Rijke man en zijn slaaf stierven pijnlijke dood in Pompeï

De resten van twee Romeinen bieden een kijkje in de fatale dagen van 79 n.Chr., toen de stad Pompeï ten onder ging.

De resten van twee Romeinen bieden een kijkje in de fatale dagen van 79 n.Chr., toen de stad Pompeï ten onder ging.

Parco Archelogico di Pompei

In een villa aan de rand van het Romeinse Pompeï zijn de stoffelijke resten van twee mannen gevonden.

De stad werd weggevaagd toen de Vesuvius in 79 n.Chr. uitbarstte. Een zogeheten pyroclastische stroom, ook wel gloedwolk genoemd, raasde met 700 km/h door Pompeï en bedolf huizen en mensen.

Pompeï telde in die tijd zo’n 15.000 inwoners, en archeologen hebben nu nog twee van de slachtoffers van de vulkaanuitbarsting gevonden. Ze lagen in de ingang van een kelder onder een villa.

Eerst haalden de onderzoekers de botten van de twee uit de harde laag van as en steen. Vervolgens goten ze vloeibaar gips in de ruimte waar de lijken lagen toen ze levend begraven werden.

Daarna legden de archeologen de twee afgietsels bloot, waardoor we nu kunnen zien hoe deze Romeinen erbij lagen toen ze werden getroffen door de ramp.

Afgietsel en botten verraden status

De botten en de afgietsels geven ook details over de mannen prijs. Een van hen was een man van tussen de 30 en de 40 jaar, terwijl de ander iets jonger was, vermoedelijk begin 20.

De oudere man lijkt gezond te zijn geweest voor zijn leeftijd, terwijl de jongere man een versleten lijf had.

Zijn ruggenwervels vertoonden slijtage of waren zelfs helemaal kapot, wat erop duidt dat hij zwaar fysiek werk deed tijdens zijn leven.

Uit de afgietsels blijkt ook dat hij slechts een simpele tunica droeg, terwijl de oudere man fraai gekleed ging.

‘Als we meer opgravingen doen, komen we er wellicht achter waar de mannen op weg naartoe waren en wat hun positie was in het huishouden,’ zegt een van de archeologen in de Britse krant The Guardian.