Sommige onderzoekers menen dat de Spaanse griep werd verspreid door soldaten die van de Eerste Wereldoorlog terugkeerden. Velen hadden na de oorlog een zwak afweersysteem en waren vatbaar voor de ziekte.

Aspirine doodde zieke Amerikanen

Na de Eerste Wereldoorlog eiste een griepepidemie – de Spaanse griep – zijn tol en stierven er wereldwijd ruim 50 miljoen mensen.

Na de Eerste Wereldoorlog eiste een griepepidemie – de Spaanse griep – zijn tol en stierven er wereldwijd ruim 50 miljoen mensen. Nu blijkt dat ze niet alleen aan de griep overleden. Volgens een Amerikaanse arts overleden sommige besmette patiënten aan de aspirine waarmee ze werden behandeld.

Begin 20e eeuw werd aspirine beschouwd als een wondermiddel dat alles kon genezen. Foto: Ullstein Bild

Karen Starko, die het gebruik van aspirine tijdens de Spaanse griep in 1918 onderzocht, ontdekte dat de grootste vereniging van artsen in de VS aspirine beschouwde als een wondermiddel. Artsen werd dringend geadviseerd hun patiënten om de drie uur 1000 mg aspirine toe te dienen, dat wil zeggen zo'n 25 pillen per dag. Dat is twee keer de dosis die een arts nu veilig acht.

Het gebruik van aspirine was destijds ook al omstreden. Een Amerikaanse patholoog meende dat de bloederige vloeistof die hij in de longen van sommige patiënten aantrof, niet door het griepvirus kon zijn veroorzaakt. Tegenwoordig weten artsen dat aspirine in te grote doses een schadelijke werking kan hebben.

Karen Starko hoopt dat verder onderzoek kan aantonen hoeveel levens aspirine destijds heeft gekost.

Bekijk ook ...