De amazones stonden bekend om hun witte hoofdbanden, Europese geweren en woestheid.

© Bridgeman

Afrikaanse amazones gaven Fransen lik op stuk

De leden van de elitetroepen van het koninkrijk Dahomey waren agressief, genadeloos – en vrouw. De Franse heersers kregen snel respect voor de Afrikaanse amazones, die angst inboezemden door zware training – en gin.

6 juli 2018 door Søren Nordahl Friis

Schelle oorlogskreten doorbreken de ochtendrust bij de havenstad Cotonou in het huidige Benin. 

Op het grasveld voor de stad staan duizenden krijgers van de Dahomeystam. De 359 Franse soldaten in de stad stormen op de verdedigingsmuur af, en al snel regent het schoten op het veld.

De Fransen zijn verbluft als ze zien dat de voorhoede uit vrouwen bestaat. De zwarte amazones, zoals de Fransen ze noemen, hebben witte hoofdbanden en dragen musketten, kapmessen en bijlen. 

Terwijl de kogels hun om de oren suizen, rennen de vrouwelijke krijgers door het gras. Even later klimmen de lenige vrouwen over de vestingmuur.

De eerste verdediger die sneuvelt is een Franse sergeant, wiens hoofd daarna resoluut door een 16-jarige amazone afgehakt wordt. 

Een Franse schutter begaat een fatale fout door een gewonde vrouwelijke krijger slechts te ontwapenen. Ze werpt zich op hem en zet als een hongerige luipaard haar tanden in zijn hals, totdat een Franse bajonet een einde aan haar leven maakt.

Na een urenlange hevige strijd trekt het amazoneleger zich terug en laat 120 doden achter. De Fransen verliezen acht man en tellen 26 gewonden. De koloniale macht is geschokt. 

Hoewel de verliezen beperkt zijn, is het Dahomey-leger, aangevoerd door amazones, een geduchte tegenstander gebleken. De slag bij Cotonou in 1890 is de eerste grote slag van de Dahomey-oorlogen, zoals de Fransen ze noemen.

 Deze amazoneveteranen vochten voor koning Behanzin in de Dahomey-oorlogen.

© Unesco Photo Bank/Fortier

Van olifantenjagers tot krijgers

Het vrouwelijke korps werd midden 17e eeuw gevormd uit een kleine groep olifantenjagers, opgericht door de tweede koning van Dahomey, Wegbaja. De jagers werden gekozen uit de harem van de koning, die uit vele honderden vrouwen bestond. Hij maakte van zijn harem zijn persoonlijke beveiligingsdienst.

Omdat het leger van Dahomey begin 18e eeuw geen soldaten had om oorlog te voeren tegen rivaliserende stammen, werden de lijfwachten krijgers. 

In 1729 maakten de amazones hun debuut bij een slag tegen het Whydah-koninkrijk. Dahomey boekte een grote overwinning en vierde dat door 4000 hoofden van zijn vijanden op palen te zetten.

Het doel van de meeste oorlogen was echter om zo veel mogelijk mensen gevangen te nemen. Het koninkrijk deed goede zaken met Europese slavenhandelaren aan de kust. 

De amazones hadden altijd leren repen bij zich om hun verslagen tegenstanders vast te binden, zodat ze die met de Europeanen konden ruilen tegen geweren. 

Vuurwapens boden een enorm voordeel ten opzichte van de primitieve bewapening van de buurstammen. Zo konden ze makkelijk nog meer mensen vangen.

Deze werkwijze leverde veel op, het koninkrijk groeide snel en de vrouwen werden de speerpunt van het leger.

Driftige vrouwen vechten het best

Gin was een ander Europees product dat de vrouwen gebruikten. Wanneer de amazones op weg gingen om een slag te leveren, was hun kamp meestal bezaaid met ginflessen die ze hadden leeggedronken om zich op te warmen.

Alcohol was echter niet bepalend voor de strijdlust en oorlogskwaliteiten van de vrouwen. Zo trainden ze door het verwijderen van grote stapels samengevlochten doorntakken, die vijandige dorpen vaak gebruikten om zich te verdedigen.

De doorns maakten diepe wonden in de huid van aanvallers. Ook werden de amazones in hun eentje diep het oerwoud in gestuurd, waar ze negen dagen zonder wapens moesten zien te overleven. Zo kregen de amazones hun eigenschappen: snelheid, uithoudingsvermogen en een hoge pijngrens.

Als de vrouwelijke krijgers hun wreedheid wilden bewijzen, hoefden ze soms geen pijnlijke training te doorstaan, maar moest een levende stier het ontgelden. 

Onder een hypnotiserend gezang omsingelden de vrouwen het dier langzaam, waarna ze zich met scherpe oorlogskreten op de stier wierpen en hem levend vilden, uitsluitend met hun tanden en nagels.

De amazones werden door hun harde training de beste krijgers van het land en verdienden veel privileges. 

Ze woonden in de grote paleizen van de koning en stonden hoger dan mannen, op het slagveld én in de samenleving. Het waren bijna godinnen, en de mannen moesten diep voor hen buigen.

Koning Behanzin met een amazone en harem. Hij stierf in 1906 in ballingschap in Algerije.

© Bridgeman

Fransen verslaan Afrika’s beste leger

Zelfs de Fransen kregen respect voor de krijgervrouwen. Auguste Bouët, die een Franse missiepost in Dahomey leidde, stelde in 1851 met koloniale arrogantie vast:

‘Met zo’n ervaren leger als dat van Dahomey, als het tenminste naar Europees model getraind wordt door Franse officieren, kun je makkelijk het hele continent veroveren.’

Misschien had hij gelijk, want in die tijd hadden Afrikaanse stammen doorgaans geen leger. Bij oorlog verzamelden ze hun krijgers, vochten de slag uit en ontbonden het leger. Daarom was Dahomey met zijn staande leger al 200 jaar een grootmacht in de regio.

In 1884 verdeelden de Europese mogendheden Afrika. Frankrijk kreeg West-Afrika. De meeste andere lokale leiders wilden samenwerken met de Fransen, maar Dahomeykoning Behanzin wilde dat niet. 

De slag bij Cotonou was de eerste tussen de twee landen, en zeven maanden later ondertekende de koning noodgedwongen een vredesverdrag. Hij kon zich echter niet beheersen en viel het jaar daarop een Franse kanonneerboot aan. 

De Fransen verklaarden aan hem de oorlog, waarop Benanzin zei: ‘Eerst wist ik niet hoe ik oorlog tegen jullie moest voeren, maar nu weet ik het een stuk beter. Ik ben er helemaal klaar voor. Ik zal niet opgeven, al duurt het 100 jaar en kost het mij 20.000 krijgers.’

Maar de Fransen waren niet van plan om zo veel tijd aan de koppige koning en zijn amazones te besteden. Ze stuurden 2164 man op hem af. Na zeven weken was hij verslagen, en dat had 700 Franse soldaten het leven gekost. 

Het grootste deel van het 10.000 man tellende leger van Dahomey kwam om of verdween. Bij de 3000 vrouwelijke krijgers waren de verliezen relatief het grootst. 

Een vers uit een van hun strijdliederen legt uit waarom: ‘Wie uit de oorlog terugkeert zonder iets veroverd te hebben, moet sterven.’

Amazones gaven nooit op

De definitieve nederlaag tegen de Franse koloniale heersers maakte geen einde aan het verzet door de krijgervrouwen.

Regelmatig kwamen Franse officieren op geheimzinnige wijze om het leven in de armen van een lokale vrouw.

De amazones konden zich maar moeilijk aanpassen aan het civiele leven. Tot ver in de 20e eeuw sloegen gewezen amazones hun familieleden en anderen.

Sommigen waren het niet eens met de ondergeschikte rol van de vrouw in het huwelijk en bleven alleen.

De laatste vrouwelijke krijger stierf in 1979, 19 jaar nadat Dahomey zich had losgemaakt van Frankrijk.

De agressieve amazones behoorden tot de gevaarlijkste troepen van Afrika, maar ook de Romeinse gladiatoren waren van grote klasse. Daarom hebben we een artikel voor je opgediept over de 5 grootste gladiatoren.

Als je leeshonger dan nog steeds niet is gestild, kun je een abonnement op HISTORIA nemen om verder te lezen. 

Hier vind je mooie aanbiedingen.

Lees ook

Stanley B. Alpern: Amazons of Black Sparta, Hurst & Company, 1998. Hélène d’Almeida-Topor: Les amazones: une armée de femmes dans l’Afrique précoloniale, Editions
Rochevignes, 1984. W.J. Argyle: The Fon of Dahomey: a History and Ethnography of the Old Kingdom, Clarendon P., 1966.

Bekijk ook ...