Steentijdvoedsel zat vol met koolhydraten

170.000 jaar geleden stonden er al gebakken wortelgroenten op het menu van de steentijdmens. Dat blijkt uit een opzienbarende vondst, die de populaire interpretatie van het paleodieet tegenspreekt.

170.000 jaar geleden stonden er al gebakken wortelgroenten op het menu van de steentijdmens. Dat blijkt uit een opzienbarende vondst, die de populaire interpretatie van het paleodieet tegenspreekt.

Lynn Wadley & Shutterstock

Het echte paleodieet, dat in de steentijd werd gegeten, zat vol met koolhydraten. Dat blijkt uit een opzienbarende vondst van 170.000 jaar oude gebakken wortelgroenten in Zuid-Afrika.

De ontdekking duidt erop dat het huidige ‘paleodieet’, dat voedingsmiddelen met zetmeel en koolhydraten grotendeels mijdt, niet klopt met de werkelijkheid.
‘Ik vrees dat het paleodieet echt misleidend is,’ zegt professor Lynn Wadley, die de ontdekking deed.

Oudste vondst van gebakken wortelgroenten

De vondst werd gedaan in de bekende Zuid-Afrikaanse grot Border Cave. Hier vonden onderzoekers van de Universiteit van de Witwatersrand de verkoolde resten van 55 wortels van de plant Hypoxis angustifolia, die verwant is aan de Afrikaanse yam en veel koolhydraten bevat.

Volgens de onderzoekers werden de wortels destijds op gloeiende kolen gelegd om ze te grillen, maar is een deel in de as terechtgekomen en zo bewaard gebleven. Het is de tot dusver oudste vondst van gebakken wortelgroenten.

Het ‘echte’ paleodieet was gevarieerd

Dat het er veel zijn, duidt erop dat wortelgroenten regelmatig bij onze voorouders op het menu stonden. Het is niet voor het eerst dat archeologische vondsten de populaire interpretatie van het paleodieet tegenspreken.

Volgens Lynn Wadley is het niet gek dat er in de steentijd wortelgroenten werden gegeten, want alleen onze hersenen hebben per dag al zeker 100 gram koolhydraten nodig om te kunnen functioneren: ‘Een uitgebalanceerd, gezond dieet met een combinatie van bereide koolhydraten en eiwitten – het “echte” paleodieet – vergrootte de kracht en het uithoudingsvermogen van de mens.’