Deze scène is mogelijk geïnspireerd op de plundering van Rome door de Vandalen in 455.

21 bijzondere feiten over het Romeinse Rijk

De Romeinen konden bouwen als de beste, versloegen elke vijand en heersten over de halve wereld. Maar waarom droegen ze toga's, wat kostte een gladiator, hoe verborg Julius Caesar zijn kaalheid en waardoor viel het Romeinse Rijk?

15 oktober 2015 door Therese Boisen Haas

1. Wie stichtte het Romeinse Rijk?

De twee Romeinse scheppingsmythen zijn door elkaar heen gaan lopen.

Aeneas
De Romeinen bewonderden de Grieken, en leenden hun mythische held Aeneas. Hij was prins van Troje, dat in de Ilias van Homerus wordt belegerd en verwoest. De edele Aeneas overleefde de rampspoed, en Romeinse schrijvers vulden zijn levensverhaal verder in.

Volgens hen leidde hij Trojaanse vluchtelingen naar Italië, waar ze zich onder de Latijnen vestigden en hun deugden als liefde voor hun familie, stad en goden bijbrachten. Aeneas was de Romeinse stamvader.

Romulus en Remus
Deze broers waren zonen van de tempelmaagd Rhea, die verkracht was door de oorlogsgod Mars. Zij liet hen in een mandje op de rivier de Tiber achter, maar een wolf redde de kinderen en voedde hen op. Later stichtten ze een stad, waarna Romulus zijn broer doodde. De Romeinen smulden van het verhaal. Romulus en Remus stichtten Rome.

2. Wat was een patriciër?

De eerste koningen wezen 100 raadgevers uit machtige families aan. Deze patres werden eerst regelmatig vervangen, maar later gingen de patriciërs een sociale klasse vormen en kregen ze de hoogste posities.

3. Hoe werd Rome een republiek?

De val van de monarchie was het resultaat van een verkrachting. De zoon van koning Lucius Tarquinius Superbus vergreep zich in 509 v.Chr. aan een eerbare patriciërsvrouw, die uit schaamte zelfmoord pleegde. Woedende burgers zetten de koning af en riepen de res publica uit – de publieke zaak. Voortaan had de Senaat, waar de rijkste mannen in zaten, het voor het zeggen.

4. In welke goden geloofden de inwoners van het Romeinse Rijk?


De Romeinse

De Romeinen zagen overal om zich heen goden. Rivieren, jaargetijden, maanden en zelfs alle huizen hadden een heilige beschermer, die flink in de watten gelegd moest worden met offers, anders liepen de mensen het risico om gestraft te worden met ziekte en ander onheil.

De Griekse

De Romeinen haalden alles uit Griekenland, ook hun goden. Zeus werd Jupiter, Ares kreeg de naam Mars en Afrodite werd tot Venus omgedoopt. Hun rol bleef hetzelfde. Tot de opkomst van het christendom vormden de vreemde goden de kern van de Romeinse religie.

De oosterse

Ook de Romeinse godenwereld was gevoelig voor modegrillen. Toen Egypte in de 1e eeuw v.Chr. werd veroverd, gingen Romeinse vrouwen massaal Isis aanbidden, de godin van het moederschap. Rond diezelfde tijd ontstond er een cultus rond de mannelijke Indisch-Perzische god Mithra, vooral onder legionairs.

5. Leidden alle wegen naar Rome?

Alle wegen leidden van Rome af, want ze waren bedoeld om snel troepen te kunnen verplaatsen als er ergens een invasie of een opstand dreigde.
Het beginpunt van alle wegen was de Gouden Mijlpaal op het Forum Romanum in Rome. Alle andere mijlpalen gingen uit van dit middelpunt en hadden een onderlinge afstand van één Romeinse mijl (ca. 1,5 km).

De Romeinse wegen waren kaarsrecht, want de ingenieurs lieten zich niet afschrikken door rivieren en heuvels. In totaal legden ze 272 hoofdwegen aan, die zich over 85.000 kilometer uitstrekten en zelfs de verste provincie rechtstreeks met het kloppend hart van het Romeinse Rijk verbonden.

6. Waren Romeinse mannen dol op de toga?

De toga was onhandig, maakte de linkerhand onbruikbaar en kon niet zonder hulp aangetrokken worden. En juist daarom droegen de rijken het stuk stof van 6 meter: ze wilden laten zien dat ze overal slaven voor hadden. Op een hete zomerdag was de wollen toga een verschrikking. Luchtiger kleding was even in de mode, maar keizer Augustus stelde de toga verplicht.

7. Waar kwam het idee voor de riolering in het Romeinse Rijk vandaan?

De Romeinen leerden veel van de natuur. Het Cloaca Maxima, het grootste riool van Rome, was waarschijnlijk gewoon een beek die geleidelijk overdekt werd. In droge tijden hoopte de vuiligheid zich op in de ondergrondse stroom en was Rome in stank gehuld. Dit werd later opgelost door water uit de aquaducten door het riool te laten stromen.

8.Droeg Caesar een lauwerkrans?

Op latere leeftijd droeg de ijdele Julius Caesar altijd een lauwerkrans om zijn kaalheid te verhullen. Normaal droegen veldheren dit overwinningssymbool alleen tijdens triomftochten, maar de veroveraar van Gallië mocht het van de Senaat elke dag dragen. En omdat hij tot zijn dood in 44 v.Chr. in feite de dictator van Rome was, kon niemand hem dat recht weigeren.

9. Hoeveel legioenen had het Romeinse Rijk?

Rome kreeg steeds meer legioenen naarmate het rijk groeide. Elke eenheid vormde een minileger.

In de koningentijd vormde het legioen het hele Romeinse leger, een kleine eenheid van dienstplichtige burgers. Toen Rome een republiek werd, werd het leger verdeeld in eenheden van circa 4500 man, waarmee het klassieke legioen geboren was.

Eerst waren er twee, toen vier, en tijdens de burgeroorlogen die de republiek ten val brachten, kwam het aantal legioenen op 50. Het rijk was inmiddels zo groot dat er een beroepsleger nodig was, en bij een hervorming rond 100 v.Chr. werden de dienstplichtigen vervangen door professionele soldaten. Die dienden 16 jaar – later 20 – in ruil voor een vast salaris en een stuk grond.

Onder de keizers vonden er geen grote veroveringen meer plaats en daalde het aantal legioenen tot 25 à 30, die de grenzen bewaakten. Daar was geen grote strijdmacht voor nodig. In de 2e eeuw viel het leger door burgeroorlogen uiteen in 150 legioenen van 1000 man, die zich nauwelijks konden meten met de goed getrainde elitesoldaten van weleer.

10. Werden christenen voor de leeuwen gegooid?

Christenen waren misdadigers omdat ze de Romeinse staatsgodsdienst niet erkenden. En misdadigers konden veroordeeld worden tot damnatio ad bestias – executie door dieren. Keizer Nero zou christenen zwaar onderdrukt hebben, net als een aantal van zijn opvolgers. Maar waarschijnlijk verbaasden de meeste Romeinen zich slechts over het rare geloof.

11. Wie was de eerste keizer van het Romeinse Rijk?

Historici zien Augustus als de eerste keizer. Hij was de erfgenaam van Caesar en kwam in 27 v.Chr. aan de macht na een bloedige burgeroorlog, net als zijn voorganger, maar hij werd niet vermoord. In 40 jaar ontstond er onder Augustus een nieuwe vorm van bestuur met erfopvolging.

12. Hoeveel aquaducten brachten water naar Rome?

Rome werd van water voorzien via 11 aquaducten:

  • Totale lengte: 480 km
  • Optimaal verval: 2 m/1 km
  • Kosten van het duurste: 180 mln sestertiën


13. Wat was de favoriete vorm van vermaak in het Romeinse Rijk?

Het was stil in de straten van Rome als de beste wagenmenners hun leven waagden in het enorme Circus Maximus.

De Romeinen waren dol op vermaak en wagenrennen was het voetbal van die tijd. De burgers kwamen in groten getale naar het Circus Maximus, waar de Roden, Witten, Blauwen en Groenen het tegen elkaar opnamen. Soms waren er wel 150.000 toeschouwers.

De teams hadden hun eigen supporters, die vaak met elkaar op de vuist gingen. Er zijn vervloekingstabletten gevonden die de aanhangers in de baan hadden begraven om een vloek over de tegenstander af te roepen. Zelfs de keizer had last van furor circensis – circuskoorts. Zo was Caligula een hartstochtelijk fan van de Groenen.

Circus Maximus

Qua oppervlakte was het wedrenstation het grootste gebouw van Rome. Het was 650 meter lang en 120 meter breed, en 150.000 fans konden er hun favoriete team aanmoedigen.

14. Was Nero echt krankzinnig?

Psychiaters van nu zouden Nero waarschijnlijk een psychopaat genoemd hebben vanwege de afwezigheid van remmingen en het gebrek aan inlevingsvermogen.

De keizer mocht graag optreden als zanger, acteur of sportman. Hij zag overal vijanden: hij liet zijn moeder vermoorden, executeerde een echtgenote en schopte een andere dood. ‘Wat een kunstenaar sterft er met mij,’ zou hij gezegd hebben toen hij zelfmoord pleegde.

15. Hoe vaak gingen de Romeinen in bad?

Als ze er tijd voor hadden, gingen de Romeinen elke dag naar het badhuis. Een groot deel van hun sociale leven speelde zich in deze thermen af.

Er waren sportvelden, warme en koude bassins en sauna’s. Rijk en arm zaten onder één dak, er werden deals gesloten en prostituees wierven klanten. Maar erg schoon werden de Romeinen er niet. Volgens keizer Marcus Aurelius was er alleen ‘olie, zweet, vuil en vet water’ in de baden.

16. Braakten de Romeinen tijdens het diner?

Gewone Romeinen hadden geen geld om voor de smaak te eten. Maar bij de diners van de elite, waar het ene gerecht na het andere opgediend werd, was het gebruikelijk om plaats te maken door een vinger in de keel te steken. Als de maaginhoud de daartoe bestemde schaal miste, stond er een slaaf klaar, de ‘braakselopruimer’.

17. Wat kostte een gladiator in het Romeinse Rijk?

Een getrainde gladiator kon je op de kop tikken voor 1000 tot 2000 sestertiën – 10 tot 20 keer het jaarsalaris van een legionair, maar voor een kampioen werd wel 15.000 sestertiën neergeteld.
Wie een goede gladiator bezat, kon wat terugverdienen met weddenschappen. En de met olie ingesmeerde vechters waren geliefd bij het volk – en vooral bij de dames. Edelvrouwen betaalden grif voor een uurtje met een van de populairste gladiatoren van het seizoen.

18. Waarom werd het Romeinse Rijk opgesplitst in twee delen met elk een eigen keizer?

Het was lastig om het uitgestrekte Romeinse Rijk op een efficiënte manier te besturen. De keizers hadden weinig grip op de provincies, er braken voortdurend opstanden uit en het leger was niet effectief. En het hielp niet dat veel van de keizers er niets van bakten.

Keizer Diocletianus ging het probleem te lijf door compagnons aan te wijzen. In 285 n.Chr. gaf hij het westen in beheer aan Maximianus, en zeven jaar later benoemden beiden een medekeizer en opvolger. Deze zogeheten tetrarchie moest het rijk beter bestuurbaar maken.

Maar toen Diocletianus met pensioen ging, kregen zijn opvolgers het met elkaar aan de stok. Het rijk werd eerst herenigd, brak toen in tweeën en kwam vervolgens weer bij elkaar, tot keizer Theodosius I in 408 stierf. Zijn twee zoons erfden ieder een deel, en zo werd de deling permanent. Het West-Romeinse Rijk was geen lang leven beschoren, terwijl het Oost-Romeinse of Byzantijnse Rijk tot 1453 bestond.

19. Wat was het lievelingseten van de Romeinen?

Geen gerecht zonder vissaus De Romeinen deden het overal over, zelfs over het dessert: de vissaus garum. Ze waren dol op de smaak, en de proteïnebom zou helpen tegen bijvoorbeeld diarree en hondenbeten.

De perfecte garum

  • Meng bloed en ingewanden van een vis in een vat. Voeg kleine visjes en veel zout toe.
  • Laat het vat 1 tot 2 maanden in de zon staan. Door de warmte wordt de inhoud een dikke brij, en het zout gaat rotting tegen.
  • Zeef de inhoud, zodat er een dikke, heldere vloeistof overblijft. Geef de rest aan armen.
  • Voeg kruiden toe. Bonum appetitionem!


20. Kon een slaaf in het Romeinse Rijk vrij worden?

Slaven dienden voor het leven, tenzij ze werden vrijgelaten, wat wel eens voorkwam. Ook kon een slaaf zijn of haar vrijheid kopen voor het oorspronkelijke aankoopbedrag. Dat kon veel geld zijn als de slaaf destijds jong en gezond was of ergens goed in was. Een slaaf die zijn vrijheid wist te verwerven, werd automatisch Romeins staatsburger.

21. Waardoor ging het Romeinse Rijk ten onder?

Toen het West-Romeinse Rijk verzwakt was door een machtsstrijd, sloegen stammen van buiten hun slag. Tegen de 5e eeuw had het rijk geen invloed meer.

Het was altijd onrustig aan de top

Er was nooit een stabiel bestuur. Iedereen kon keizer worden, als hij maar gesteund werd door het leger, en er woedden talrijke burgeroorlogen in het rijk. Binnen een jaar konden verschillende keizers de macht grijpen, om vervolgens vermoord of aan de kant geschoven te worden door een andere Romein met evenveel honger naar macht.

De economie lag op z’n gat

Vanwege plunderende legers, een tegenvallende handel en een slecht bestuur stortte de economie in. Het inwonertal van de grote steden liep terug, en na 250 n.Chr. werden er geen theaters of arena’s meer gebouwd. De keizers stonden machteloos, waardoor ze nog meer aan gezag inboetten. De inwoners van de Romeinse provincies moesten voortaan hun eigen boontjes doppen.

Barbaren staken de grenzen over

De Hunnen vielen vanuit Azië Europa binnen en dreven andere volkeren voor zich uit, de Romeinse grens over. De zwakke legioenen konden de Goten, Vandalen, Bourgondiërs en Franken niet stuiten, en in 476 zetten zij de laatste keizer, Augustulus, af.

Bekijk ook ...