die tranen van vreugde huilde toen de prinses hem na het bezoek een kaartje stuurde.

Voor kerst kreeg hij nog drie kaarten van de koninklijke familie. Na de belangstelling van het koninklijk huis volgde er een stroom van welgestelde Britten die iets voor Merrick wilden doen.

Ze boden cadeaus en uitjes aan en betoonden hem een barmhartigheid waar Merrick niet van had durven dromen.

Op 11 april 1890 werd Merrick dood in zijn bed aangetroffen, slechts 27 jaar oud. Hij was niet ziek en iedereen was door zijn overlijden geschokt.

Treves stelde de doodsoorzaak vast: The Elephant Man sliep vaak zittend op de grond omdat zijn hoofd zo zwaar was, maar die avond had hij zijn hoofd op een kussen gelegd – en zijn nek gebroken door de plotselinge belasting.

De man met het vergroeide lijf had één nachtje als een normaal mens willen slapen.