De Amerikaanse viceadmiraal William Blandy (l) en zijn vrouw vieren in 1946 de eerste kernproeven. In de 50 jaar die volgden zouden de VS meer dan duizend kernwapens testen.

© Getty Images & Getty/AOP

7 kernexplosies die de wereld schokten

De Russen testten hun kernarsenaal op nomaden in Kazachstan en de Amerikanen wilden met behulp van waterstofbommen een nieuw Panamakanaal graven. In de Koude Oorlog ontwikkelden atoombommen zich van levensgevaarlijke wapens tot speeltjes van machthebbers.

6 april 2018 door Kasper Schlie & Niels-Peter Granzow Busch

1. 67 bommen op tropisch paradijs

Op een zondagmiddag in februari 1946 riep Ben Wyatt, militair gouverneur van de VS, de bevolking van het Bikini-atol in de Stille Oceaan bij elkaar. 

Hij wilde weten of de 167 eilandbewoners een tijdje wilden verhuizen, zodat de VS op hun woonplek kernwapens konden testen ‘ten behoeve van de mensheid’. 

Na enig nadenken stemden de overrompelde eilanders, die vrijwel niets van atoomwapens wisten, toe.

Terwijl de bevolking geëvacueerd werd, voeren de Amerikanen met 95 afgedankte schepen naar de prachtige eilanden. In de schepen zaten 5400 varkens, geiten en ratten, waarop de effecten van radioactiviteit zouden worden getest. 

In juli 1946 kon het stamhoofd van de eilanden toekijken hoe de kernbommen Able en Baker zuilen van kokendheet radioactief water kilometers de lucht in spoten. 

Negen schepen zonken, en er daalde nucleaire fall-out op Bikini neer.

Tot 1958 bombardeerden de VS de Marshalleilanden, waar Bikini deel van uitmaakt, 67 keer – wat gelijkstaat aan 7000 bommen op Hiroshima. 

Tot op de dag van vandaag zijn de voorheen paradijselijke eilanden onbewoonbaar. 

2. Monsterbom was 3300 keer zo krachtig als bom op Hiroshima

Op de ochtend van 30 oktober 1961 werd de hemel ten noorden van de poolcirkel fel verlicht. Meteen daarna rees er een bijna 60 kilometer hoge paddenstoelwolk op. 

Een paar minuten later versplinterden in dorpjes in Noord-Noorwegen – 900 kilometer verderop – de ramen door een drukgolf die drie keer om de aarde ging. 

De Sovjet-Unie had even daarvoor de grootste bom in de geschiedenis tot ontploffing gebracht – de Tsar Bomba. De ontploffingskracht was 10 keer groter dan die van alle in de Tweede Wereldoorlog afgeworpen bommen bij elkaar.

De Sovjet-Unie en de VS maakten zich al langer zorgen over het probleem dat veel van hun bommenwerpers het doelwit nooit zouden bereiken. 

Daarom bedachten de Russen dat de vliegtuigen die wel aankwamen een zo groot mogelijk wapen moesten hebben. In eerste instantie zetten ze in op een bom met een ontploffingskracht van 100 megaton – 6600 keer de bom op Hiroshima. 

Maar omdat de fall-out van de test in dat geval te groot zou zijn, stelden ze hun ideeën bij. Bovendien wist niemand of de aarde zo’n explosie wel aankon.

En dus werd het een bom die half zo krachtig was. Het kernwapen werd aan een parachute uit een vliegtuig geworpen en ontplofte vier kilometer boven de grond. 

De explosie was zo krachtig dat de bommenwerper 32 kilometer verder een vrije val maakte van 800 meter.

De Russische Tsar Bomba verkreeg zijn energie van waterstofisotopen die door een kernbom werden samengesmolten.

© SPL/Scanpix

3. Een kanaal graven met bommen

Na een paar monsterlijke kernproeven besefte het Amerikaanse leger dat de kernbom enige reputatieschade had opgelopen. 

Onder leiding van de vader van de waterstofbom, de natuurkundige Edward Teller, werd Operation Plowshare georganiseerd. 

Het project had tot doel de angstaanjagende krachten van de kernbom te gebruiken voor vreedzame doeleinden. De nobele gedachte leidde echter tot de meest bizarre voorstellen.

Teller barstte van de wilde ideeën. Zo wilde hij waterstofbommen gebruiken om olie en gas te winnen, om de loop van rivieren te veranderen en om complete bergen op te blazen ten behoeve van de wegenbouw. 

Maar zijn voorstel om een nieuw Panamakanaal te graven met behulp van 302 waterstofbommen, sloeg alles. 

De regering van Panama wees het idee vriendelijk maar beslist van de hand. Meer succes had Teller met een plan om een haven in Alaska op te blazen. 

Diverse politici uit Alaska waren voor, maar de lokale bevolking protesteerde hevig.

Meest vervuilende kernproef van VS

In het kader van Operation Plowshare deden Teller en zijn team enkele tests. Een van de grootste, Sedan, vond plaats in 1962 in de woestijn van Nevada. 

Het team bracht een kernbom diep onder de grond tot ontploffing. Het resultaat was een 100 meter diepe krater – en een vier kilometer hoge fontein met 12 miljoen ton zand. 

Nog weken daarna regende het radioactief zand in verschillende Amerikaanse staten. Het was een van de meest vervuilende kernproeven in de geschiedenis van de Verenigde Staten.

In totaal deden Teller en zijn mannen 27 kernproeven. De wetenschapper slaagde er wel in gas te winnen in New Mexico, maar het product was dermate radioactief dat niemand het wilde kopen.

4. Een 100 meter diep atoommeer

In navolging van de VS begon ook de Sovjet-Unie met vreedzame kernexplosies. Net als hun rivalen richtten de Russen zich in eerste instantie op graafprojecten met de krachtige waterstofbommen.

Traditiegetrouw was Kazachstan de klos bij de experimenten. Om het vermogen van de bom te testen besloot Efrim Slavskiy, leider van het Russische atoomprogramma, in 1965 een enorm gat te slaan in de drooggevallen bedding van de rivier de Chagan en zo een meer te maken.

De bom met een kracht van 140 kiloton sloeg een 100 meter diepe krater met een diameter van 400 meter. Het gat werd gevuld met grondwater: ‘Het water in dit meer, dat door een kernbom is
gemaakt, is ongevaarlijk voor de mens,’ aldus een propagandafilm waarin Slavskiy vrolijk rondzwom in het radioactieve water.

Tussen 1965 en 1989 deden de Russen in totaal 116 kernproeven in het kader van civiele bouw- en onderzoeksprojecten.

Het Chaganmeer in Kazachstan is nog steeds sterk radioactief vervuild. 

© Tahar Dar

5. Amerikanen wilden de maan bombarderen

In 1957 bracht de Sovjet-Unie de eerste kunstmatige satelliet in een baan om de aarde – de Spoetnik 1. 

Dat konden de Amerikanen niet op zich laten zitten, en daarom besloten ze een waterstofbom op de maan te gooien.

De bom moest zo krachtig zijn dat het licht van de explosie op aarde te zien was. Dat zou het moreel van de Amerikaanse bevolking een boost geven. 

Het project, A119 genaamd, werd echter afgeblazen omdat het risico te groot was. 

Als de raket ook maar iets uit koers zou raken, kon het zwaartekrachtveld van de maan de bom terugslingeren naar de aarde.

6. North Carolina was er bijna niet meer geweest

Experts noemen het ‘het ernstigste ongeluk in de militaire geschiedenis’. In het kader van de permanente verdediging van de VS had het land 24 uur per dag bommenwerpers met kernwapens in de lucht. 

Een daarvan stortte op 24 januari 1961 brandend neer in North Carolina nadat een poging om het vliegtuig in de lucht bij te tanken was mislukt. 

Voordat het neerkwam, maakten twee Mark 39-waterstofbommen – elk met een ontploffingskracht van vier megaton ofwel vier miljoen ton TNT-equivalent – zich los van het vliegtuig.

Het ene wapen raakte de aarde met 1100 kilometer per uur en groef zich 23 meter de grond in zonder te ontploffen. 

Het andere daalde aan een parachute neer, maar was veel gevaarlijker. Drie van de vier veiligheidsschakelaars faalden. 

Slechts één schakelaartje van een paar dollar voorkwam een explosie die 260 keer krachtiger zou zijn geweest dan die in Hiroshima. 

Pas in 2013 werd bekendgemaakt dat de VS destijds op het nippertje aan een kernramp zijn ontsnapt. 

Terwijl de bommenwerper neerstortte, zweefde de bom aan een parachute omlaag. Slechts één schakelaartje voorkwam een ramp.

© Corbis/Polfoto & U.S. Air Force

7. Lichtshow boven Hawaï

Op 9 juli 1962 zagen de inwoners van Hawaï een bijzonder schouwspel aan de nachtelijke hemel. 

Hoewel het op dat moment bewolkt was, lichtte er in de verte opeens een felle zon op. 

De bal van licht verkleurde snel van wit via groen naar lila, totdat de horizon over de gehele breedte een rode kleur aannam, en witte regenbogen de lucht sierden.

De eilandbewoners hallucineerden niet en kregen ook geen bezoek van aliens. 

De oorzaak van de lichtshow was nog veel angstaanjagender: de VS hadden zojuist de eerste waterstofbom in de ruimte laten ontploffen, en het resultaat was veel heftiger dan ze hadden verwacht. 

Starfish Prime, zoals het project heette, had zulke catastrofale gevolgen dat de Amerikanen nooit meer zo’n krachtig kernwapen in de ruimte durfden testen.

Kleine kernbommen volstaan niet

De Amerikanen vroegen zich al enige tijd af of de Russen hun intercontinentale raketten zouden kunnen vernietigen met behulp van een kernbom in de ruimte. 

Zelf hadden ze hoog in de atmosfeer kleinere atoombommen tot ontploffing gebracht, maar zonder aansprekend resultaat. 

Daarom besloten ze op 400 kilometer hoogte een waterstofbom met een ontploffingskracht van 1,4 megaton TNT te detoneren. De hel brak los.

Naast de griezelige lichtshow creëerde de bom ook een elektromagnetische puls (EMP), een plotselinge ontlading van energie en gammastraling, die veel krachtiger was dan voorzien. 

Daardoor werd een derde van alle satellieten die op dat moment om de aarde draaiden –
Russische en Amerikaanse – vernietigd. 

En zelfs op 1500 kilometer afstand, in Hawaï, vielen radio’s en straatlantarens uit.

De zeer verontwaardigde Russen eisten kort daarna een verbod op verdere ontploffingen in de ruimte.

Lees ook

Rudolph Herzog: A Short History of Nuclear Folly, Melville House, 2013. Richard Rhodes: Arsenals of Folly, Simon & Schuster, 2007. Eric Schlosser: Command and Control, Allen Lane, 2013. 

Bekijk ook ...