Bijna 3000 jaar lang kenden vrouwen in Egypte een mate van vrijheid die pas in de moderne tijd is overtroffen. 

© Art archive/Picture Desk & Lessing Images

Egyptische vrouwen hadden schokkend veel vrijheden

Ze hadden dezelfde arbeidsvoorwaarden als mannen, ze zopen dat het een aard had en ze kwamen zelfs op de troon. De vrouwen van het oude Egypte waren vrijwel volledig geëmancipeerd.

7 september 2018 door Kasper Schlie

Arme vrouwen moesten werken

Toen de Griekse geschiedschrijver Herodotus in de 5e eeuw v.Chr. Egypte aandeed, sloeg hij steil achterover van verbazing: ‘De bevolking hier zet de zeden en gewoonten van de mens op hun kop. De vrouwen gaan naar de markt en doen zaken, terwijl de mannen thuis zitten te weven.’

Voor Herodotus was dat te belachelijk voor woorden. In Griekenland werden vrouwen niet eens als zelfstandige personen beschouwd. Ze waren ondergeschikt aan de heer des huizes en mochten de speciale vrouwenruimte alleen verlaten met zijn toestemming.

In Egypte lagen de zaken heel anders: daar hadden vrouwen al duizenden jaren lang vrijwel dezelfde rechten als mannen. Dit kwam doordat de Egyptenaren geloofden dat het heelal ontstaan was uit gemeenschap tussen meerdere mannelijke en vrouwelijke goden. 

Het universum was daarom in gelijke mate mannelijk en vrouwelijk. Om deze balans te behouden, was het volgens de Egyptenaren belangrijk dat er een evenwicht heerste tussen de goden en de mensen – en tussen beide geslachten. 

De godin Maat was verantwoordelijk voor het handhaven van deze balans. Zij stond ook voor rechtvaardigheid en waarheid.

In de Egyptische wet waren vrouwen om deze reden in hoge mate gelijkgesteld aan mannen. Zo kregen ze dezelfde straf voor een misdaad, liepen erfenissen via de vrouwelijke lijn en mochten vrouwen land, vee en woningen bezitten.

In een oud contract staat te lezen hoe de vrouw Sebtitis grond schenkt aan haar dochter, terwijl de bejaarde vrouw Naunakhte er in een andere tekst over klaagt dat haar kinderen haar niet verzorgen: ‘Alleen wie mij geholpen heeft, erft mijn bezittingen.’

Met name in arme kringen was het belangrijk dat de vrouwen – naast hun huishoudelijke taken – een baan hadden om de inkomsten van het gezin aan te vullen. Arme vrouwen maakten daardoor meer dan rijke vrouwen volwaardig deel uit van de maatschappij.

Dure kleren en juwelen hadden arme vrouwen niet, maar net als iedereen deden ze hun best om er toonbaar uit te zien als ze de straat op gingen.

© U. forman/Getty

Uiterlijkheden

  1. Kapsel Vrijwel alle vrouwen hadden kort haar vanwege de warmte. Ze droegen een pruik, die bij armen vaak uit vezels van de dadelpalm bestond.

  2. Make-up: Als oogschaduw gebruikte men het groene mineraal malachiet gemengd met olie. Verpulverd loodglans, kohl genoemd, diende als simpele eyeliner.

  3. Kleding Arme vrouwen droegen een kalasiris – een witte jurk met een schouderband. Een of beide borsten waren ontbloot.

  4. Lippen Als een vrouw het kon betalen, accentueerde ze haar lippen met rode oker.

  5. Schoeisel: Armen liepen blootsvoets. 

  • Vrouwen op de arbeidsmarkt
    Veel arme vrouwen, die vaak niet konden lezen, sleten hun dagen op het land. Maar dat was niet de enige mogelijkheid. Zo konden ze klaagvrouw worden en ingehuurd worden om te huilen bij het huis van een dode, of maakten ze stoffen, bakten ze brood of brouwden ze bier. Een vrouw kon zelfs de leiding krijgen over bijvoorbeeld een ploeg wevers.

    Op grafdecoraties uit Saqqara is te zien hoe vrouwen in de weer zijn met brood, bier en vis. Op een schildering geeft een vrouw een man de wind van voren terwijl ze een schip de haven in stuurt: ‘Versper mijn zicht niet terwijl ik aanleg,’ roept ze volgens de hiërogliefen.

  • ‘Ik ben toe aan een andere man!’
    Als een vrouw trouwde, betekende dat niet dat ze haar zelfstandigheid kwijt was. Ze behield haar bezit en kon zelfs geld uitlenen. Zo beschrijft een tekst hoe een gewiekste vrouw drie zilverklompjes te leen gaf aan haar man tegen maar liefst 30 procent rente per jaar.

    Daarnaast kon een vrouw zich laten scheiden als haar echtgenoot tegenviel, maar dat kostte soms wel geld. In een huwelijkscontract uit 340 v.Chr. schrijft een vrouw droogjes aan haar man: ‘Als ik je afwijs als echtgenoot omdat ik op je uitgekeken ben en een ander wil, dan geef ik je 22 gram zilver en doe ik afstand van een derde van ons gemeenschappelijke bezit.’  

  • Dansen bracht brood op de plank 
    Egyptische vrouwen dansten heel wat af. Bij religieuze ceremoniën, begrafenissen, festivals, bruiloften en partijen was een dansgroep of khener onmisbaar. Zelfs bevallingen werden opgeluisterd door dansers, die zongen: ‘Kijk, de geheimen van de geboorte.’

    Met name vrouwen uit de lagere sociale klassen werden professionele danseressen bij bijvoorbeeld een banket, want een hoger geplaatste vrouw zou zichzelf nooit zo te kijk zetten. De danseressen zongen en speelden lier, tamboerijn of fluit tijdens het dansen. Een dans kon ook van erotische aard zijn.

    Op grafschilderingen worden de danseressen meestal bijna geheel naakt afgebeeld, met alleen een riem rond het middel. Aan de riem hingen holle kralen met kleine steentjes erin. Wanneer de vrouwen met hun heupen wiegden, ratelden de steentjes sensueel. Egyptologen gaan ervan uit dat een aanzienlijk deel van de danseressen seksuele diensten verleende tegen betaling.

Burgervrouwen kregen een opleiding

Vrouwen uit welgestelde families konden carrière maken door zich te laten scholen. Om in aanmerking te komen voor een prestigieuze post was het vereist dat ze het ingewikkelde Egyptische schrift beheersten.

Ouders uit de gegoede burgerij gaven dan ook veel geld uit aan onderwijs – op school of thuis – voor met name hun zoons, maar ook dochters werden regelmatig ingewijd in de moeilijke schrijfkunst. En als ze die beheersten, lag de wereld aan hun voeten.

Volgens egyptologen konden vrouwen zeker 25 leidinggevende posten in de ambtenarij bekleden, die vaak wel met typische vrouwenberoepen te maken hadden. 

Zo kon een vrouw ‘opzichter van een kledingpakhuis’ of ‘hoofd van de pruikenfabriek’ worden. De machtigste ambtenares ooit was ‘Dame’ Nebet, die rond 2300 v.Chr. benoemd werd tot vizier – de rechterhand van de farao.

Dat had er echter wellicht vooral mee te maken dat ze de schoonmoeder van farao Pepi I was.  

Rijke vrouwen hechtten extreem veel belang aan hun uiterlijk. Ze deden alles om niet op de arme arbeiders te lijken.

© Bridgeman & Shutterstock

Uiterlijkheden

  1. Pruik: Een rijke vrouw droeg een pruik van 120.000 mensenharen.

  2. Gezicht: Een zo bleek mogelijke huid was een statussymbool: het toonde dat je niet buiten werkte.

  3. Lichaamshaar: In Egypte gold haar op het lichaam als onhygiënisch. Het werd met olie en vuursteentjes verwijderd.

  4. Sieraden: Vrouwen uit de burgerij droegen armbanden van zilver en goud aan polsen en enkels.

  5. Kleding: Net als de armen droegen de rijke vrouwen een lange jurk van linnen, maar dan met kleuren, patronen en kralen.

  6. Deodorant: Op feesten droeg men een geparfumeerde klomp vet op het hoofd. Als deze door de warmte smolt, stonk de pruik niet meer naar zweet.

  • Na de dood stond de man centraal
    Terwijl arme vrouwen zonder kist of schatten in het woestijnzand begraven werden, kwamen de meer welgestelden in dure graven terecht – maar altijd met hun man. Een ongetrouwde vrouw werd in het familiegraf bijgezet, dat meestal door haar vader aangelegd was. Alleen koninginnen kregen een graf voor zichzelf. Vrouwen mochten wel juwelen, spiegels en make-up meenemen in het graf, zodat ze er ook in het dodenrijk netjes uitzagen.

  • ‘Geef me 18 kroezen wijn, ik wil me bezatten’
    Een Egyptische zegswijze luidt: ‘De dronkenschap van gisteren moet de dorst van vandaag niet minderen.’ Dit lieten de rijkere vrouwen zich geen twee keer zeggen: ze organiseerden om de haverklap overvloedige diners voor hun vrienden. De wijn vloeide hierbij rijkelijk, en de gasten werden vermaakt door dansers en musici.

    Het drinken van alcohol was beslist niet voorbehouden aan mannen. Ook bij vrouwen gingen alle remmen los. Zo toont een muurschildering in het Paheri-grafcomplex uit de 15e eeuw v.Chr. een vrouw die naar een dienstmeisje roept: ‘Geef me 18 kroezen wijn, ik wil me bezatten, mijn keel is zo droog als een strohalm.’ 

  • Tempels zaten vol vrouwen
    Vrouwen die zo rijk waren dat ze niet hoefden te werken, maakten vaak carrière als priesteres in een tempel. De godenbeelden moesten offers krijgen, aangekleed en geparfumeerd worden en ’s nachts bewaakt.

    Met name in tempels voor vrouwelijke goden waren vrouwen actief. De belangrijkste godinnen waren Hathor, de godin van de liefde, en Isis, die ziekten kon genezen. Tempelvrouwen stonden hoog in aanzien in Egypte, maar dat veranderde tijdens het Nieuwe Rijk, (1570-1070 v.Chr.), toen vrouwen van alle rangen en standen plotseling priesteres mochten worden. 

Vrouwen van de elite vochten om de macht

Onder de circa 500 farao’s die in de loop van 3000 jaar op de Egyptische troon zaten, waren zeker zes vrouwen: Nitokris, Neferoesobek, Ahmose-Nefertari, Hatsjepsoet, Nefertiti en Cleopatra. 

Zij zaten allen op de troon in perioden van politieke instabiliteit of wanneer er geen mannelijke troonopvolger voorhanden was.

Een vrouwelijke farao had dezelfde taken als een mannelijke: ze moest Maat, het evenwicht in het rijk, bewaren en was verantwoordelijk voor onder meer de oogst, het staatsbestuur en het leger. 

Beeltenissen van vrouwelijke farao’s waren gelijk aan die van hun mannelijke collega’s. Vrouwen werden zelfs afgebeeld met een baard en in mannenkleding, want zelfs in Egypte was het ideaalbeeld van de machtige farao mannelijk.

Vrouwelijke farao’s moesten constant vechten om op de troon te blijven. Zo werden twee van de bekendste vrouwelijke heersers, Hatsjepsoet en Nefertiti, voortdurend door mannen uitgedaagd, en Cleopatra vocht zelfs een burgeroorlog uit.

Vrouwelijke farao’s lieten zich op dezelfde manier afbeelden als mannelijke. Of ze ook in het dagelijks leven mannenkleding droegen, weten we niet.

© Getty images & Shutterstock

Uiterlijkheden

  1. Slang: Op het hoofddeksel stond een cobrafiguur afgebeeld, die de goddelijke autoriteit van de farao symboliseerde.

  2. Hoofd-deksel: De zogeheten nemes­, een soort hoofddoek, zat over de pruik. Hij was wit met rode of blauwe strepen.

  3. Valse baard: Tijdens religieuze ceremoniën droegen vrouwelijke farao’s een baard als teken van hun status.

  4. Borstsieraden: Op de borst droeg de farao een kraag van gouden kettingen en platen en edelstenen, die naar haar beleidsterreinen verwezen.

  5. Dorsvlegel en staf: stonden voor de rol van de farao als tuchtiger én beschermer van het volk. 

  • Koninginnen gingen over lijken
    Als de vrouw van een farao niet zelf haar man kon opvolgen, kon ze er tenminste voor zorgen dat haar zoon op de troon kwam. Tiye, een van de vrouwen van Ramses III, nam geen halve maatregelen. Om haar zoon naar voren te schuiven organiseerde ze een samenzwering. Op een avond werd de 65-jarige Ramses in zijn paleis overmand en gedood.

    De coup verliep echter niet geheel volgens plan. Volgens documenten werden de samenzweerders opgepakt en door een rechtbank ter dood veroordeeld. Tiyes zoon Pentawer werd dan ook geen farao. 

  • ‘Eerste grote vrouw uit de geschiedenis’
    Hatsjepsoet was de meest vastberaden en avontuurlijke van de vrouwelijke farao’s. Onder haar 22-jarige bewind bloeiden de Egyptische handel en cultuur als nooit tevoren. Op haar initiatief ging er een vloot handelsschepen helemaal naar het ‘wierookland Punt’, waarschijnlijk het huidige Somalië, waar ze ivoor, goud en mirre vandaan haalden.

    De daadkrachtige farao schrok er ook niet voor terug om oorlog te voeren, bijvoorbeeld tegen de Nubiërs uit het zuiden. Daarnaast liet ze honderden tempels en andere bouwwerken overal in het land neerzetten. Ze wordt dan ook door velen de eerste grote vrouw uit de geschiedenis genoemd.

  • Cleopatra verloor emancipatiestrijd
    In 332 v.Chr. veroverde Alexander de Grote Egypte, waarmee de Griekse periode begon. In Griekenland hadden vrouwen geen noemenswaardige rechten, maar onder invloed van hun Egyptische zusters kregen Griekse vrouwen die naar Egypte kwamen steeds meer te zeggen.

  • Toen de Grieks-Macedonische Cleopatra in 51 v.Chr. de troon besteeg, vormden de Romeinen een bedreiging. Daarom sloot ze eerst een verbond met de legerleider Julius Caesar, en later met Marcus Antonius. Dat was echter vergeefs: Egypte werd veroverd door de Romeinen, en Cleopatra moest zelfmoord plegen. Daarmee was ze de laatste heerser van het oude, vrouwvriendelijke Egypte.  

Lees ook

B. Watterson: Women in Ancient Egypt, Amberley Publishing, 2013 Joyce Tyldesley: Daughters of Isis, Penguin Books, 1995. C. Graves-Brown: Dancing for Hathor,  Bloomsbury Academic, 2013.

Bekijk ook ...