REUZEN: Aartsvijanden van de goden waren niet slecht

In de Noordse mythologie zijn reuzen als Thrym, Surt en Útgarda-Loki de aartsvijanden van de goden. Wij zien de reuzen vaak als slecht, maar de Vikingen keken daar heel anders tegenaan.

In de Noordse mythologie zijn reuzen als Thrym, Surt en Útgarda-Loki de aartsvijanden van de goden. Wij zien de reuzen vaak als slecht, maar de Vikingen keken daar heel anders tegenaan.

Dansk Skolemuseum

Onder een gitzwarte hemel verzamelen de reuzen zich op de vlakte Vigrid. Terwijl de vuurreus Surt met zijn vlammende zwaard de duisternis verlicht, bereiden de reuzen zich voor op Ragnarok – de eindstrijd met de goden.

Samen met wezens uit de onderwereld vallen de reuzen Odins leger van goden en herrezen Vikingkrijgers aan.

‘Ze namen Ymir gevangen, plaatsten hem in de gapende leegte en maakten van hem de aarde, en van zijn bloed de zee en meren.’ Snorri Sturluson over de schepping van de wereld volgens de Vikingen.

Surt verslaat de godin Freya, terwijl Odin en Thor in een dodelijke strijd verwikkeld zijn met Fenris en de Midgaardslang. Het is een enorm slagveld.

Hoe Ragnarok – de beslissende strijd tussen de reuzen en de goden – er volgens de Vikingen uitzag, werd rond 1270 beschreven in het gedicht Völuspá. Maar hoewel de goden en reuzen aartsvijanden waren, zagen de Vikingen de reuzen niet als slechte wezens die uitgeroeid moesten worden.

De wereld ontstond uit Ymir

Vóór de kerstening dachten de Vikingen dat hun goden een grote invloed hadden op hun dagelijks leven. Maar ook dat de wereld door een reus was geschapen.

Volgens de Proza-Edda, een verzameling oude mythen die rond 1220 zijn opgetekend door de IJslandse historicus Snorri Sturluson, ontstond de oerreus Ymir uit Ginnungagap: de leegte. Ymir werd de stamvader van nieuwe reuzen, die op magische wijze geboren werden uit zijn voeten en oksels.

De oerreus voedde zich met melk van de koe Audhumla, die zelf een wezen – Búri – schiep door aan een zout ijsblok te likken. Búri kreeg een zoon, Borr, die samen met zijn vrouw Bestla drie zonen kreeg: Odin, Vili en Vé.

1) Yggdrasil, 2) Asgaard, 3) Midgaard, 4) Wereldzee, 5) Útgard.

Niemand weet zeker hoe het heelal er volgens de Vikingen uitzag.

© Finnur Magnússon

Universet var opdelt

Terwijl de goden en de mensen in het centrum van de wereld leefden, verbleven de reuzen in de onherbergzame buitengebieden. Volgens de historicus Snorri Sturluson geloofden de Vikingen dat het universum uit verschillende werelden bestond.

In zijn Proza-Edda beschrijft Snorri Sturluson (rond 1220) hoe Odin de angstaanjagende godin Hel, de dochter van Loki en de reuzin Angrboda, naar de gelijknamige onderwereld wierp, waar ze de heerschappij kreeg over negen ‘huizen’ of werelden.

Er zijn geen bronnen die deze werelden precies beschrijven en wetenschappers gaan ervan uit dat het wereldbeeld van de Vikingen per streek varieerde. De meeste Vikingen geloofden waarschijnlijk dat de goden in Asgaard leefden; een wereld die mensen konden bereiken via de regenboogbrug Bifröst.

In het midden van het universum lag de wereldboom Yggdrasil met daaromheen Asgaard, dat weer omringd werd door de mensenwereld, Midgaard. Helemaal aan de rand woonden de reuzen – in Útgard. Volgens sommige mythen lag Útgard aan de andere kant van de wereldzee, waar de Midgaardslang leefde, of in afgelegen berggebieden, op geïsoleerde eilanden of diep onder de grond.

De goden waren echter niet blij met hun afstamming, en volgens de Edda doodden ze Ymir:

‘Ze namen Ymir gevangen, plaatsten hem in de gapende leegte en maakten van hem de aarde, en van zijn bloed de zee en meren. Uit zijn lichaam ontstond de aarde en uit zijn gebeente de bergen.’

De mythe van Ymir geeft aan dat de reuzen heel belangrijk waren, en ouder dan de goden. Tegelijkertijd waren deze twee groepen zo nauw verwant dat Odin – de oppergod – zelf een reuzin als moeder had. De goden en de reuzen hadden elkaar dus nodig en de grens tussen hen was vaag. Zo leefde Loki tussen de goden, terwijl zijn ouders reuzen waren.

Ondanks hun verwantschap werden reuzen en goden als aparte groepen gezien, verwikkeld in een eeuwig conflict dat begon met de moord op Ymir.

Runensteen beschrijft grote eetlust

In het begin van de 9e eeuw werd een steen met de langste runeninscriptie van Scandinavië opgericht bij het Zweedse meer Vättern. In deze mysterieuze tekst staat het woord iatun – wat ‘reus’ betekent. Het woord maakt deel uit van een vraag: ‘Wie kan een reus verslaan?’

Volgens taalkundigen is ‘iatun’ verwant aan het woord ‘eten’, en zou het oorspronkelijk ‘slokop’ betekenen.

Het idee van reuzen als veelvraten komt ook terug in het Edda-verhaal over de reis van Thor en Loki naar Útgarda-Loki. Hier verliest Loki een eetwedstrijd met de vuurreus Logi, die niet alleen het eten, maar ook alle borden verslindt.

Op een runensteen bij Ystad, Denemarken, staat volgens wetenschappers een reus die op een wolf rijdt, met adders als teugels.

© Wolfgang Sauber & Shutterstock

Er is nog steeds onenigheid over de rol die de reuzen in de Vikingtijd speelden. Wetenschappers zien hen als een oerbevolking, vleesetende demonen of overblijfselen van een oudere religie.

Tegenwoordig beschouwen sommige deskundigen de reuzen als symbool voor de natuur – in tegenstelling tot de goden, die stonden voor beschaving en cultuur. Net als de natuur waren de reuzen niet goed of slecht, ze waren er gewoon.

En soms moesten de goden de reuzen uitroeien, als jagers die herten afschieten om de populatie onder controle te houden. Vooral Thor hield zich hiermee bezig, waardoor de dondergod wel 40 bijnamen kreeg die allemaal ‘reuzendoder’ betekenden.

Cultplaats in Zweden

Niet dat de tegenstanders van de goden passieve wezens waren die zaten te wachten tot ze getroffen werden door Thors hamer, Mjölnir. De mythen beschrijven veel goed georganiseerde, initiatiefrijke reuzen die buiten de beschaafde wereld leefden en daarom door mensen en goden als buitenstaanders werden beschouwd.

De reus Thrym woonde bijvoorbeeld op een boerderij met paarden en honden. In de Thrymskvida wordt verteld hoe hij Mjölnir stal terwijl Thor lag te slapen. De dondergod kreeg zijn hamer terug door zich te verkleden als de godin Freya, Thryms droomvrouw.

Nog zo’n actieve reus was Skadi, dochter van de reus Thjazi, die door de goden werd vermoord omdat hij de godin Idunn had ontvoerd. Volgens de mythe reisde Skadi helemaal naar Asgaard om haar vader te wreken.

Om haar tot bedaren te brengen gingen de mannelijke goden achter een gordijn staan en mocht Skadi een van hen als partner kiezen.

‘De rivier moet bij de monding worden tegengehouden!’ De god Thor nadat hij een steen in de schoot van een plassende reuzin had gegooid.

De reuzin wees naar de mooiste voeten en hoopte dat die van de mooie god Balder waren. Maar ze waren van de zeegod Njord.

Hun huwelijk duurde niet lang, maar plaatsnamen wijzen erop dat de reuzin de status van een godin verwierf. Het Zweedse plaatsje Skadevi betekent waarschijnlijk ‘Skadi’s schrijn’ – wat er volgens onderzoekers op wijst dat zij – ondanks dat ze een reus was – haar eigen cultus had.

Een beter huwelijk tussen goden en reuzen wordt beschreven in het Edda-gedicht Skírnismál. Daarin gaat de vruchtbaarheidsgod Frey op de troon van Odin – Hlidskjalf – zitten, vanwaar hij ‘uitzicht had op alle werelden. Hij keek naar de wereld van de reuzen en zag daar een mooie, jonge vrouw die van haar vaders hal naar een kleiner huis liep.’

Frey werd zo verliefd op de mooie Gerd dat hij niet opgaf totdat de reuzin met hem wilde trouwen.

Goden kijken neer op reuzen

Een huwelijk tussen goden en reuzen was echter zeldzaam. De mythen vertellen vooral over mannelijke goden die korte affaires hebben met reuzinnen – en over mannelijke reuzen die tevergeefs proberen om godinnen te ontvoeren.

Onderzoekers wijten deze onevenwichtige verhouding aan het feit dat reuzen tot een lagere sociale klasse behoorden dan de goden. Zo weerspiegelde hun mythologie de Vikingsamenleving, waar het ook ongebruikelijk was dat een graaf – die vaak slavinnen als minnaressen had – trouwde met een arme boerendochter.

Er waren reuzen in alle soorten en maten, van enge monsters tot dronken feestvierders. Sommige kregen kinderen met de goden, andere bereidden zich voor op Ragnarok – het einde van de wereld.

© IllegalNova

Reuzenslang leefde in de zee

De Midgaardslang was, net als Hel en Fenris, een kind van Loki en de reuzin Angrboda. Op verschillende runenstenen is te zien hoe Thor vecht met deze machtige en angstaanjagende zeeslang.

© galdarunir

Arend veroorzaakte storm

Hræsvelg leek op een grote arend. Volgens de Poëtische Edda leefde deze reus aan het einde van de wereld, waar hij de wind maakte met zijn vleugels. Hræsvelg betekent ‘lijkenverslinder’.

© publish0x.com

Afgehakt hoofd gaf advies

Mímir was een wijze reus. Volgens een mythe werd hij onthoofd tijdens een oorlog tussen de twee godenfamilies, de Wanen en de Asen. Maar Odin hield het hoofd in leven en vroeg het regelmatig om advies.

© Ivy Close Images/Imageselect

Reus dronk bier met de goden

Ægir was getrouwd met de zeegodin Ran, die drenkelingen ving in haar net. In het gedicht Lokasenna verpest Loki een feest in de hal van Ægir door de aanwezige goden van overspel te betichten.

© mythologysource.com

God gedood door vlammenzwaard

Surt kwam uit de vuurwereld Muspelheim. Tijdens Ragnarok moest hij de andere vuurreuzen leiden in hun strijd tegen de goden, de god Frey vermoorden en de wereld in brand steken.

Dat reuzen ondergeschikt waren aan de goden wordt bevestigd door Snorri Sturluson, die in Skáldskaparmál schrijft dat het woord ‘reus’ een scheldwoord was.

Een paar keer slagen de reuzen er bíjna in om de arrogante goden op hun plaats te zetten. Als Thor in een mythe een rivier moet oversteken om bij de reus Geirröd te komen, wordt hij letterlijk in de zeik genomen. Verderop was een reuzin aan het plassen, waardoor de dondergod zelf en Loki bijna verdronken. Maar doordat Thor een steen tussen de benen van de reuzin gooit, overleven ze het.

‘De rivier moet bij de monding worden tegengehouden!’ riep hij brutaal.

Odin steelt poëtische mede

Ondanks hun lage status waren de reuzen eeuwenoude wezens die, volgens de mythologie, over unieke kennis beschikten. Veel teksten beschrijven dan ook hoe Odin reuzen opzocht om kennis te vergaren – bijvoorbeeld de wijze reus Mímir, wiens hoofd onder de wereldboom Yggdrasil begraven lag.

Maar een van Odins expedities was vooral belangrijk voor de skalden, de dichters uit die tijd: de oppergod stal de zogeheten skaldenmede van de reus Suttung. Volgens de mythe bewaakte Suttungs dochter, Gunnlod, deze inspirerende honingdrank in de berg Hnitbjörg.

Volgens Finn Gemynthe zijn de reuzen in de Noordse mythologie gebaseerd op de Neanderthalers.

© Thomas Krag & John Ovesen

Reuzen stammen af van Neanderthalers

In de Noordse mythen ontmoeten de goden en reuzen elkaar voor oorlog en seks. Dat kan verwijzen naar de eerste ontmoeting tussen Homo Sapiens en de Neanderthalers, die volgens één theorie de inspiratie vormden voor de reuzen.

Sinds de 18e eeuw denken sommige wetenschappers dat de reuzen een soort herinnering zijn aan een Scandinavische oerbevolking. In 2020 lanceerde Finn Gemynthe een moderne versie van die theorie: de reuzen zijn geïnspireerd op de Neanderthalers.

DNA-analyses tonen aan dat 2 procent van het Europese genoom afkomstig is van Neanderthalers. De verhalen over de verwikkelingen met reuzen kunnen daarom, volgens Gemynthe, verwijzen naar de strijd tussen Homo Sapiens en de Neanderthalers in de ijstijd. In een boek noemt hij een aantal overeenkomsten tussen reuzen en Neanderthalers.

‘Het woord reus (jötun, jætte) komt van het Germaanse etuna en betekent ‘veelvraat’. Neanderthalers hadden ongeveer twee keer zo veel calorieën nodig als wij!’

Ook de filoloog Martin Larsen vindt verwijzingen naar de ijstijd. Zo wordt een landschap in het gedicht Völuspá beschreven als: ‘rivier gaat vanuit het oosten / door een dal van ijs’.

Gemynthe geeft toe dat hij niet weet of een verhaal wel 38.000 jaar kan overleven, maar vindt het niet ondenkbaar.

Om toegang te krijgen tot de drie vaten mede, werkte Odin voor Baugi, de broer van Suttung, die hem in ruil daarvoor hielp om een gat in de bergrots te boren.

Daarna veranderde Odin zichzelf in een slang, kroop door het gat en nam de gedaante aan van een knappe jongeman. De reuzin bracht drie nachten door met de god en in ruil daarvoor mocht hij één slok uit elk vat drinken.

Maar Odin dronk alle mede op en vloog weg in de vorm van een arend. Zo stalen de goden de dichtkunst van de reuzen.

Reus woonde op Læsø

Hoewel we veel weten over de reuzen, is hun precieze rol nog onduidelijk. De Vikingen noemden de reuzen ook wel ‘thursar’ – een woord dat verwant kan zijn met het woord voor ‘dorst’ of ‘bloeddorst’.

Maar waar deze bloeddorstige wezens precies leefden, was nooit helemaal duidelijk – tenminste, de Vikingen waren het daar niet over eens.

In de bronnen vermoordt Thor reuzen bij de vleet – maar zijn slachtoffers waren vaak de onschuld zelve.

© Dansk Skolemuseum

Volgens sommigen woonden ze onder de grond, volgens anderen in de onherbergzame gebieden in het noordoosten. Ook werd beweerd dat ze op ontoegankelijke eilanden woonden – zo dacht men dat de zeereus Ægir op het Deense eiland Læsø verbleef.

Maar alle reuzen woonden aan de rand van de beschaafde wereld, buiten de invloed van mensen. En daar leefden ze voort, ook lang nadat Thor en Freya vervangen waren door Jezus en Maria. Ze veranderden in trollen en andere wezens die het grensgebied tussen de beschaafde wereld en de onvoorspelbare natuur bevolkten. En trollen komen alleen tevoorschijn in de schemering, als het zonlicht verdwijnt.

MEER OVER DE REUZEN

  • Gro Steinsland: Norrøn religion – myter, riter, samfunn, Pax Forlag A/S, 2005
  • Tommy Kuusela: Hallen var lyst i helig frid – krig och fred mellan gudar och jättar i en fornnordisk hallmiljö, doctoraalscriptie aan Stockholms Universitet, 2017